De lange weg van Syrië naar Saumur

Herverdeling De overplaatsing van vluchtelingen vanuit kampen in Griekenland en Italië komt moeizaam van de grond. Ook voor vluchtelingen die hun vinger opsteken, ervaart de Syrische student Ali Mhawass.

23 april 2016

Arm in arm met een Griekse vrijwilligster zwiert Ali Mhawass over de betonvloer van het vluchtelingenkamp in Myrsini, West-Griekenland. "Dit is helemaal niet moeilijk. Deze Griekse dans lijkt heel erg op een Koerdische", zegt hij opgetogen als ze even stilhouden. "Kijk, zo doen wij het", vervolgt hij. De Griekse voegt zonder enig probleem in.

Twee weken zit Ali nu in Myrsini. Gisteren kreeg hij een telefoontje van de Franse ambassade in Athene. Overmorgen heeft hij een selectiegesprek. "Dus misschien ga ik naar Frankrijk. Had ik nu maar beter opgelet bij Franse les op school. Niemand spreekt daar Engels, toch?"

Op 2 maart is de 19-jarige Syriër de grens met Turkije overgestoken, vertelt hij even later, op een stoel voor een van de voormalige vakantiehuisjes waarin de vluchtelingen zijn ondergebracht. Ruim een jaar eerder had de student werktuigbouwkunde de hoofdstad Damascus ontvlucht om in het Koerdische deel werk te zoeken. Toen hij niet meer rond kon komen als ober en schoonmaker, besloot hij via Irak te vluchten naar Turkije, zonder vrienden of familie. Zijn broer was al een maand of vijf daarvoor naar Duitsland afgereisd. Vader, moeder en twee zussen bleven achter in Damascus.

In Turkije komt hij in een sporthal terecht, met nog zo'n 3000 anderen. De situatie is niet best. "Er waren niet eens lakens. We sliepen op de grond. Er was één wc. Ik ging om 3 uur 's nachts, dan hoefde je maar twintig minuten te wachten. Om 11 uur 's ochtends duurde de rij anderhalf uur." Veilig voelt Ali zich ook niet echt, midden in het gebied waar een oorlog tussen de Turkse staat en de Koerdische bewoners woedt. "Ons werd meteen duidelijk gemaakt: Koerden accepteren we niet. 's Nachts was het ijskoud en hoorden we voortdurend beschietingen en inslagen."

Na twee weken komt hij via de stad Van terecht in Izmir, aan de westkust. Daar koopt hij bij een smokkelaar voor 600 euro een plaats op een rubberboot naar het Griekse eiland Samos. Het is dan 18 maart - de dag dat de Europese Unie en Turkije overeenkomen dat Syrische vluchtelingen die vanaf 20 maart in Griekenland aankomen in principe worden teruggestuurd. Macedonië houdt zijn grens dan al negen dagen op slot, waardoor aan de Griekse kant duizenden vluchtelingen stranden.

Vlak voor zijn overtocht hoort Ali in Izmir al over het EU-hervestigingsprogramma. "Ik dacht meteen: daar ga ik me voor opgeven. Het heeft geen zin om bij een dichte grens te gaan zitten, die gaat toch niet meer open."

Na aankomst in Samos vraagt Ali bij vrijwilligers en de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR naar het programma. Hij moet zich bij het plaatselijke kantoor van de Griekse asieldienst melden. "Ik gaf m'n gegevens en mocht acht EU-landen invullen, in volgorde van voorkeur. Duitsland zette ik natuurlijk bovenaan, omdat daar mijn broer al zit. Ze zeiden dat ze zouden bellen voor een afspraak.

"Van de vrienden die ik onderweg had gemaakt, was niemand geïnteresseerd. Ze wilden allemaal naar Duitsland. Bij het hervestigingsprogramma kun je niet kiezen waar je terechtkomt. Ik zei: Wat maakt dat nou uit? Als je maar een normaal leven kunt leiden. Bovendien was de grens dus dicht. Maar ik kon ze niet overtuigen."

Ali krijgt te horen dat hij een boot naar Athene moet nemen om daar de procedure af te wachten. Dat vindt hij wel jammer. "Samos is mooi. En iedereen was er zo aardig. De bevolking, de vrijwilligers... In Piraeus, de haven bij Athene, was helemaal geen opvang. Ik kwam in een tentje in de haven terecht. Na een week of twee kwamen er bussen voorrijden voor het kamp hier, in Myrsini. Eigenlijk mochten daar alleen gezinnen met kinderen in. Maar ik zei gewoon dat ik ook meeging." Ali begint te lachen. "Ik zie er jong uit, misschien hielp dat."

24 april

Een bevriende journalist die Ali ook in Myrsini heeft ontmoet, belt. "Ali is in Piraeus aangekomen. Zijn gesprek is morgen, er is geen opvang geregeld en ze mogen het tentenkamp niet in", zegt ze kalm. "Zullen we ze samen een hotelkamer aanbieden? Ik heb op Facebook een hotel gevonden waar vaker vluchtelingen slapen. Ik zit met een deadline, kun jij gaan?"

Op de trap voor de receptie oogt Ali leeg en vermoeid, compleet anders dan de vrolijke jongen van gisteren. "Ik heb het gevraagd aan hulporganisaties, de politie, de bewakers. Maar niemand kan ons helpen, we mogen niet in een tentje in de haven. Pas vanaf morgen is er opvang voor ons." Ali bedankt duizend keer, ook namens de familie die met hem meegereisd is en ook een uitnodiging van de Franse ambassade heeft. Ali fungeert als hun tolk.

"Weet jij een kerk in de buurt? Mijn vriend en ik willen graag bidden", schrijft hij even later in een berichtje via Facebook Messenger. "Het maakt niet uit dat er geen moskee is. Kerk of moskee, beide zijn plaatsen om te bidden. Ik ben sowieso niet zo religieus. Sorry trouwens als ik er dronken of high uitzag vandaag. Maar er is nogal veel gebeurd in een korte tijd. Bon suare."

25 april (via Messenger)

"De gesprekken gingen goed. Ze bellen me binnenkort terug. Maar er was een probleem. Ik had gehoord dat er vanaf nu, na het gesprek, een slaapplek zou zijn, maar dat is niet zo. De Franse ambassade kon niet helpen, het was niet hun probleem, zeiden ze.

Ik ben met mijn tent naar Piraeus gegaan, maar werd weer weggestuurd. En ik mag ook niet naar een ander kamp, omdat ik een stempel van Myrsini op mijn papieren heb. En Myrsini is uren ver weg. Uiteindelijk kan ik gelukkig nog een nacht in het hotel blijven. Een vrouw met zeven kinderen heeft me geholpen; ik denk dat haar man geld gestuurd heeft. Morgen zie ik wel verder."

26 april (via Messenger)

"Ik ben de hele dag weer bij allerlei hulporganisaties geweest. Niemand die iets kon doen. Nu ben ik alsnog het tentenkamp in Piraeus ingekomen. Het is half legaal denk ik. Ik ben zo moe. Als het goed is heb ik de volgende afspraak bij de Franse ambassade binnen drie weken."

1 mei (via Messenger)

"Vrolijk Pasen! Vanuit de haven konden we het vuurwerk zien. Het was geweldig. Maar we konden niet weg uit het kamp om te gaan kijken, het was te laat. Ik heb hier niets te doen, behalve zitten, de hele dag."

8 mei

"O, ik wist niet dat Athene een kasteel heeft?", zegt Ali verrast. Hij komt net metrostation Monastiraki uitgelopen, het plein op, midden in het toeristische hart van Athene. De Acropolis torent er pontificaal bovenuit. Het is voor Ali de eerste keer in het centrum. Hij draagt een hippe zwarte bril, zijn haar is strak in model gekamd, de bovenste twee knoopjes van zijn blauw-groen geblokte overhemd staan nonchalant open.

Ali nipt af en toe aan zijn dubbele espresso, terwijl hij vertelt over de gesprekken bij de ambassade. "Ze duurden samen vier uur. Ze wilden heel gedetailleerd weten waar ik de laatste jaren gewoond had in Syrië, wat de veiligheidssituatie was. Of ik weet hoe je een machinegeweer gebruikt en of ik dat weleens heb gedaan. Als je hebt gevochten, sturen ze je weg. Ze vroegen ook wat ik van de islam vind. Ik ben niet heel religieus, heb ik gezegd, maar het is wel mijn godsdienst." Hij kijkt om zich heen naar de jongeren op het dakterras. "Ze wilden ook weten of ik samen zou kunnen wonen met een vrouw zonder eerst te trouwen. En of ik seks zou kunnen hebben met een Française. 'Als je kunt kiezen tussen een Française en een gesluierde vrouw, voor wie zou je dan gaan?' Wat zijn dat voor vragen? Ik heb gezegd dat ook onder sluiers mooie vrouwen verborgen kunnen zitten."

13 mei (via Messenger)

"De Franse ambassade heeft gebeld. Ik krijg mijn ticket op de 18de, tijdens een afspraak met de Griekse asieldienst. Ook heb ik dan een gesprek voor een bed in een hotel. Ik ben zo blij!"

18 mei (via Messenger)

"Ik had een afspraak om vier uur 's middags. Om acht uur werd ik eindelijk geholpen. Grieken zijn zo traag. En ze vroegen alleen maar: 'Verklaar je hierbij dat je ermee akkoord bent dat je naar Frankrijk gaat?' Natuurlijk zei ik 'ja'. Toen kreeg ik een stempel en dat was dat."

26 mei (via Messenger)

"We hadden vandaag een informatiebijeenkomst. We kregen algemene informatie over Frankrijk. Over de geschiedenis maar bijvoorbeeld ook over vrouwenrechten. Dat had ik allemaal al op internet gevonden. En ik heb wat woordjes geleerd. Begroetingen, 'fromage' is kaas, 'pain' is brood. En ze hebben gezegd dat ik naar Saumur ga. Ik heb het opgezocht op internet, het stadje heeft een kasteel en ziet er prachtig uit! En het is toeristisch, dus misschien spreken ze een beetje Engels. Het zal drie tot tien maanden duren voor ik weet of ik definitief een vluchtelingenstatus krijg. Dan pas weet ik of ik verder kan studeren. Ik weet alleen nog steeds niet wanneer ik naar Frankrijk vlieg. En hier zit ik eindelijk in een hotel!"

14 juni

Om half tien 's avonds staat Ali voor hotel King Jason in het centrum van Athene. Het stond na een faillissement al een paar jaar leeg, nu huisvest het enkele honderden vluchtelingen. Buitenstaanders mogen er niet in. "Over een paar uur vlieg ik naar Frankrijk. Ik heb vannacht niet geslapen van de opwinding", vertelt hij op een terras verderop. Hij kan bijna niet geloven dat hij, drieënhalve maand na het begin van zijn vlucht, eindelijk weer een huis zal hebben.

Ali beseft dat hij de juiste keuze gemaakt heeft door zich aan te melden. Syrische vrienden zitten nog steeds in kampen in Noord-Griekenland. Hun procedure gaat nog maanden duren. Hij weet ook dat hij geluk gehad heeft. In het hotel heeft hij mensen leren kennen die zijn geselecteerd door Roemenië en daarover klagen. "Maar ja, Roemenië is een veilig land. Voor mij is het belangrijkste dat ik mijn studie af kan maken. Zodra het kan, wil ik terug naar Syrië."

Ali vindt het lastig in te schatten wat hem morgen te wachten staat. "Ik ben bang dat de Fransen niet op me zitten te wachten. Na de aanslagen in Parijs en Brussel, en nu in Orlando. Wat heb ik met die idioten te maken? Maar misschien kijken de Fransen mij er wel op aan."

Ook heeft hij gehoord dat de Fransen nogal koel kunnen zijn. In Griekenland is dat anders. "Grieken zijn als Koerden. Hartelijk. Chaotisch. Ze houden van feestvieren. Ik heb geen geld, maar ga toch vaak met vrienden naar een bar. Als ik hier een baan kon vinden, zou ik hier blijven.

Iedereen is geïnteresseerd als ik zeg dat ik uit Syrië kom. Ze zijn wel altijd verbaasd als ik zeg dat ik thuis internet had. 'Ik heb geen kameel en woon niet in de woestijn', zeg ik dan, haha. Sommigen kunnen dat nauwelijks geloven." Ali gaat Athene missen, zegt hij als de bewaker hem het hotel binnenlaat. Hij gaat zijn koffer pakken. Over twee uur komt de bus voorrijden.

16 juni (via Messenger)

"Hey! Ik ben in Saumur. Ik zit in een huis. De stad is geweldig, de mensen aardig. Ik ben erg moe van de reis, maar het gaat alweer beter."

Hervestigingsprogramma verloopt traag

In september vorig jaar besloot de EU dat de lidstaten binnen twee jaar 160.000 vluchtelingen uit Griekenland en Italië opnemen. De uitvoering van het programma verloopt naar de mening van de Europese Commissie te traag. Tot 14 juni hadden de EU-landen in totaal slechts 2280 vluchtelingen via dit programma opgenomen, terwijl 6000 per maand de bedoeling was.

De EC verwijt de lidstaten dat ze te traag zijn. Sommige landen, zoals Hongarije, weigeren mee te werken aan het programma. Frankrijk heeft met 735 migranten de meeste vluchtelingen van Griekenland en Italië overgenomen; daarna volgen Portugal (379), Finland (329) en Nederland (275). In Griekenland wachten nog zo'n 50.000 vluchtelingen in kampen op hun procedure.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden