De hitman moordt in opdracht en is direct vertrokken

AMSTERDAM - De schipper op het veerpontje tussen Herwijnen en Brakel dacht op die februariochtend in 1985 even een rode oliedrum uit de vaarroute op te ruimen.

HANS MARIJNISSEN; ADRI VERMAAT

Met de oprijklep probeerde hij het vat te scheppen om het in een dieper deel te dumpen. Maar het vat raakte beschadigd en de schipper werd geconfronteerd met de inhoud: het lichaam van wereldkampioen kickboksen Andre Brilleman.

Brilleman, bleek uit het politieonderzoek, was zo'n twee weken daarvoor gedood. Om de identificatie te bemoeilijken was zijn gezicht verminkt met zes schoten van vlakbij. Daarna werd het lichaam in hurkhouding in het vat gedaan, dat werd bijgevuld met beton. Het vat had nooit gevonden mogen worden, was ook nooit ontdekt als het niet op de route van het pontje was gekomen.

De zaak is nooit opgelost. Er zijn wat verdachten aangehouden en weer vrijgelaten, maar de recherche is van een ding overtuigd: Brilleman is koelbloedig geliquideerd. De jaren ervoor was hij niet alleen wereldkampioen kickboksen geworden, maar zich ook gaan bezighouden met 'protectie', zoals wel meer jongens uit de sportscholen in Amsterdam, en trad op als beschermer en lijfwacht van mensen uit de seksindustrie, de gokwereld en de drughandel.

Brilleman zou ook betrokken zijn geweest bij liquidaties of pogingen daartoe. Zo zou hij op de knop hebben gedrukt bij een mislukte bomaanslag op een hasjhandelaar in Hoofddorp in 1982 en een rol hebben gespeeld bij de liquidatie van een Joegoslavische gokbaas een half jaar eerder in Amsterdam. Brilleman zou ook een lijfwacht zijn geweest van 'dominee' Klaas Bruinsma, de Amsterdamse mafiabaas die ook weer is geliquideerd, in juni vorig jaar, bij het verlaten van het Amsterdamse Hiltonhotel.

De liquidatie van Brilleman was niet de eerste afrekening waarmee de politie kreeg te maken en zeker niet de laatste. Het was er wel een die opviel, zegt J. Rutjes, plaatsvervangend hoofd tactische recherche in Nijmegen is. Misschien dat de bekendheid van het slachtoffer en de vondst van een lijk in een vat - niet in de binnenstad van Amsterdam, maar op een rustiek plekje op het platteland - ertoe heeft bijgedragen dat de moord op Brilleman model is gaan staan voor een nieuw fenomeen: de criminele liquidatie.

Afrekeningen waren voor de politie niet nieuw, huurmoorden ook niet. In de jaren '60 en '70 werden herhaaldelijk in opdracht mensen vermoord, soms uit wraak, soms in opdracht van mensen die van hun partner afwilden. "Maar een liquidatie uitgevoerd door de stromannen van een misdaadsyndicaat, om puur zakelijke redenen, was de politie alleen nog sporadisch tegengekomen bij het optreden van Chinese triades in de jaren '70" , aldus Rutjes.

"Eind vorig jaar" , zegt Rutjes, "vonden we naast de snelweg bij Kilder op een bouwland het lichaam van een Turkse man. Doodgeschoten, door een

llega uit de misdaadscene. Motief: oneenigheid over een drugtransactie. De moordenaar is gepakt." Een uitzondering, zegt Rutjes, want criminele afrekeningen worden zelden opgelost. Bij een 'gewone' moord weten de buren nog wel 's wat te vertellen, bij een moord in het criminele circuit houdt iedereen de kaken op elkaar: uit loyaliteit, of angst. Want wie zijn mond opendoet, kan de volgende zijn die in een vat beton wordt opgevist.

Volgens de Centrale recherche informatiedienst (CRI) in Den Haag is het oplossingspercentage van liquidaties laag: 20 procent, tegen 80 bij andere moordzaken. En het aantal liquidaties neemt de laatste jaren gestaag toe, al is het moeilijk dat vast te stellen omdat niet altijd duidelijk is dat het om een afrekening gaat. Sommigen verdwijnen en er wordt nooit meer iets van vernomen. De CRI heeft vorig jaar 160 dossiers van dodelijke schietpartijen tussen 1985 en 1987 geanalyseerd. In bijna 17 procent zou het gaan om een liquidatie. Zowel absoluut als relatief is er sprake van een toename van het aantal afrekeningen. In 1985 ging het om 13 procent van de moord en doodslaggevallen, in 1986 15 procent, en in 1987 22 procent. Over latere jaren zijn geen analyses beschikbaar, maar waarschijnlijk is er sprake van een forse toename, zeker na de afrekening in februari in de Amsterdamse Mercatorbuurt waarbij drie Turken door messteken om werden gebracht en de liquidaties in Rotterdam. Daar vonden dit jaar al 13 moorden plaats. Negen daarvan heeft de politie (nog) niet tot een oplossing kunnen brengen. Van tenminste drie zaken vermoedt de politie dat er sprake is van een criminele afrekening. In een geval, rond de jaarwisseling, werd een 20-jarige, illegaal in Nederland verblijvende Turk vermoord, waarna de onbekende dader(s) zijn woning in Rotterdam-Zuid in brand staken. Dit laatste vermoedelijk louter in een poging eventuele sporen uit te wissen.

Van de 13 'Rotterdamse' slachtoffers dit jaar waren er acht van nietNederlandse afkomst. Van drie - de mannen die begin deze week vermoord werden gevonden in een woning - staat de identiteit nog niet vast. "Als we over verschillende nationaliteiten praten, hebben we het over verschillende culturen" , aldus woordvoerder Ger de Jong van de Rotterdamse politie. "Emoties kunnen een rol spelen bij zware delicten. In groepen zitten probleemgevallen, die aan de onderkant van de maatschappij zijn beland. Mensen met weinig scholing, die het Nederlands niet beheersen en voor wie het perspectief somber is. Zo'n lage drempel kan al gauw iemand op het pad van de criminaliteit brengen."

Volgens C. Vermond, chef van het bureau zware criminaliteit van de Haagse politie, worden liquidaties vooral uitgevoerd op leden van de eigen organisatie en gaat het minder om afrekeningen tussen rivaliserende bendes. "Het is bekend dat deze groepen, actief in de handel in harddrugs, een sterke hierarchie hebben met eigen wetten. Er wordt geregeerd met ijzeren hand: wie niet luistert moet maar voelen."

Hij noemt de afrekening op 11 december aan de Haagse Cronjestraat toen de eigenaar van een koffieshop met enkele schoten in het hoofd werd vermoord. Een maand eerder was een liquidatie in de Cartesiusstraat mislukt, het slachtoffer werd zwaargewond, badend in het bloed, achtergelaten. Vermond: "Beide afrekeningen vonden plaats in opdracht van dezelfde verdachte, die inmiddels is aangehouden. Hij heeft voor de ene aanslag 15 000 gulden betaald en had voor de ander 5 000 gulden over. Het motief: kinnesinne in de Haagse hasjwereld. De drie compagnons in zaken waren met ruzie uit elkaar gegaan, met die liquidaties als gevolg."

Het lijkt alsof criminelen slechts uit financiele overwegingen een opdracht aannemen. Soms is dat zo, zowel de Nijmeegse rijkspolitieman Rutjes als de Hagenaar Vermond hebben het over hitmen die worden ingevlogen voor een actie en daarna direct weer naar het buitenland vertrekken. Vermond: "Dat komt steeds vaker voor. Bij die twee aanslagen in Den Haag is een van de Marokkaanse schutters illegaal naar ons land gekomen en direct na de schietpartij weer naar Marokko gevlucht. Ander voorbeeld is een afrekening vorig jaar in een hier opererende bende bestaande uit Israeliers waarbij de schutter even werd overgevlogen vanuit Tel Aviv."

Toch, zegt Vermond, is het geld meestal van ondergeschikt belang. Angst, chantage en bedreiging van de schutter in spe spelen veel eerder een rol. Niet dat de politie dat altijd te weten komt, maar heel soms wordt bij de behandeling van een strafzaak een tipje van de crimisluier opgetild: bij een rechtszaak in Den Haag bijvoorbeeld toen vorig jaar de moordenaars van de Rijswijkse orchideeenkweker G. de Graaf moesten voorkomen. De tuinder is in 1991 - in opdracht - van dichtbij in zijn kas doodgeschoten omdat hij een jaar daarvoor een drugtransport van de buren zou hebben aangegeven. Een 42-jarige man uit Delft kreeg 20 jaar voor uitlokking van de moord, de schutter uit Arnhem 12 jaar. Voor de rechter werd duidelijk dat de hoofdverdachte in de gevangenis in Haarlem de moordopdracht had aangenomen voor 40 000 gulden. De opdrachtgever kon niet worden achterhaald. De Delftenaar liet zich door handlangers van de opdrachtgever bevrijden, andere gedetineerden konden met hem meevluchten, maar later dwong hij in ruil voor die ontsnapping de medewerking van de schutter af.

De ontsnapping zou hem 25 000 gulden kosten. "Ik had mijn Rolex en gouden ketting al moeten inleveren" , zei de schutter op de zitting. "En nu werd ik gedwongen de resterende schuld af te lossen door het vermoorden van de kweker." De schutter dacht dat hij door zijn daad zou 'vrijkomen', niets was minder waar. Hij kreeg opdracht een medeplichtige aan een eerder mislukte aanslag op de kweker te doden en moest zijn lijk van de Zeelandbrug gooien. Ook stond de vrouw van een koppelbaas op het dodenlijstje. Zijn arrestatie voor de Rijswijkse moord gooide roet in het eten.

Rutjes verwacht een verdere stijging van het aantal liquidaties. "Deze afrekeningen hebben te maken met geld en macht en naarmate de misdaadbendes groter worden, wordt het afzetgebied kleiner en de strijd dus harder."

Vermond is dat met hem eens. "De stijging van het aantal liquidaties, gaat hand in hand met de groei van de georganiseerde misdaad. En het is zo dat de politie daarop nauwelijks vat heeft." Het publiek schrok 1985 van de moord op Brilleman, nu ontstaat pas bezorgdheid als twee keer drie mensen worden geliquideerd. "Over vijf jaar zal het publiek daar ook niet meer van opkijken" , zegt Vermond. "Ik sta er soms van te kijken wat Nederland tegenwoordig allemaal accepteert, hoe ongevoelig men is voor dit soort gruweldaden. Sommigen zullen niet zitten met een liquidatie van een man als Bruinsma, zijn wellicht blij dat ie uit zijn schoenen is geknald. Opgeruimd staat netjes. Ook politiemensen denken zo. Toch blijft ons beleid: wij pakken dat soort praktijken aan. Je kunt toch niet accepteren dat er in je voortuin wildwest wordt gespeeld?"

Toch gaat ook de Rotterdamse politie anders om met moordzaken dan 20 jaar geleden. Voor een deel noodgedwongen, doordat niet altijd voldoende menskracht beschikbaar is. In het onderzoek naar de tweede drievoudige moord moest in het begin zelfs met vier rechercheurs worden volstaan. Dat zijn er nu 15. Anders dan voorheen wordt nu elke week bekeken, of het zin heeft lopende onderzoeken voort te zetten. "Maar als je dan niets kunt aantonen en je na verloop van tijd geen steek wijzer bent, moet je toch met zo'n onderzoek stoppen. Dan heeft het geen zin meer en ben je niet langer efficient bezig."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden