Jelle's Weekdier

De huismus is een onterecht ondergewaardeerde vogel

Beeld Hollandse Hoogte / Peter Hilz

En de winnaar is: de huismus! Zo'n 65.000 tuinvogeltellers hebben vorig weekend vogels en vogeltjes zitten turven, en met 166.002 waarnemingen kwam de huismus glansrijk als nummer 1 tevoorschijn. 

Voor de cijferfetisjisten onder u: op plek 2 staat de koolmees met 128.946 turfjes, op 3 de pimpelmees (80.712), op 4 de kauw (68.589) en de vorig jaar zo zwaar door het usutuvirus getroffen merel belandde evengoed nog op plek 5 (67.982). Honderdduizend minder merels dan mussen.

De huismus, Passer domesticus, is een onterecht ondergewaardeerde vogel. Op het eerste gezicht is het een nogal onopvallende bruine verschijning maar wie beter kijkt, ziet een rijke schakering aan diverse bruin-, oker-, zwart- en grijstinten. 

Vanouds zijn mussen cultuurvolgers, die zich uitstekend thuisvoelen in de menselijke omgeving, met rommel, oude bouwsels met allerlei hoekjes en gaten, vee in de omgeving, gemorst graan, uitgeklopte tafelkleden vol broodkruimels. Ze nestelen graag in struikgewas, met klimop of vuurdoorn begroeide muren zijn daarbij favoriet. En ze tjilpen dat het een aard heeft, luidkeels en liefst kakafonisch allemaal tegelijk.

Luchtbuks

Er zijn weinig mussenhaters, wel mussenliefhebbers. Een daarvan was de Romeinse dichter Gaius Valerius Catullus, die leefde in de eerste eeuw voor Christus. Hij bezong de mus in het prachtige vers 'Passer, deliciae meae puellae' (de mus, het schatje van mijn meisje). Uit dit vers blijkt al dat het Latijnse woord voor mus 'passer' is, een woord dat door Linnaeus is gehandhaafd als de wetenschappelijke (Latijnse) naam van het mussengeslacht.

De beroemdste huismus van ons land is ongetwijfeld de dominomus, het onfortuinlijke vrouwtjesdier dat in 2005 met een luchtbuks werd doodgeschoten nadat ze enkele tienduizenden dominosteentjes had omgegooid in een hal in Leeuwarden waar opnamen werden gemaakt voor een televisieprogramma, waarbij diezelfde steentjes ook moesten omvallen maar dan op een tevoren gepland tijdstip. 

De gewelddadige dood van het diertje veroorzaakte een golf van verontwaardiging tot in de kolommen van de New York Times en de schutter die de mus doodschoot werd met hetzelfde lot bedreigd.

Die ophef was wel wat selectief. Er worden jaarlijks miljoenen vogeltjes door loslopende katten gedood, maar dat 'hoort er nu eenmaal bij'. Ook het gemotoriseerde verkeer eist de nodige slachtoffers, maar ook dat staat als onvermijdbare nevenschade te boek. 

De dominomus, die als gevolg van het schot een vleugel was kwijtgeraakt, staat sindsdien opgezet in Het Natuurhistorisch Museum te Rotterdam, een stille getuige van onze soms wat eigenaardige omgang met het dierenrijk.

Ondergepoept terras

Mussen zijn in de loop van de negentiende eeuw ook in de Verenigde Staten geïntroduceerd, naar verluidt omdat daarheen verhuisde Europeanen het gezellige getjilp zo vreselijk misten. Sindsdien gaat het daar met de huismussen als met zoveel invasieve exoten: ze zijn in aantal ontploft en over het hele continent uitgezwermd. 

Ik heb zelf nog nooit zoveel huismussen bij elkaar gezien (én gehoord) als in de boomkruinen boven een caféterras op een pleintje in Pittsburgh, Pennsylvania. Het terrasmeubilair werd meedogenloos ondergepoept. Ik beschouw dat laatste als subtiele Europese wraak voor de vele uit Amerika afkomstige exoten als muskusratten, Amerikaanse zwaardschedes en vogelkers.

Jelle Reumer is paleontoloog. Voor Trouw bespreekt hij iedere week een dier. Lees hier meer afleveringen van zijn rubriek.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden