De jam

De zware metalen uit de Berlijnse lucht blijven aan de huid plakken. In de zomer zien de Berlijners er daarom na een tijdje grijs uit. Dat heeft niets met de geschiedenis te maken, dat lijkt alleen zo.

We zitten in dit plakweer aan de waterkant van de Wannsee. In de verte gekwetter van kinderstemmetjes op het badstrand. Een enkel zeilbootje laat zich door een zuchtje voortduwen. Hier heerst een idylle die zich geen enkele grote stad kan veroorloven. Alleen Berlijn. Daar wilde zo lang niemand wonen dat er nog genoeg droomlandschap over is.

Op 20 januari 1942 genoten hier, op dit stenen muurtje, hooggeplaatste nazi's van hetzelfde uitzicht. De notulen van hun Wannsee-conferentie vermelden dat ze cognac dronken. Het zal wel koud geweest zijn. Ze hoorden dus niet de kinderstemmen aan het badstrand. Misschien lag er ijs op het vlakke meer? Konden ze naar de overkant lopen? Aan tafel bespraken ze de definitieve oplossing van het jodenvraagstuk. Over de omvang van het probleem waren ze het van tevoren eens. Elf miljoen moesten er worden opgeruimd. Thema van de vergadering in deze idylle was HOE raken we ze allemaal zo snel mogelijk kwijt.

Voor zo'n belangrijke bespreking zocht Hitler met de SS-top een rustgevend plekje. Gelukkig had de SS nog een vakantiehuis ter beschikking met de passende Waldstimmung.

In de villa is tegenwoordig de hele Duitse geschiedenis tussen 1930 en 1950 - formidabel samengevat - te lezen en te zien. We bekeken zojuist de foto's en lazen de teksten. Af en toe keek ik stiekum tussen de panelen met lijken door naar buiten. Naar het badstrand. Ik dacht dat ik het allemaal wel wist. Ik had het allemaal wel eens gezien, deze lessen van de geschiedenis. Dacht ik.

Het waren niet eens de notulen van de conferentie die me weer terugbrachten bij de les. Die had ik inderdaad al gelezen. Het waren ook hier weer de details die de woede omhoog dreven. Vooral als het buiten zo mooi is.

Ineens zag ik een foto van mensen die broden omarmen. Ze zijn uitgehongerd, dat zie je aan de kaaklijn en de angstige blik. Waarom omarmen ze brood? Was de lachende man op de foto de gulle gever?

Naast de foto hing de subtiele uitleg. Een ambtelijke brief. Afzender was de leider van de joodse ordedienst van het ghetto in Warschau: “Ik maak hierbij bekend dat alle personen die, zoals het dienstbevel van de autoriteiten het voorschrijft, in aanmerking komen voor emigratie en die zich op 29, 30 en 31 juli van dit jaar vrijwillig melden, per persoon drie kilo brood en een kilo jam ontvangen. Verzamelplaats en verdeling van waren: Stawkiplatz, hoek Wildstrasse. Warschau juli 1942.”

Aan de hongerdood ontsnapt omdat de echte dood lokt met brood en jam. Met een ambtelijk stuk dat dezelfde toon heeft als het pamflet van de warenwet in iedere Berlijnse snackbar. Dezelfde toon ook van de notulen in de Wannseevilla.

Ineens komt me de discussie over een holocaustmonument zo belachelijk voor. Ze bekvechten in Duitsland dezer dagen over een grafsteen van 100 bij 100 meter voor de slachtoffers. Dit struikelblok moet in het centrum van de stad komen terwijl hier, aan de Wannsee, het zweet van de moordenaars nog aan de tuinbankjes kleeft. Deze villa, dit uitzicht en de expositie zijn het beste monument dat Duitsland zich kan wensen. Ze zien het alleen niet. Ze willen het liever niet zien. Want alles wat echt is, is eng. Daar kan je wakker van liggen. Met een namaakmonument begraaf je de spoken uit het verleden pas echt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden