De laatste schreeuw van 'de Condor'

Het leek wel een scène uit een slechte b-film, toen de 31-jarige Kevin Mitnick, 's werelds bekendste computerkraker, vorige week in de Amerikaanse stad Raleigh, North Carolina, door de FBI werd gearresteerd. Volgens de Amerikaanse pers zat hij net aan de telefoon te overleggen met zijn advocaat, toen het FBI-team om half twee in de ochtend zijn huis omsingelde en Mitnick, beter bekend als 'de Condor', van zijn bed lichtte.

De arrestatie was het resultaat van een twee weken durende klopjacht in cyberspace op de meester-hacker, die sinds 1991 werd gezocht wegens computerinbraak en -fraude. Alleen met behulp van een top-specialist, de computerbeveiligingsexpert Tsutomu Shimomura van het San Diego Supercomputer Centre, wist de FBI de ongrijpbare inbreker te overmeesteren. Mitnick vatte zijn verlies sportief op. Bij zijn arrestatie feliciteerde hij Shimomura met de woorden: 'Hello Tsutomu, I respect your skills'. In het ergste geval staat Mitnick, die wordt verdacht van het ontvreemden van vitale informatie uit computerbestanden ter waarde van 'miljoenen dollars' en van 20.000 creditcardnummers, een gevangenisstraf van 35 jaar te wachten.

In hackerskringen is de naam Kevin Mitnick een begrip. “Hij is absoluut de cream of the cream”, zegt Rop Gonggrijp van de Nederlandse Internet-provider XS4all en zelf hacker van het eerste uur. Eind jaren zeventig verwierf Mitnick zijn status, doordat hij als zestienjarige wist door te dringen tot het beveiligingssysteem van het North American Air Defense Command. Die actie stond later model voor de speelfilm 'War Games', waarin een whizkid bijna een derde wereldoorlog veroorzaakt door het waarschuwingssysteem van het Pentagon te kraken.

Mitnicks fascinatie voor computers begon al op jonge leeftijd. Als leerling brak hij al in in het computersysteem van zijn school om zijn eigen rapportcijfers te controleren. Samen met een groepje Phone Phreaks uit de buurt rond Los Angeles wist hij zich toegang te verschaffen tot het lokale telefoonnet, waardoor hij niet alleen gratis kon bellen, maar ook telefoonlijnen van beroemde filmsterren kon afluisteren. Als fan van Robert Redford adopteerde hij de codenaam 'Condor', naar de gelijknamige film 'Three days of the condor' van Sydney Pollack, waarin Redford de rol speelt van een op de vlucht geslagen medewerker van de Amerikaanse inlichtingendienst.

Wat begon als een onschuldig spelletje liep al snel uit de hand. “Mitnicks kennis op het gebied van computers en telefonie werd al snel zo groot, dat hij meer wist dan menigeen bij Bell Labs (het researchcentrum van AT & T, red.)”, zegt New York Times-verslaggever John Markoff, die Mitnick al jaren op de voet volgt en zelfs een boek over hem schreef ('Cyberpunk, outlaws and hackers on the computer frontier').

Toen Mitnick in 1981 via zijn PC de computerhandleidingen van Pacific Bell wist te ontvreemden, liep hij tegen de lamp. Een oude hackervriend verraadde hem. Hij werd gearresteerd, maar als minderjarige weer vrijgelaten op proefverlof. Een jaar later volgde een tweede arrestatie. Dit keer ging het om een computerkraak op de Universiteit van South Californië.

Tijdens een computerklas had Mitnick inmiddels Bonnie Vitello ontmoet, een oudere vrouw met wie hij trouwde, maar dat huwelijk mocht niet lang duren. In 1988 werd hij voor de derde maal gearresteerd en veroordeeld tot een jaar gevangenisstraf wegens inbraken bij het telecombedrijf MCI en het computerbedrijf Digital Equipment Corporation, waar hij voor vier miljoen dollar schade zou hebben aangericht. Tijdens de rechtszitting vergeleek de rechter zijn obsessieve hackgedrag met dat van een drugsverslaafde. Mitnick moest verplicht 'afkicken' en ging in therapie.

Harriet Rosetto, Mitnicks therapeut, omschrijft hem als een sociaal geïsoleerd persoon. “Wat ik zie, is een treurige, eenzame, boze jongen. Dat hij nu wordt afgeschilderd als staatsvijand nummer 1 is belachelijk. Ik denk dat hij, als hij de kans had gehad, zich zeker zou hebben aangepast aan de maatschappij.”

GEBROKEN GEZINNEN In de Amerikaanse media wordt inmiddels druk gespeculeerd over de psychologische achtergronden van het hacken. Hackers zouden, volgens het blad Time, net als Kevin Mitnick vaak afkomstig zijn uit gebroken gezinnen en als kind al vroeg aan hun lot zijn overgelaten, waardoor ze ongemerkt in een eigen fantasiewereld zijn gaan leven.

Journalist Markoff ziet Mitnick eerder als 'het archetype van de dark-side computer hacker, een echte anti-held'. Geobsedeerd door de macht van computers en lijdend aan een milde vorm van grootheidswaan. Volgens Markoff ontleent de hacker zijn eigenwaarde aan zijn superioriteit over welk computersysteem dan ook. “Kevin komt dicht in de buurt van het cyberpunk-idee van de 'computer cowboy', die buiten de wet leeft”, schrijft Markoff.

In werkelijkheid is Kevin Mitnick echter een rustige, onopvallende jongen met peper en zout-kleurig haar en een bril. Niemand in zijn omgeving had dan ook een vermoeden dat hij een dubbelleven leidde als hacker. Tot aan zijn arrestatie leefde Mitnick, die als coverup een baantje had in het ziekenhuis in Raleigh, overdag het leven van een gewone burgerman. Dat hij zijn avonden en nachten doorbracht met het leegroven van databestanden kon niemand zich voorstellen. Zijn collega's in het ziekenhuis waren dan ook stomverbaasd toen ze hoorden dat de stille, ietwat teruggetrokken jongen een door de FBI gezochte 'computerrorist' bleek te zijn.

Rop Gonggrijp, een persoonlijke vriend van Mitnick, vindt de hele hype rond Mitnicks arrestatie tamelijk overdreven. “Er is inmiddels een hele mythe ontstaan rond zijn persoon. De Kevin die ik ken is een hele aardige, sociale en gewone jongen. Zeker geen staatsgevaarlijke misdadiger. Kevin hackte niet om er beter van te worden, maar alleen om te kijken hoe ver hij kon gaan, wat ook blijkt uit het feit dat hij zijn illegaal verkregen informatie nooit te gelde heeft gemaakt. Zelfs met de 20.000 creditcardnummers heeft hij niets gedaan.”

Vrienden van de hacker prijzen vooral zijn grote gevoel voor humor. Gonggrijp: “Kevin hield van practical jokes en ging daarin heel ver. Op allerlei manieren wist hij informatie los te krijgen van mensen. Als hij bij een bedrijf was binnengedrongen belde hij ze vervolgens zelf op en gaf zich uit voor FBI-agent. 'We willen u waarschuwen', zei hij dan. 'Volgens onze gegevens zit er een gevaarlijke hacker in uw systeem.' Meestal begonnen ze dan uit zichzelf te praten en te vertellen hoeveel ze van hem afwisten.”

De afgelopen drie jaar was Mitnick voortdurend op de vlucht. Hij wisselde verschillende malen van identiteit en woonplaats, maar bleef vanuit zijn schuilplaatsen steeds als hacker actief. Contact met zijn vrienden onderhield hij via het Internet. John Markoff stond nog regelmatig met hem in contact, doordat Mitnick in zijn e-mailsysteem op de krant binnendrong. De afgelopen maanden dook Mitnick plotseling op in het computersysteem van de WELL, een relatief kleine, maar vooraanstaande computergemeenschap ten zuiden van San Fransisco. Daar struinde hij niet alleen rond in persoonlijke bestanden, maar opende hij ook ongemerkt eigen files, waarin hij gestolen computerbestanden kon deponeren.

OORLOGSVERKLARING Waarschijnlijk zou de meesterhacker nu nog vrij rondlopen, als hij niet op een fatale kerstdag op het onzalige idee was gekomen om een van de best beveiligde computers in Amerika te kraken, die van beveiligingsexpert Shimomura. Mitnick zag het als een uitdaging. In Shimomura's voice mail-systeem liet hij zijn oorlogsverklaring achter: 'My technique is the best. My style is much better. Don't you know who I am?'

Toen Shimomura ontdekte wat er gebeurd was, stapte hij naar de FBI. Een klopjacht, waarbij Shimomura en de FBI uiteindelijk met een frequentie-detector door de wijken van Raleigh rondreden om signalen van Mitnicks draagbare telefoon te onderscheppen, was het gevolg. Volgens sommigen wìlde Mitnick gepakt worden. “Hij daagde net zolang uit totdat hij tegen de lamp liep”, zegt een vriend. “Misschien was het een schreeuw om aandacht.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden