'De kijker moet uitgeput zijn. Daar hou ik van'

Maakt hij nou een grap of niet? Jean-Pierre Jeunet vraagt in het Amsterdamse hotel of er geen lift is naar de spreekkamer op de bovenverdieping. „Ik heb wat last van mijn hart”, zegt hij. Helaas, er zit niets anders op, we moeten de steile trappen nemen. Hijgend sjort hij zich naar boven, hij trekt wat wit weg. „Loop maar door”, zegt hij.

Zitten zijn films vol onverwachte grappen, de opmerking vooraf lijkt niet bedoeld om de gesprekspartner op het verkeerde been te helpen. Jean-Pierre Jeunet (56), de maker van films als de topper ’Le fabuleux destin d’Amélie Poulain’ (met Audrey Tautou), ’Delicatessen’ en ’Un long dimanche de Fiançailles’, is volstrekt serieus in het korte gesprek. Hij is hier vanwege de presentatie van zijn nieuweling ’Micmacs à tire-larigot’, over een man (Bazil) die met een kogel in zijn hoofd verder moet leven en het met zijn vrienden van de rommelmarkt gaat opnemen tegen de wapenhandel. Met alle komische situaties van dien.

Jeunet vertelt hoe hij tot het maken van ’Micmacs’ kwam: „Ik had zin om me eens bezig te houden met een ernstige zaak als de wapenhandel, en wilde tegelijkertijd een komedie maken, iets tussen slapstick en cartoon in. En het moest een film worden over mensen in de rafelrand van het leven, personen die een tik hebben opgelopen, een sprookje met wat Tolstoi erin. En het thema wraak, zoals in de films van Sergio Leone, mocht niet ontbreken.”

’Micmacs’ is volgens Jeunet een soort Sneeuwwitje en de zeven dwergen. „Geen fantasie, daar hou ik niet van. Het gaat om de realiteit poëtisch verbeeld, vermengd met het grappige, het cartooneske. We zeggen altijd ’we moeten de dialoog wat préveriseren, er een beetje Jacques Prévert (Franse dichter) over heen gooien. Dat is het zo’n beetje.”

Een steeds terugkerend thema in de films van Jeunet, ook in ’Micmacs’, is de kleine man die het opneemt tegen de sterke. „Ja, Klein Duimpje, David tegen Goliath. Dat houdt me bezig, de zwakke die opkomt tegen de sterke macht. Dat verhaal hoort bij mijn leven. Ooit werkte ik bij een telefoonmaatschappij, met verbeeldingskracht ben ik terechtgekomen in de filmwereld.”

Jeunet heeft in ’Micmacs’ een ratjetoe van verwijzingen en citaten gestopt naar mensen die voor hem een grote rol spelen. „Als je goed oplet, kinderen zien dat niet, dan vind je van alles terug, een beetje Tati, een beetje Asterix, Bourville, Buster Keaton, Charley Chaplin, en niet te vergeten Sergio Leone. Ik knipoog naar de meesters, mijn helden.”

In ’Micmacs’ volgen de grappen elkaar in sneltreinvaart op. De kijker snakt naar adem. „Ik stop zoveel ideeën als mogelijk in de film. Een idee per seconde, dat is mooi. De kijker moet uitgeput zijn. Daar hou ik van. „Op de reactie dat men ’Micmacs’ wellicht meerdere keren moet zien om alle grappen in beeld, en in taal, te kunnen volgen, antwoordt Jeunet: „Ja, dat is mooi. De mensen houden daarvan. Ik kreeg laatst een e-mail van iemand die ’Amélie’ 54 keer had gezien. Het kostte hem wel zijn huwelijk.”

Maar Jeunet streeft altijd naar een serieuze ondertoon in zijn films. „In ’Micmacs’ was het moeilijk om te manoeuvreren tussen die zo ernstige wapenhandel met al zijn uitwassen en tussen de humor. Eerlijk gezegd was ik een beetje ongerust over de balans tussen de realiteit en het sprookje, tussen de sprookjesfiguren uit de wereld van de tweedehandshandel die het met elkaar opnemen tegen de wapenhandelaren.”

Dany Boon (van ’Bienvenue chez les Ch’tis’) speelt als Bazil een dragende rol in ’Micmacs’. „Hij wilde eerst niet, hij voelde zich te groot en te grof voor de rol die was geschreven voor een klein en schriel persoon. Bij Amélie ging dat ook eerst zo, de rol was geschreven voor een ander. Maar dat heeft mooi uitgepakt. Dany Boon heeft onbeperkt veel capaciteiten.”

„Al die kleine bijrolletjes, die zijn minstens zo belangrijk voor mij. Ik hou van interessante mensen die wat extravagant in het leven staan, een beetje naïef, marginaal, enig in hun soort. De film is een compositie van dat soort mensen. Er gebeurt wat als die bij elkaar worden gebracht.” Opvallend is in ’Micmacs’ opnieuw Dominique Pinon, die in alle films van Jeunet voorkomt, de ’lelijkerd’ met het opvallende gezicht die in ’Amélie’ een verhouding kreeg met de caissière van het café. Jeunet: „Iedere keer weet hij me te verrassen. Hij heeft zo’n interessante kop.”

Jeunet vindt zijn ’Micmacs’ geen typisch Franse film. „Nee, voor buitenlanders lijkt hij typisch Frans, maar voor de Fransen juist niet. Hij is niet gemaakt volgens onze traditie van huiselijk drama, grote literatuur enzovoort. Hij is bedoeld voor de internationale markt, moet overal begrepen worden. En de ontvangst is ook overal gelijk. Ja, ik speel natuurlijk wel met de Franse taal, voor de buitenstaander gaat op dat gebied wel wat verloren.”

Op de vraag welke film van zijn hand favoriet is, twijfelt Jeunet geen moment. „Amélie natuurlijk. Dat is een groot succes, is de droom van iedere scenarioschrijver en filmmaker.” Door het succes van Amélie kan hij nu zulke dure films maken. ’Micmacs’ kostte maar liefst 25 miljoen euro.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden