De indianen willen hun scalp terug

Beeld thinkstock

Radebeul is radeloos sinds het een schrijven kreeg uit de Verenigde Staten. "We zullen geen middel schuwen om de wereld van deze gruweldaad in kennis te stellen", heet het dreigend in die brief, gericht aan het museum van het Saksische stadje. De brief is ondertekend door de hoofdman van de Ojibwa, een indianenstam. Hij eist de scalp terug die het museum honderd jaar geleden heeft verworven.

Het slaperige stadje aan de Elbe, halverwege tussen Dresden en Meissen, is bekend om maar één ding: het Karl May Museum. De wereldberoemde schrijver van indianenverhalen woonde rond 1900 in Radebeul, in villa 'Berenvet'. De villa is inmiddels omgetoverd in een museum, waar Mays verzameling objecten uit de indianencultuur te zien is.

May schiep zijn fameuze cowboy Old Shatterhand en diens indianenvriend Winnetou zonder ooit een stap in indianenland te hebben gezet.

Dat kon hij ook niet, want hij zat in de gevangenis toen hij beide personages bedacht. Daar bedacht hij ook Kara Ben Nemsi, de held uit zijn serie oriëntaalse romans. May was een fantast, hij zat een straf uit wegens oplichterij.

1100 dollar
Eenmaal vrij, steeg zijn ster razendsnel. Boeken als 'De schat in het Zilvermeer' haalden fenomenale oplagen. "Alles wat ik schrijf is waar, want ik heb het zelf beleefd", beweerde May, maar niemand geloofde hem. Dat verhinderde niet dat miljoenen mensen met zijn personages meeleefden. Ze richtten zelfs een museum voor de schrijver op.

Honderd jaar geleden kocht de conservator van dat museum in de Verenigde Staten een reeks typische indianentrofeeën: zeventien scalpen, stukken hoofdhuid met haren die vermoorde vijanden waren afgenomen.

Het was een koopje. De prijs bedroeg niet meer dan 1100 dollar, twee flessen whiskey en een fles brandy.

Een boek over de indianenheld Winnetou van Karl MayBeeld Wikimedia Commons

Het museum in Radebeul is buitengewoon populair. Duitsers hebben een zwak voor indiaantje spelen. En opmerkelijk genoeg was dat ook het geval in de anders zo anti-Amerikaanse DDR. In het oosten van Duitsland wemelt het nog altijd van de wildwestparken waar Duitsers, verkleed als indiaan of cowboy, zich verplaatsen in de fantasieën van Karl May.

DNA-test
De schok is daarom des te groter dat een indianenstam nu een scalp terugeist. Het ding, door sommigen oneerbiedig 'die toupet' genoemd, is toch rechtmatig verkregen? "Als we die terug moeten geven, kunnen we het hele museum wel leegruimen", zegt een verontwaardigde museummedewerker.

Het museum in Radebeul is dan ook niet van plan toe te geven aan de wens van de Ojibwa. Het stelt alles in het werk om de scalp te behouden. Men overweegt een DNA-test om te zien of de bewuste scalp wel echt een trofee van de Ojibwa is. En men overweegt het ministerie van buitenlandse zaken in te schakelen ter bemiddeling. Of desnoods squaw Merkel zelve.

Claudia Kaulfuss, de directeur van het museum, heeft goede hoop. Scalpen werden immers veroverd opdat de kracht van de overwonnene op de overwinnaar overgaat.

Kaulfuss vindt dat ze in de kwestie zo sterk staat als een Ojibwa.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden