Column

De laatste dus...

Beeld anp

MART SMEETS Na 35 jaar trouwe dienst schrijft Mart Smeets zijn laatste column. Hij eindigt met een optimistische blik. "Sport is het waard goed beschreven te worden door mensen die daar gevoel voor hebben."

Graag wil ik met een optimistische blik eindigen. Een blik vooruit, weg van al het gedoe, het bedriegen en liegen en alles wat daar tussenin huist en langzaam 'normaal'gevonden gaat worden. Waarom dat zo gaat, weet ik niet.

Afgelopen weekend vonden atletiekwedstrijden in Londen plaats, uitgezonden in volle glorie door de BBC. Het was een jaar na de gelukzalige Games van Londen, waarin de sportwereld tenminste weer de voeten op aarde kreeg en op wat merkwaardige ontsporingen na, weer sport werd zoals sport ooit bedoeld was.

En dat is? De een rent harder dan de ander, de ander roeit sneller dan de een, er is competitie, je geeft elkaar een hand, je doet je uiterste best, speelt het spel volgens de regels en er komen winnaars (weinig) en verliezers (veel) en je geeft elkaar weer een hand.

Dat hoort ook zo te zijn. In Peking zei mijn olympisch optredende zoon me, in een oprisping van glorie: "Pap, weet je dat het olympisch dorp behalve een pakhuis aan superbe sporters tegelijkertijd een verzameling verliezers is waar je gek van wordt."

Sport is heerlijk om te beoefenen, wat je ook doet. Winnaars hebben vaak gelijk en valsspelers dien je voor heel lang of altijd op hun nummer te zetten. Sport verenigt en ontroert en zet ook mensen aan tot heel slechte gedachten en acties. Sport trekt toeschouwers en die lieden kunnen in de ban raken van wat ze zien.

Als die chemie ontstaat (en ik heb dat een aantal malen in mijn leven meegemaakt), is dat een geschenk uit de hemel.

Mensen die sport afwijzen als een gemeenplaats van slechte lieden, krampachtige gedachten en onbegrip, laat ik in hun waan. Have fun met wat u denkt of denkt te weten.

Ik heb vanaf de vroege jaren zestig in de topsport gezeten en ben er diep in onder gedompeld. Ik ben erin verzopen en ik ben belazerd, verbaasd en er overgelukkig en doodziek in geworden. Ik zag verlies en winst in diverse accolades door elkaar kringelen en begreep veel.

In Londen 2012 kwam de menselijke maat ineens weer eens boven. Mensen die daar geweest zijn, kunnen het beamen en hebben het nog in hun systeem hangen. Ik was er van euforisch tot ernstig in de war en teleurgesteld en op het einde voelde ik me totaal vrij. Mijn laatste olympische (zomer)klus was de basketbalfinale USA-Spanje en alles wat daarna gebeurde. Glorie en halleluja. Het kon dus, zag ik met eigen ogen. De spelende mens in zijn grootste competitie, in de zwaarste beproeving die een sportend mens kent, kon dus een einde meemaken zoals daar in Londen. We dansten met rode koppen en natte haren de avondlucht in; zelden had ik me prettiger gevoeld dan toen.

Superbe sport, tot in de diepste diepten van de betrokken spelers uitgevoerd op een prachtig toneel en daarna de swingende, zingende en klappende zaal vol mensen; spelers, scheidsrechters, bobo's, publiek... alles en iedereen door elkaar; vrouw, man, kind, zwart, wit, geel, rood; iedereen gelijk.

De tijd stond stil, de avondlucht streelde de Big Ben en die sloeg even niet, die genoot mee.

Afgelopen weekend slaagden de Britten er weer in zo'n sfeer te creëren, ondanks de bijna storm tegen die de atletiekwereld thans voelt.

Een jaar na de Spelen was het weer raak: mooie sport, prachtige, rustig gebrachte televisie, zeldzaam enthousiast publiek en vooral heel veel blije sportmensen.

Atleten die blij waren in Londen terug te zijn, verspringers die het publiek alsnog bedankten: na een jaar zaten de echo's van toen nog in hun bestaan.

Ik keek met verbazing urenlang naar de televisie en zag wat sport werkelijk voor me betekende. Hier had ik dus decennia lang over geschreven in een nette krant zoals Trouw was. Ik had proberen uit te leggen waar dat diepliggende gevoel van me werkelijk vandaan kwam en waar het heenging. Ik had geschreven over winnaars en veel meer over verliezers. Over valsspelers, leugenaars, vrije geesten en gekken en ik had dat 35 jaar iedere week trouw gedaan.

Met liefde en toewijding, denk ik. Die woorden klinken wel gewijd en zwaar op de hand, maar zo was het wel. Ik heb op de vrijeworplijn gestaan met 0.7 seconden op de klok en 1 punt achter. Ik ken dus dat gevoel. Ik heb Joop wereldkampioen 'voelen' worden, ik heb bij de Boston Red Sox 'Sweet Carolina' meegezongen, ik heb met eigen ogen Rienks en Florijn zien finishen, ik zag Ellen van Langen, Ireen Wüst en Ard Schenk van heel dichtbij winnen en ik heb Johan Cruijff vragen gesteld en heb antwoorden gekregen.

Afgelopen zaterdag zag ik via die stoffige, maar o zo betrouwbare BBC vooral die antwoorden: blije mensen die simpele dingen deden. Die hard renden of mooi hoogsprongen. Zo primair en zo waar; simpelheid boven alles. Chemisch ondersteund? Het opperwezen zal dat weten, zulks zie je niet van het beeld af, laboratoriumuitslagen zijn voor later.

Sport is het waard goed beschreven te worden door mensen die daar gevoel voor hebben. Ook in deze prachtkrant.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden