De kop vol filosofie en toch een smeerlap

“Geloven moet leuk zijn”, schrijft Ut ein setterkes, het Friese blad voor Jeugd en Kerk vrolijkjes. En het blad ritselt ervan: cabaret, vertel-het-verhaal-in-tekeningen, musicals. Een béétje kerk gaat geen zee te hoog als de jeugd de kerk in gezogen moet worden.

Helpt het? Nee, constateert Jurgen van den Herik in hetzelfde blad. “Dertig jaar beatmissen en aanverwanten hebben tenslotte ook geen wonderen verricht.” Dertig jaar geleden al was het 'truttige' woord beatmis voor menig jongere voldoende om de kerk de rug toe te keren.

Het wondermiddel van de Friese dominee Van den Herik heet 'profetentaal' en hij citeert de Amsterdamse catecheet Hans de Bruin: “Wie zijn kinderen wil onderrichten in de weg naar een andere wereld dan deze, die zal hen vertrouwd moeten maken met de taal van psalmen en profetenvisioenen. Dat is niet hetzelfde als hen vertellen over Mozes, Elia, Jezus... Deze wereld, de feiten, verhelderen door die uit te leggen, te duiden. Uitleggen dat armoede door de rijken is, bijvoorbeeld; en dat deze aarde van niemand is, van geen mens, niet van een handvol patsers, maar 'van God', dat betekent bestemd voor allen.”

De kerk is de jeugd sinds het ineenstorten van het Rijk van de Gelijkheid in het oosten, een iets minder simplistisch visioen verschuldigd. Of niet? En moet geloven nou leuk zijn, te ja of te nee? In ieder geval blijft de kerkmens, ook al wordt hij/zij gaandeweg ouder en zeldzamer, zo druk als een klein baasje. Van de Hervormde Vrouwendienst in Nijverdal - “Onder andere behoort het tot haar taak de gemeenteleden van 80 jaar en ouder met een bloemetje te bezoeken; de echtparen die 40, 50 jaar enzv. getrouwd zijn, worden eveneens door enkele dames gefeliciteerd” - tot de cursus-Talmoed, de aktie voor dienstweigeraars uit het voormalige Joegoslavië, 'het Mennomaal in de Mennozaal” over Theo Thijssen bij de Amsterdamse Doopsgezinden, (dit alles geplukt uit plaatselijke bladen) de christenen zijn bezig.

Vast staat dat asielzoekers en andere hulpzoekenden - in Nijverdal niet minder dan in Amsterdam - blij kunnen zijn dat de secularisatie in Nederland niet sneller voortschrijdt dan ze toch al doet, want kerkmensen zijn waarachtig de beroerdsten niet als het op helpen aankomt.

De vrouwen in Nijverdal, de vrijwilligers in Vluchtelingenwerk, ze doen het uiteraard allemaal voor niets. Kom daar eens om bij de theoloog, ex-dominicaan, consultant Ko Bordens, die zoekende zielen voor vijftig tot honderd gulden per uur assisteert in hun speurtocht naar Iets Religieus Dat Hen Persoonlijk Aanspreekt - men leze hierover het kritische Duitse blad Publik-Forum.

Vermolming

Dr.ir. J. van der Graaf, secretaris van de Gereformeerde Bond binnen de Nederlandse hervormde kerk, ligt niet wakker van de vraag of het allemaal wel leuk is. Hij overvalt de achterban in de Waarheidsvriend met andere, lastige vragen: “Gebeurt er nog iets? Vindt het wonder van Gods genade, dat zo heerlijk aan de dag trad in het verzoenend lijden en sterven van Christus nog een weg naar het hart van de zondaren?” Hoe reformatorisch correct de predikanten er ook preken, ook in de Bond wil dat niet meer zeggen dat de boodschap overkomt, constateert Van der Graaf. “Vandaag is allerwégen de crisis van de prediking aan de orde.” Hij waarschuwt voor 'vanzelfsprekendheid en zelfgenoegzaamheid'. “Dan kan het uiterlijk nog goed gaan, maar de innerlijke vermolming is al ingetreden.”

Er zijn veel hulpprofeten in de weer met taal. Neem Simon Jelsma. Hij begon als progressieve priester in de jaren vijftig met 'pleinpreken' in de open lucht. In de jaren tachtig verzon hij de Nationale Postcode Loterij als een financieringsbron voor goede doelen. “Ik hoop dat ik het jaar 2000 nog mag meemaken”, zegt de 77-jarige Jelsma in De Bazuin, “want ik ben bezig met een project met het oog op dat nieuwe millennium. Kan hij een tipje van de sluier lichten? Jelsma: Wij willen met internationale inspanning en via de televisie tot een paar krasse algemene afspraken komen die een vooruitgang inhouden voor natuur en milieu, eerbiediging van de mensenrechten en armoedebestrijding.”

Jelsma liefhebbert aan de zonzijde van het profetenvak. G.J. van Butselaar zoekt het meer bij de doem. Hij schrijft in het stuk 'Dam opwerpen tegen het kwaad' in het Centraal Weekblad (Samen op Weg-kerken): “In onze sociale, politieke en missionaire plannen dient niet de maakbaarheid, maar de breekbaarheid van de wereld voorop te staan. Als christenen zullen we er op uit moeten zijn te voorkomen dat de wereld in duizend stukken breekt. Daar zijn instrumenten voor. Je verstand gebruiken is natuurlijk goed. Je hart laten spreken is hard nodig. Maar als je echt een dam tegen het kwaad wilt opwerpen, zul je naar de wet moeten luisteren, de wet van God die wil dat alle mensen in vrede leven.”

Ganzen

Doemprofetieën helpen niet, schrijft Beate Seitz in Publik-Forum. Zij citeert Arthur Koestler: “De ganzen in het Capitool waren géén pessimisten, maar Cassandra wel. Daarom hadden de ganzen met hun waarschuwing succes en Cassandra niet.” Kennis van goed en kwaad is nog niet eens het halve werk. Zoals de door Seitz aangehaalde Anton Tsjechov zijn Platonov al liet zeggen: “Ik heb mijn kop volzitten met filosofische gedachten en toch ben ik een smeerlap.”

Misschien moeten we het hebben van minder gekakel, misschien helpt het luisteren naar de echte grote jongens? “De profeet Mozes wil, nadat hij de berg Sinaï heeft beklommen, het woord van God aan de mensen overbrengen, maar hij kan niet spreken, omdat hij Gods onuitsprekelijke waarheid niet in woorden kan vangen. Daarvoor heeft hij de priester Aron nodig. Deze brengt de boodschap over, maar 'vervuilt' daarmee ook de waarheid”, vertelt de Britse historicus Steven Beller in de wandelgangen rond Schönbergs opera Mozes und Aron die deze week in première ging - het Nieuw Israelietisch Weekblad sprak met hem. “Schönberg identificeert zich met Mozes en diens volledige toewijding aan het idee van een ondenkbare God. (...) Schönberg is compromisloos: de waarheid gaat boven alles(...).” “Alleen Mozes' ethische aanpak is goed. Het joodse volk moet de pure waarheid van God verdedigen.”

Complot

Professor Emanuel Tov, de man die de officiële uitgaven van de teksten van Qumran verzorgt, heeft ook echt wat te melden, in hetzelfde Nieuw Israelietisch Weekblad: het moet uit zijn met alle dwaze complottheorieën, als zou het Vaticaan stukjes Dode Zeerollen achter hebben gehouden, en dergelijke. Er was en er is géén complot en er valt niets achter te houden, want geen enkele tekst, gevonden in de grotten van Qumran, noemt Jezus of met hem verbonden personen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden