Reportage

De ijzersterke positie van Thailand als rijstexporteur heeft een forse knauw gekregen

Saokeaw Moonping (65) bij rijstvelden in Chiang Mai. Hij werkt al sinds zijn 11e als rijstboer. Beeld Ate Hoekstra

Een kwakkelende economie, hoge schulden en een bevolking die snel vergrijst hebben de ijzersterke positie van Thailand als rijstexporteur een forse knauw gegeven.

Met een kleine aanhangwagen aan zijn scooter gekoppeld, rijdt Sao- keaw Moonping (65) gestaag weg bij de doorweekte rijstvelden in Chiang Mai, in het noorden van Thailand. De rijstboer is op weg naar huis. “Ik werk al sinds mijn elfde op het land. Mijn vader en grootvader hebben ook altijd als rijstboer gewerkt”, vertelt hij in het licht van de ondergaande zon.

Thailand was jarenlang met afstand de grootste rijstexporteur ter wereld. Maar India heeft het land van de koppositie verstoten en de concurrentie vanuit met name Vietnam en Myanmar neemt toe. In 2019 zal het niet beter gaan, voorspelt de Thai Rice Exporters Association. Zij verwacht dat Thailand dit jaar 9,5 miljoen ton aan rijst exporteert, 14 procent minder dan vorig jaar.

Het is kenmerkend voor de Thaise economie. Waar buurlanden snel groeien en zich steeds competitiever opstellen, daar worstelt Thailand met een kwakkelende economie. De economische groei valt tegen, de schulden zijn hoog en veel Thai hebben het gevoel dat ze er alleen maar op achteruitgaan.

Andere groenten

Saokeaw merkt de gevolgen van de impasse. Hij verkoopt zijn rijst aan een coöperatie die hem al zes jaar exact dezelfde prijs voor zijn product geeft, namelijk 7000 baht per ton rijst (196 euro). “Maar mijn kosten zijn in diezelfde tijd zo ver gestegen dat alleen rijst verbouwen niet genoeg is om te overleven. Alles is duurder geworden. Ik ben daarom ook andere groenten gaan verbouwen; chilipepers, morning glory, sla en longan. Daar verdien ik meer mee dan met rijst.”

Economen vinden dat Thailand zich dan ook beter moet voorbereiden op de toekomst. Een recent rapport van de Wereldbank wijst op de noodzaak van beleidshervormingen en institutionele hervormingen, onder meer in het onderwijs en in het gemak van zaken doen. Maar eenvoudig gaat dat niet. De Thaise politiek wordt sinds ruim vijftien jaar beheerst door een diepgeworteld politiek conflict waarbij tegenstanders lijnrecht tegenover elkaar staan. Sinds bijna vijf jaar is het bestuur in handen van een conservatieve militaire regering die vooral inzet op infrastructuur en toerisme.

Vorig jaar groeide het bruto nationaal product (bnp) desondanks met 4,5 procent, de hoogste groei sinds 2012. Op regionaal niveau blijft Thailand echter achter. Indonesië, Myanmar, Vietnam, Cambodja en de Filippijnen noteren jaarlijks een groei van 5 tot 8 procent. In Thailand geldt bovendien dat de groei onvoldoende doordruppelt naar de gewone man, aldus het Internationaal Monetair Fonds in een vorig jaar verschenen rapport.

Levenskosten te hoog

Net na de parlementsverkiezingen staat de nieuwe, nog ongevormde regering dan ook voor een grote uitdaging. Julapan Amornvivat is zich daarvan bewust. Hij zal namens de Pheu Thai, de partij die bij de verkiezingen het hoogste aantal zetels won en die hoopt de nieuwe regering te mogen vormen, zitting nemen in het parlement. “Onder de militairen is de economie de verkeerde kant opgegaan”, zegt hij. “Daar ligt voor de nieuwe overheid de belangrijkste taak. We moeten ervoor zorgen dat mensen het beter krijgen. Dat willen we doen door de levenskosten naar beneden te brengen en boeren een betere prijs te geven voor hun product.”

Makkelijk zal dat niet gaan. Naast de toenemende concurrentie wordt Thailand namelijk ook nog geconfronteerd met twee andere uitdagingen: vergrijzing en torenhoge schulden. Thailand vergrijst sneller dan haar buurlanden. Naar verwachting zal in 2030 27 procent van de Thai 60 jaar of ouder zijn. Een alomvattend plan om dat op te vangen is er niet.

En dan zijn er nog de schulden per huishouding, die begin vorig jaar 77,7 procent van het bnp bedroegen. Volgens onderzoek van de University of the Thai Chamber of Commerce hebben vooral laagbetaalde arbeiders het moeilijk. Liefst 96 procent van 1194 ondervraagden heeft schulden.

Lening

Rijstboer Saokeaw heeft nog een lening openstaan bij de coöperatie die zijn rijst inkoopt. “Ze hebben nog 40.000 baht (1118 euro) van mij tegoed. Gelukkig hoef ik me niet te haasten met afbetalen”, zegt hij met een voorzichtige glimlach.

Of Thailand ooit weer ‘s werelds grootste rijstexporteur wordt? Putsadee Bundit, een gepensioneerde rijsthandelaar die te midden van de groene en kalme rijstvelden woont, denkt van niet. Hij verwacht dat de toch al felle concurrentie Thailand op een nog grotere afstand zal zetten. “Voor onze eigen consumptie importeren we nu rijst vanuit Myanmar en Vietnam. Die is namelijk goedkoper dan Thaise rijst.”

Lees ook:  

Wankele Thaise economie vreest gevolgen dood koning (uit 2016)

Ooit was Thailand de groeimotor van Zuidoost-Azië. Maar de groei is eruit, door scherpere regionale concurrentie en een haperend China.

Cambodja heeft economisch de wind al langere tijd in de zeilen. 

Op politiek vlak heeft het land grote problemen, maar economisch is er vooruitgang geboekt. Veel mensen die opgroeiden in armoede leven nu in welvaart.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden