profiel

De Iraanse geheime dienst vergeet nooit een dissident

Ali Fallahian, de voormalige chef van Iraanse geheime dienst. Hij is bekend voor zijn rol bij de aanslag op vier voormalige Iraans-Koerdische dissidenten, in 1993, in een restaurant in Berlijn. In 1997 vaardigde een Duitse rechter een arrestatiebevel uit tegen hem uit. Beeld EPA

Nederland verdenkt Iran ervan dat het achter de liquidaties van twee Iraans-Nederlandse dissidenten zit in 2015 en 2017. Hoewel de beschuldigingen nog niet zijn onderbouwd met bewijzen en het Openbaar Ministerie de zaak nog onderzoekt, geldt de Iraanse geheime dienst als hoofdverdachte. Die heeft in het verleden wel vaker in het buitenland liquidaties uitgevoerd op dissidenten en militieleiders.

Vlak na de Iraanse Revolutie in 1979 sprak het nieuwe, islamistische bewind doodstraffen uit voor kopstukken van het oude Shah-regime. Maar veel oud-regeringsfunctionarissen waren naar het buitenland gevlucht. De doodstraffen dienden daarop als vogelvrijverklaringen. Sterker, het Iraanse regime begon actief te jagen op leden van het ingestorte Shah-regime. 

De meest geruchtmakende liquidatie die de Iraanse geheime dienst pleegde was die op Irans oud-premier Shapour Bakhtiar in 1991. Bakhtiar vluchtte kort na het uitbreken van de Iraanse Revolutie naar Frankrijk, en werd daar meerdere malen doelwit van moordaanslagen. In juli 1980 ontsnapte hij ternauwernood aan een liquidatiepoging. Een aantal gewapende mannen klopte bij hem thuis aan, maar slaagde er niet in de oud-premier te bereiken. Bakhtiar ontkwam, maar zijn buurman en een Franse politieagent hadden minder geluk: zij werden doodgeschoten.

In 1991 slaagde de Iraanse geheime dienst er wel in om de zwaarbeveiligde oud-premier, die toen 77 jaar was, te liquideren. Drie mannen drongen Bakhtiars huis binnen en vermoordden hem met keukenmessen. Een van de daders vluchtte naar Zwitserland maar werd vervolgens gearresteerd en aan Frankrijk uitgeleverd; de andere twee slaagden erin om naar Iran te ontsnappen.

Bombrief

De Iraanse regering heeft meer vijanden. Ook leden van de Mujahedin Khalq – deze oorspronkelijk marxistisch-islamistische organisatie die meer op een cult lijkt, is uit op de omverwerping van het Iraanse regime en pleegde in het verleden verschillende aanslagen op Iraanse doelen. Maar ook leden van Koerdische of Arabische onafhankelijkheidsbewegingen werden in de laatste decennia doelwit van moordaanslagen.

De Iraanse geheime dienst opereert over de hele wereld. Er werden in de laatste decennia dissidenten en militanten geliquideerd van Amerika tot de Filippijnen, waarbij spionnen gebruik maakten van verschillende methoden. De Koerdische activist Kamran Hedayati, opende in 1996 een brief, waarna deze explodeerde. Hij stierf later aan zijn verwondingen. De daders zijn nooit gepakt, maar de Iraanse regering werd ervan verdacht achter de aanslag te zitten.

In de herfst zou er mogelijk in Denemarken een aanslag zijn verijdeld op tegenstanders van het Iraanse regime. Volgens de Deense regering zou een Iraanse geheimagent foto’s hebben gemaakt van de woning van de leider van de Arabische separatistenbeweging ASMLA, ter voorbereiding van een moordaanslag. De ‘fotograaf’ werd later opgepakt in Zweden en uitgeleverd aan Denemarken. In dezelfde maand zou Frankrijk een aanslag van de Iraanse geheime dienst hebben voorkomen op een congres van de Mujahedin Khalq in Parijs.

Iran ontkent altijd betrokkenheid bij de moordaanslagen en noemt de westerse aantijgingen steevast ‘verzinsels’. Teheran zegt dat Europese landen, waaronder Nederland en Denemarken, blaam treft omdat zij ‘terroristen’ huisvesten, zoals de kopstukken van het gewelddadige Mujahedin Khalq en het separatistische ASMLA.

 De eerste moord: Ali Motamed

Op 15 december 2015 werd de Iraanse Nederlander Ali Motamed geliquideerd voor zijn huis in Almere. De moord op de 56-jarige man kwam voor zijn omgeving als een verrassing, want hij had geen strafblad en werkte als elektricien. Maar al gauw bleek er meer aan de hand, want hij bleek geen Ali Motamed te heten, maar Mohammad-Reza Kolahi. Hij werd decennia lang gezocht door Iran vanwege zijn aandeel in een bloedige bomaanslag, waarbij meer dan 70 mensen om het leven kwamen. Zijn liquidatie zou een wraakactie van Iran zijn.

Ali Motamed Beeld *

De tweede moord: Ahmad Mola Nissi

Op 8 november 2017 werd in de Haagse Jan van Riebeekstraat de Iraanse Nederlander Ahmad Mola Nissi vermoord voor zijn deur. Hij was een van de leiders van de gewapende separatistische beweging Asmla. De groepering behoort tot de Arabische minderheid in het overwegend Perzische Iran en streeft naar onafhankelijkheid. De groepering heeft ook een gewapende tak, die aanslagen pleegt. In januari 2017 doodden separatisten bijvoorbeeld twee leden van de Iraanse Revolutionaire Garde.

Ahmad Mola Nissi Beeld *

Lees ook: Minister Blok: Iran zat achter twee moorden in Nederland

Het kabinet verdenkt Iran van twee liquidaties op Nederlands grondgebied. Inlichtingendienst AIVD heeft ‘sterke aanwijzingen’ dat het land achter moorden in 2015 in Almere en in 2017 in Den Haag zit. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden