De hoorwinkel is laagdrempelig, en soms een prima keuze

Kun je bij een winkel voor gehoorapparaten veilig je oren laten testen of moet je altijd bij de kno-arts langs?

De lezeres is 65 jaar, en twijfelt aan haar gehoor. Het lijkt er op dat ze in een gesprek dingen mist. Eerst wilde ze niets weten van een gehoorapparaat, maar nu is ze gaan twijfelen. Misschien ook wel door de enthousiaste reclames van winkels als Schoonenberg en Beter Horen. Daar staat de koffie al voor haar klaar en is de belofte dat de zorgverzekeraar meebetaalt aan een eventueel hoortoestel. Toch vraagt ze zich af: zijn die aardige mensen bekommerd om haar gehoor of denken die vooral aan hun eigen beurs? Misschien is het toch maar beter om eerst via de huisarts naar de kno-arts te gaan.

"Zo ging dat een paar jaar geleden inderdaad", zegt de Bussumse kno-arts Hans Joustra. Hij praktiseert niet meer sinds zijn pensioen, maar zet zich in voor zijn collega's van de kno-vereniging. "Maar voor de meerderheid van de patiënten - zo'n zeventig procent - was dat eigenlijk helemaal niet nodig. Bij hen was een eenvoudige gehoortest voldoende." En die kon ook best door de audicien gedaan worden, die in de hoorwinkel werkt. "Die hebben we daarvoor, samen met de audiologen, wel extra opgeleid. Vergelijk het met de opticien in de brillenwinkel. Extra voordeel is dat de drempel lager wordt: je stapt zo'n winkel toch eerder binnen dan dat je naar de arts gaat."

Waakhond

De normen voor de gehoortest zijn ondertussen niet veranderd: vanaf een gehoorverlies van rond de dertig procent komt het apparaat in beeld. "Natuurlijk hebben die winkels een commercieel belang", erkent Joustra. "Maar ze moeten zich aan de normen houden. En vergeet niet dat de zorgverzekeraar ook als waakhond functioneert. Voor een relatief klein gehoorverlies is er een relatief goedkoop hoortoestel."

Pas als het moeilijker wordt, moet de audicien mensen alsnog - via de huisarts - naar de kno-arts verwijzen. Als men bijvoorbeeld eerder al oorproblemen had. "Of denk aan een groot verschil in gehoorverlies tussen beide oren", zegt Joustra. "Niet iedere audicien kan dat goed testen, er is bijvoorbeeld lang niet altijd een geluidsdichte kamer." Stel dat het linkeroor het waarschijnlijk niet zo goed doet, terwijl het rechter nog een stuk beter is. "Dan kan het in een eenvoudige test dat goede rechteroor het linker helpen met horen. In de uitslag lijkt er links weinig gehoorverlies te zijn, terwijl dat in werkelijkheid tegenvalt. Om dat echt goed te testen moet je een ruis laten horen bij het goede oor terwijl je het andere oor test. Maar ook weer niet te veel ruis." In de kno-praktijk werkt de zogeheten akoepedist ofwel gehoordeskundige, die onder meer hiervoor is opgeleid.

Kortom, als het gecompliceerd wordt moet de audicien doorverwijzen naar de medisch specialist. Zo niet, dan is een hoorwinkel een betrouwbaar alternatief. Wanneer moet ze eigenlijk aan een apparaat gaan denken - hoe erg moeten de klachten zijn? Joustra: "Doorgaans zijn patiënten niet de eersten die daaraan denken. Mensen uit de omgeving wijzen erop: het is nu toch echt raar dat je herhaaldelijk dingen in een gesprek niet meer meekrijgt. De meeste mensen die om een gehoorapparaat vragen zijn gestuurd door anderen."

Zelf een vraag stellen? E-mail naar: gezondheid@trouw.nl of schrijf de redactie

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden