De kromme fiets van Grunberg

Dus als ik het goed begrijp, dreigt er barbarendom in Europa door het neo-nationalisme. Dat maak ik tenminste op uit de Abel Herberglezing 'Werelddominantie' van Arnon Grunberg.

Het was de eerste keer dat ik van neo-nationalisme heb gehoord. Op Wikipedia vond ik een lemma van twee zinnen dat neo-nationalisme omschrijft als een reactie op de globalisering van het kapitaal. Juist.

In zijn lezing heeft Grunberg het over de positie van de 'vreemdeling' - de vluchteling, de arbeidsmigrant, de allochtoon in het algemeen - in Europa. Die positie zou allesbehalve benijdenswaardig zijn. Er zou van de vreemdeling verwacht worden dat hij onzichtbaar is, dat hij opgaat in de massa, dat hij assimileert.

Grunberg vergelijkt de positie van de huidige vreemdeling met die welke de Jood eeuwenlang in Europa had: een hele slechte positie. Dat de Joden in zo'n slechte positie zaten, had, naast de christelijke jodenhaat, de Blut und Boden-mentaliteit van het nationalisme als oorzaak. Waarom waarschuwt Grunberg dan voor het neo-nationalisme? Omdat er van echt nationalisme, behalve bij wat rechtse randfiguren, geen sprake is in Europa.

Wat zijn de feiten? De feiten zijn dat West-Europa sinds de Tweede Wereldoorlog miljoenen mensen uit de rest van de wereld heeft opgenomen. Miljoenen. Denk aan het Verenigd Koninkrijk met de immigranten uit India, Pakistan en de Cariben, denk aan Frankrijk met de immigratie uit Afrika, denk aan Duitsland, Nederland en België met de gastarbeiders uit Turkije en Marokko, denk aan de vluchtelingen uit voormalig Joegoslavië.

Toegegeven, het ging niet altijd soepeltjes, maar uiteindelijk is het goed gekomen en leven we in Europa vreedzaam samen. Of niet soms? En nu doet Europa zijn best om vluchtelingen uit Syrië en Eritrea op te vangen, en staan vrijwilligers in de rij om te helpen. Dus hoezo, barbarendom?

Dat neo-nationalisme van Grunberg is wat men tegenwoordig een 'frame' noemt. Het is het kromme frame van de fiets waarop hij in zijn lezing een slingerend spoor trekt.

Voor de autochtone Europese bevolking - de gastheer, in Grunbergs woordkeus - hoeft de vreemdeling - opnieuw Grunbergs woordkeus - helemaal niet onzichtbaar te worden, op te gaan in de massa of te assimileren. Wel stelt de gastheer ontnuchterd vast dat steeds meer vreemdelingen de fundamentele waarden van de gastheer op het gebied van gelijkwaardigheid van man en vrouw, seksuele zelfbeschikking en vrijheid van meningsuiting afwijzen. Dezelfde waarden die bijgedragen hebben aan het creëren van de welvaart die voor de vreemdeling reden was om Europa als zijn toevluchtsoord te kiezen.

In de optiek van Grunberg mag van de vreemdeling geen aanpassing aan die waarden worden verlangd, terwijl de gastheer ongelimiteerd gastvrijheid moet bieden. Blijkbaar vindt hij dat de liefde van één kant moet komen: de gastheer geeft en de vreemdeling neemt.

Kan men het de gastheer kwalijk nemen dat hij zich daar zorgen over maakt? En kan men het hem kwalijk nemen dat hij zich zorgen begint te maken over de getalsmatige verhouding tussen hem en de vreemdelingen?

Grunberg doet me met zijn waarschuwing voor neo-nationalisme denken aan de herdersjongen uit het sprookje van Aesopus, die zijn vader keer op keer de stuipen op het lijf joeg door te roepen dat er een wolf rondliep. Tot deze hem niet meer geloofde toen er echt een wolf was en hij werd opgegeten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden