De kerk en de staat als werkgever

Anton Pauw
"Zondag is voor mij een werkdag. Het is de dag waarop het voor mij als organist moet gebeuren. Ik speel in twee Haarlemse kerken: de Oude Bavo en de Nieuwe Kerk.

Het orgel van de Oude Bavo is in bezit van de stad. Als ik daar speel, betaalt de gemeente mij. Ik heb een collega, Jos van der Kooy. Hij doet de concerten, ik de kerkdiensten. Als ik in de Nieuwe Kerk speel, word ik betaald door de PKN-gemeente. Ik heb dus twee werkgevers: de kerk en de staat.

Vanuit mijn huis kan ik naar de kerk lopen. De Bavo staat op de Grote Markt. Dat plein heeft op zondagochtend iets Italiaans. Er wordt dan flink door de mensen geflaneerd.

Ik zorg dat ik een uur voor aanvang van de dienst aanwezig ben. Dan speel ik een beetje in. Soms moet ik ook nog wat pijpen stemmen. Het orgel mag natuurlijk niet vals klinken. Voordat ik ga spelen, ga ik even naar beneden om iedereen die wat in de dienst doet de hand te schudden. De dienst hoeven we niet door te nemen. Het wijst zich eigenlijk vanzelf en alle liederen worden ook nog eens van te voren aangekondigd.

We zingen vooral uit het 'Liedboek voor de Kerken' en de bundel 'Tussentijds'. Het leuke van de liturgie bij de PKN-gemeentes is dat je muziek speelt uit allerlei periodes. Van Bach tot Oosterhuis.

Je moet als organist goed kunnen improviseren. Een van je belangrijkste taken is opvullen. Een protestantse dienst is nogal een vierkant gebeuren. Afwisselend praten en zingen. In zo'n viering moet de dominee weleens van de ene naar de andere plek. Geïmproviseerde muziek is een onmisbaar bindmiddel in de dienst.

In het begeleiden van de gezangen moet je eenduidig zijn, anders 'gaan' de mensen niet mee. Je moet ze een beetje helpen. Een organist moet niet twijfelen. Een driekwartsmaat is een driekwartsmaat.

Ik denk niet dat je, als je gelooft, automatisch een betere organist bent. Een gelovige organist kan de zaak aardig in het honderd laten lopen.

In bepaalde kringen is het geen aanbeveling een conservatoriumdiploma te hebben. Organisten daar hebben genoeg aan wat hun hart hun ingeeft. Hun hart verwarren ze dan met de Geest, met alle gevolgen van dien.

Aan de andere kant: als je niets met het geloof hebt, kan je dat ook in de weg zitten. Een dienst kan mij echt raken. Ik doe ook echt mee. Meezingen kan niet, maar de melodie neurie ik altijd mee.

De zondag is voor mij nog altijd de Dag des Heren, maar anders dan in mijn jeugd. Ik ben degelijk gereformeerd opgevoed. Je ging twee keer naar de kerk, maar voor de rest mochten wij niets doen wat geld kostte. Je ging op zondag dus niet naar een concert en al helemaal niet naar de bioscoop. Naar het zwembad kon ook niet, want daar moest je een kaartje voor kopen. Ook een ijsje kopen was er niet bij.

Wij hadden dan nog het geluk dat mijn ouders tot de rekkelijken behoorden. Tv kijken en huiswerk maken mocht wel.

Na de dienst drinken we koffie. Ik ben geen groepsmens, maar dit vind ik gezellig. De mensen hier zijn erg gul met complimenten en heel alert op wat ik speel. Als wij zingen 'De sterren hemelhoog', dan speel ik daar bijvoorbeeld een triller in het hoogste octaaf. Je beeldt de tekst uit in de muziek. Orgelcabaret noem ik dat. Dat vinden ze hier leuk. Dan zien ze dat de organist betrokken is en meeleest.

Kritiek krijg ik ook. Het blijven Noord-Hollanders. Die zeggen alles. Dan moet ik soms wel even slikken.

Zondagmiddag doe ik niet zo veel. Ik luister muziek of speel wat piano. Mijn vriend is ook organist en als we op pad gaan, heeft het altijd wel iets met kunst te maken. We gaan ook graag naar een tentoonstelling. Ik zeg weleens grappend: wij houden van beschaafd vertier.

Ik heb nooit de behoefte gehad om met veel bombarie af te rekenen met de zondagen uit mijn jeugd. Ik heb er wel afstand van genomen. Helemaal ervanaf komen doe je trouwens nooit. Ik kan nu met veel plezier en in alle vrijheid uit eten gaan op zondag, maar het gevoel dat ik daarmee iets doe wat in tegenspraak is met hoe ik ben opgevoed, heeft me nooit helemaal verlaten."

Anton Pauw (51) is organist van de Grote Kerk, ook wel Oude Bavo geheten, en de Nieuwe Kerk in Haarlem. Daar woont hij ook, samen met zijn vriend Henny.

De zondag bepaalde het ritme van de week, de kerk het ritme van de zondag. Nu kerkbezoek niet meer zo vanzelfsprekend is, vullen we de zondag met onze eigen rituelen. Deze week de zondag van:

Wie is Anton Pauw?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden