'De huishoudschool was geen spinazieacademie'

Ruud Meijer, cultuurhistoricus

"Het viel me op, toen ik onderzoek deed voor mijn vorige boek, 'Onderwijs in Amersfoort 1850-1920', dat over elk type onderwijs - van kleuterschool tot gymnasium - wel was gepubliceerd, maar nooit over de huishoudschool. Dat vond ik opmerkelijk. De drie huishoudscholen hier in de stad leidden veel meer leerlingen op dan bijvoorbeeld de hbs of het gymnasium. Bovendien had de oudste van de drie scholen een landelijke reputatie. De kwaliteit van het onderwijs was zeer hoog.

Hierover moest een boek komen, vond ik. Al snel kregen stadsgenoten er lucht van dat ik me in de huishoudscholen verdiepte. Oud-leerlingen en -leraressen - de oudste ver in de negentig - meldden zich. Een van hen vertelde dat op de zolder van het huidige ROC een uitgebreid archief lag.

Als cultuurhistoricus was ik niet alleen geïnteresseerd in het huishoudonderwijs zelf, maar ook in de maatschappelijke context waarin dat was ontstaan. Enerzijds was eind negentiende eeuw in Nederland een mentaliteitsverandering gaande; men ging anders denken over de positie van de vrouw. Anderzijds was het de tijd van de industrialisatie en massaproductie; huishoudelijke apparaten als de wasmachine, het strijkijzer en de stofzuiger deden hun intrede. Uit die context vloeide het huishoudonderwijs op een natuurlijke manier voort.

De opening van de eerste huishoudschool hier - de Amersfoortse Industrie- en Huishoudschool, in 1905 - stuitte op verzet. Vooral van moeders, die vonden dat zij hun dochters zelf wel konden opvoeden. Maar daarna kwam het huishoudonderwijs tot bloei. De Rooms-Katholieke Huishoudschool St. Anna opende in 1935 haar deuren, de Christelijke Huishoudschool in 1958. Het onderwijs was erop gericht jonge meisjes op te leiden tot het beroep van huisvrouw. Niet tot het sloofje, maar tot de spil van het gezin, die het thuis gezellig maakt om haar man uit de kroeg en haar kinderen van de straat te houden.

Wat me verder aansprak, was de maatschappelijke ambitie van deze scholen. Leraressen deden veel aan voorlichting buiten de schoolmuren. Ze organiseerden bijeenkomsten over voeding, koken en handwerken. Tijdens de Eerste Wereldoorlog bijvoorbeeld, toen er weinig stoffen te krijgen waren, legden ze vrouwen uit hoe zij van dat beetje materiaal dat er was, toch iets moois konden naaien.

Vanaf de jaren zestig nam, met de opkomst van het feminisme, de populariteit van de huishoudscholen af. 'Spinazieacademies' werden ze destijds denigrerend genoemd. De Mammoetwet van 1968 was de doodssteek voor de scholen.

Gaandeweg voelde ik dat mijn boek een eerbetoon aan het worden was. Die term 'spinazie-academie' deed geen recht aan het hoogwaardige onderwijs dat de huishoudscholen aanboden.

Vorige week sprak ik met de eigenaresse van een Amersfoortse winkel. Ze had mijn boek gelezen en vertrouwde me toe dat ook zij de huishoudschool had bezocht. Ze schaamde zich ervoor. Haar leven lang al vertelde ze aan wie ernaar vroeg, dat ze de mavo had gedaan. Ik heb haar plechtig laten beloven dat ze dat zou rechtzetten, zonder enige schaamte."

Ruud Meijer: Beroep huisvrouw. Geschiedenis van het Amersfoortse huishoudonderwijs. Verloren, Hilversum; 256 blz. € 27

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden