'De innerlijke ervaring telt'

Veel mensen zoeken spiritualiteit niet langer in de kerk, maar elders, zoals hier bij een cursus trancedans. © Maarten Hartman

INTERVIEW - Nu de traditionele kerken leeglopen, gaan mensen op zoek naar nieuwe vormen van spiritualiteit, ziet onderzoeker Joep de Hart. "Mensen die door en door ongelovig zijn, zijn zo zeldzaam als een olifant met een kunstgebit."

En weer was er onlangs zo'n treurig kerkelijk nieuwtje. Niet minder dan honderd Limburgse kerken moeten binnen nu en tien jaar de deur sluiten. Een gevolg van teruglopend kerkbezoek en dalende inkomsten, meldde het persbericht van het betreffende bisdom er voor de volledigheid bij.

Joep de Hart (1954), godsdienstsocioloog bij het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), kent dit soort berichten maar al te goed. Hij schrijft er regelmatig over. Hij weet: als de ontkerkelijking in dit tempo doorgaat, dan is het op de meeste plaatsen binnen enkele tientallen jaren gedaan met de kerk.

Maar, zegt De Hart er meteen bij, dat is maar de helft van het verhaal. Achter de koele cijfers schuilt nog een heel andere geschiedenis. Wie echt wil weten hoe het met religie is gesteld in het huidige Nederland, vertelt hij, moet verder kijken dan de institutionele bolwerken.

Precies dat doet Joep de Hart in zijn nieuwe boek 'Zwevende gelovigen'. Daarin bespreekt hij de veranderingen in christelijk Nederland, waarbij hij vooral kijkt naar de opkomst van alternatieve manieren van zingeving en nieuwe vormen van spiritualiteit.

"Het beeld is pluriformer dan we denken", zegt De Hart als hij karakteriseert hoe Nederlanders over de zin van het leven denken. "Buiten het traditionele christelijke erf manifesteren zich tal van vormen van nieuwe spiritualiteit: ervaringen uit vorige levens, spirituele gidsen, kosmische intelligentie, astrale lichamen, intuïtie, aura's. Op andere plekken is de oude religie weerbarstig, met name in orthodox-protestantse kringen op het platteland."

Het is iets wat menig socioloog en statisticus niet zag aankomen. Geïnspireerd door ontkerkelijking en ontzuiling zagen wetenschappers religie lange tijd als verdwijnend fenomeen. Maar voor elk lid dat wordt geschrapt uit de kerkelijke boeken, komt geen ongelovige terug - integendeel, zegt De Hart: "Mensen die zeggen geen enkele behoefte te hebben aan welke spirituele dimensie dan ook, die door en door ongelovig in het leven staan, zijn bijna net zo zeldzaam als een olifant met een kunstgebit. Atheïsten vormen zo'n 14 procent van de bevolking, een kleine minderheid. Een ruime meerderheid van de bevolking gaat zijn weg tussen de twee uitersten van orthodox geloof en overtuigd ongeloof."

Uit alle onderzoeken blijkt dat vooral het ideeëngoed floreert dat ver af staat van het traditionele geloof.

"Inderdaad. Dat zijn de ideeën die opbloeien uit occultisme, spiritisme en zogenoemde nieuwe spiritualiteit. Van oorsprong is dat een tamelijk elitaire beweging, maar vanaf de jaren tachtig vindt dit gedachtengoed ingang in steeds bredere lagen van de bevolking. Ook de gewone huisman en de gewone huisvrouw raken geïnteresseerd in dit onderwerp.

Dat is niet het enige. Je hebt ook nog iets dat je 'vrij zwevende spiritualiteit' kunt noemen. Dat is wat je rondom bermmonumentjes ziet, bij stille tochten, bij de dood van bekende landgenoten of de huldiging van een voetbalclub. Mensen hebben als de emoties heftig worden blijkbaar de behoefte om daar een of andere rituele vorm aan te geven."

Wat voor soort levensvisie is dat?

"Die lijkt niet per se meer op het traditionele christelijke geloof. Spreken we over nieuwe spiritualiteit, dan zijn dat dingen die mensen langs hun levensweg opdoen. Dat kan van alles zijn, iets uit het boeddhisme, iets uit de westerse mystiek. Het ene, zo is de redenering, is niet minder waard dan het andere. Aan al dit soort overtuigingen ontlenen mensen het recht om zich gelovige te noemen, uit volle overtuiging. Het is shoppen, eens kijken of er wat van je gading te vinden is en dan je eigen melange samenstellen. Dat is heel wezenlijk geworden. Op het individu toegesneden opvattingen vind je bijna overal terug, ook in traditionele kerken."

Wat is de belangrijkste overtuiging van dit spirituele mengsel?


"Persoonlijke beleving speelt een grote rol. Vanuit het idee dat innerlijke ervaring het allerbelangrijkste is. Het zijn niet een paar zonderlingen die dat vinden, nee, ik heb het nu over een ruime meerderheid van de bevolking. Dat is eigenlijk nog maar heel kort zo. Toen mijn vader begin jaren zeventig begraven werd, vroeg mijn moeder aan de dokter een pilletje zodat ze niet zou gaan huilen. Het gaf geen pas om dat openbaar te doen.

Tegenwoordig vinden mensen het niet authentiek als je niet eens huilt. We hebben een totale omslag gemaakt. Dat keurslijf waarin we geperst zaten is gesprongen. Emoties horen erbij. Ook op religieus terrein. Emoties zijn voor veel mensen hét criterium geworden of iets authentiek is of niet.

Intuïtie staat boven verstand.

"Inderdaad. De gedachte dat je vooral je verstand moet gebruiken, voordelen en nadelen afwegen, is helemaal weg. Intuïtie is voor de meesten de belangrijkste bron van beslissingen geworden. Het is bijna een dogma. Je ziet het overal terug."

Dogma's? Dat klinkt bijna ouderwets.


"Dat is ook wat mij frappeerde. Het individualisme staat hoog aangeschreven. 'Persóónlijke groei' en 'persóónlijke ontwikkeling' - het zijn magische termen, vooral in het alternatieve circuit.

Een meerderheid van de bevolking gelooft dan wel 'iets', maar op parabeurzen zien we vooral babyboomers

"Je ziet daar een oververtegenwoordiging van een publiek dat tussen de 45 en 65 jaar oud is. Er is iets opvallends. Mensen die bijna fulltime in het alternatieve circuit verkeren, die van workshop naar chakratherapie gaan, die hebben bijna allemaal een oude rekening openstaan bij de kerk. Er is daar veel verbittering en wantrouwen, vaak afkomstig uit de jeugd.

Ze zoeken echter nog wel een alternatief voor dat geloof van vroeger. Ik noem het 'zoekspiritualiteit'. In die groep zitten veel mensen die voortdurend van het ene in het andere stromen. Die beginnen met feng shui en komen via de wereld van de genezende kristallen op een retraiteweekend in de Pyreneeën. De beter opgeleiden houden zich bezig met mystiek en gaan naar bezinningsoorden, de gewone man bezoekt de parabeurs in Ahoy."

Wat doen jongeren?

"Die verbazen zich om te beginnen over de babyboomers. Ze zijn immers veel vrijer opgevoed. Het idee dat je ergens mee afrekent vind je daar niet. Maar de interesse in wat ik 'paracultuur' noem, zeg maar occultisme, spiritisme, astrologie, telekinese, dat is een interesse die je wel bij heel veel jongeren vindt. Maar op een heel specifieke manier.

Laat ik astrologie als voorbeeld gebruiken: bijna iedere jongere leest op zijn tijd wel eens een horoscoop. Er zijn er veel minder die dat doen omdat ze geloven dat de stand van de sterren jouw leven beïnvloedt. En bijna niemand stemt zijn gedrag erop af, terwijl dat toch zo'n beetje de veronderstelling is van de astrologie.

Dat lezen van horoscopen in de krant heeft meer te maken met een moment van reflectie: er wordt iets gezegd over wat je te wachten staat. Dat lees je dan in de gratis krant in de trein. Bij het uitstappen ben je eigenlijk al weer vergeten wat er stond."

Is er nog zoiets als een collectieve moraal als individualisme zo belangrijk is?

"Je zou verwachten dat wanneer het zo'n versplinterd geheel is, dat de collectieve moraal verdwijnt. Dat is niet zo. Als je er als onderzoeker één interviewt, dan denk je misschien: 'Wat een bizarre mixture van ideeën en praktijken'. Spreek je er twee, dan vermoed je een patroon. En praat je met honderd man, dan zie je dat ze eigenlijk in grote lijnen allemaal hetzelfde belangrijk vinden: namelijk de zelfontplooiing en het luisteren naar je intuïtie.

Ik heb lang gedacht dat de samenleving aan deze ogenschijnlijk egocentrische opvattingen geen mallemoer heeft. Maar niets is minder waar. Mensen zijn vanuit een heel individualistische moraal vaak net zo maatschappelijk betrokken als bijvoorbeeld kerkgangers. Niet omdat een synode het voorschrijft, maar omdat je dat zelf wilt."

Migrantenkerk groeit wél


De gevestigde kerken als de Protestantse Kerk in Nederland en de rooms-katholieke kerk mogen dan leeglopen, er is ook groei. Daarbij moet niet alleen gedacht worden aan evangelische clubs en pinksterkerken (die ook wereldwijd groeien), maar meer nog aan christenmigranten die in grote steden vaak vitale gemeenschappen hebben. Joep de Hart: "In Nederland gaat de aandacht buitengewoon eenzijdig uit naar moslims, maar er zijn minstens zoveel christelijke migranten. De schattingen lopen uiteen van 900.000 tot 1,4 miljoen."

Joep de Hart bijna reliprofessor

Naast zijn werk als onderzoeker bij het Sociaal en Cultureel Planbureau is Joep de Hart vanaf september ook bijzonder hoogleraar aan de Protestantse Theologische Universiteit (PThU) in Kampen. Hij gaat zich buigen over de vraag hoe traditionele kerken het religieuze aanbod beter kunnen afstemmen op de hedendaagse Nederlander. "Nu leeft er bij het grote publiek het beeld dat de kerk een anonieme manier van geloven aanbiedt. De kerk is, denken velen, collectief en dogmatisch, allemaal volgens de sjablonen van de traditie. Ze vinden dat ze er hun ei niet kwijt kunnen."

Joep de Hart: Zwevende gelovigen. Oude religie en nieuwe spiritualiteit. Bert Bakker, Amsterdam. ISBN 9789035136281; 326 blz. 29,50 euro.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden