DE HEILIGE WOEDE VAN 200 KRAKERS

Twee van de drie krakers die de politie van Turijn dit voorjaar arresteerde, pleegden zelfmoord. 'Vermoord door de staat', beschuldigt hun aanhang, die zich steeds verder van de stad vervreemdt. In plaats van dat de krakers vechten tegen verpaupering en 'de beurs', bezetten zij ruïnes.

CECILE LANDMAN

Edoardo Massari (35), Maria Soledad Rosas (24) en Silvano Pelissero (37) werden op 7 maart in Turijn gearresteerd. De drie krakers zouden lid zijn van een criminele organisatie en wapens in hun bezit hebben, zo luidde de beschuldiging van de politie. Drie weken later verhing Edoardo Massari zich in zijn cel. Zijn vriendin, de Argentijnse Maria Soledad, volgde op 11 juli zijn voorbeeld. Alleen Silvano Pelissero is nog in leven. Na een hongerstaking van een maand in de zwaarbeveiligde gevangenis van Novara zit hij nu in huisarrest.

In 'L'Asilo', een kraakpand even buiten het centrum van Turijn, is de stemming bedrukt. In de verder grauwe straat, de Via Alessandria, valt het pand door zijn blauw-zwart-wit beschilderde muren onmiddellijk in het oog. In de grote tuin zitten zo'n twintig krakers te eten. Couscous, wijn, en een zelfgebakken taart toe. Ze maken nerveuze grappen, bijvoorbeeld over de 'Lupi Grigi', de Grijze Wolven. In Turkije staat 'Lupi Grigi' voor extreem-rechts, weten ze, maar in Turijn wordt deze naam geassocieerd met 'ecoterroristen' die aanslagen op het traject van de hoge snelheidslijn zouden hebben gepleegd. Ook Pelissero, Massari en Maria Soledad, denkt de politie, behoren tot deze 'Lupi Grigi'.

In de gangen van 'L'Asilo' hangen artikelen over 'de zaak' Pelissero-Soledad-Massari. In een grote huiskamer staat een televisie, waar de krakers alle journaals volgen. Aan de muur hangen actieblaadjes, op een plank ligt een stoffig dossier over de maffia. Een kleine ruimte met gammele computer doet dienst als informatiecentrum. Daar werd ook een dik pakket fotokopieën van krantenartikelen ge - maakt: kopieën die aantonen, zeggen de krakers, dat de pers en politie tegen hen samenspannen. Politie en pers hebben de zaak volgens de krakers gezamenlijk 'gemonteerd' en tot belachelijke proporties opgeblazen; waarom wordt Pelissero anders in de pers voor 'infiltrant' versleten. “Je kunt niemand meer vertrouwen deze dagen”, zegt een meisje met bruine paardenstaart, “het is allemaal zo vreemd.”

De politie hield Massari, Pelissero en Soledad Rosas al maanden in de gaten. Met camera's, telefoontaps, microfoons, peilzenders en satellietcontrole gingen agenten voortdurend hun gangen na. 'Rome is een dief - Padanie Vrij - De revolutie begint door de TAV, de hogesnelheidstrein, te stoppen', hoorde de politie twee krakers tijdens één van de afgeluisterde gesprekken zeggen.

Ook in hun huis, het gekraakte Kasa Occupada, zijn opnamen gemaakt. Op de band praten Pelissero, Massari en Soledad onder meer over verfbommen met tijdontsteking. In Val di Susa, iets ten noordwesten van Turijn, pleegden in 1996 en 1997 nog onbekende daders aanslagen op het spoor waar de hogesnelheidstrein zal komen. In pamfletten eisten de 'Lupi Grigi', de Grijze Wolven, deze aanslagen op. Volgens justitie waren Pelissero, Massari en Maria Soledad betrokken bij deze 'aanval' op de trein.

Begin maart bracht Silvano Pelissero zijn auto naar de garage. Daar ontdekten ze iets vreemds: er zat een zendertje in de auto. Omdat de politie zich realiseerde dat deze vondst haar onderzoek in gevaar bracht, arresteerde zij onmiddellijk Pelissero, Massari en Maria Soledad. De drie maakten zich volgens justitie in ieder geval schuldig aan brandstichting in een gemeentehuis, bezit van explosieven, proletarisch winkelen en vernielingen. Hun betrokkenheid bij de aanslagen op de spoorweg, zo moest de rechtbank van Turijn erkennen toen zij het voorarrest verlengde, kon nog niet worden bewezen. Wél zou uit het opgenomen materiaal blijken dat de drie krakers acties voorbereidden en uitvoerden. Onzin, weerleggen hun advocaten, die de politie ervan beschuldigen het bewijsmateriaal “achteraf samengesteld te hebben”.

Eduardo Massari vestigde al eerder naam als kraker in Turijn. In 1991 kraakte hij een zwembad dat in eigendom was van de provincie. De aanleg van dit complex kostte miljoenen, maar het werd nooit in gebruik genomen. Toen Massari het in bezit nam en er een Centro Sociale (zo heten alle kraakpanden met een publieke functie) van maakte, stond het al zeven jaren leeg. Zelfs de rechter die over deze zaak oordeelde, zei deze kraakactie wegens de “duidelijke sociale achtergrond” te kunnen waarderen.

In 1993 was Massari ook al opgepakt. De politie kwam hem toen op het spoor omdat een zelfgemaakte bom in zijn fietsenwerkplaats ontplofte. Hij werd gearresteerd en zat zeven maanden in voorarrest. Dit soort termijnen is in Italië heel gewoon, net als de politieke ruzies daarover. Op 28 maart dit jaar, de dag nadat Massari hoorde dat hij ook dit keer langer in voorarrest moest blijven, pleegde hij zelfmoord. Voor zijn Argentijnse vriendin Maria Soledad, die zich in september bij hem had gevoegd, was Massari haar grote liefde. Ze woonden samen in het Kasa Occupada en, naar blijkt uit opnamen van de politie, ze kwamen ook samen op het idee een geldautomaat te verbranden. Een leuk grapje voor Valentijnsdag, bedacht het verliefde stel. Maria Soledad verhing zichzelf op 11 juli in de gemeenschap waar ze in huisarrest zat.

En zo is Pelissero de enige die nog vastzit. Pelissero belandde in de begin jaren tachtig ook al enige tijd in de gevangenis, nadat er - verborgen - explosieven in zijn kippenfokkerij ontploften. Net als bij Massari, die een explosie in zijn werkplaats veroorzaakte, besloot de politie direct tot arrestatie.

Vier maanden na zijn laatste arrestatie, op 7 maart van dit jaar, beweert de politie dat Pelissero een exemplaar van 'Mein Kampf' in zijn bezit had. In het exemplaar dat agenten in zijn huis aantroffen, staan aantekeningen in de kantlijn en zijn vele zinnen onderstreept. Bovendien zou Pelissero zich hebben ingeschreven bij de separatistische Lega Nord van Umberto Bossi. De Lega Nord knikkerde Pelissero er echter snel weer uit, omdat hij voorstelde de afscheiding van Italië met bomaanslagen te versnellen. Pelissero is, voorzover bekend, de enige die in het bezit was van pamfletten ondertekend met 'Grijze Wolven'. Enkele weken geleden besloot justitie dat hij de gevangenis mocht verlaten, maar hij moet wel onder huisarrest blijven.

In de week van de arrestaties maakte Gianni Amelio, de regisseur van de film 'L'America', net opnamen voor zijn nieuwe film in Turijn. Toen hun krakers-vrienden het nieuws van de aanhouding hoorden, bezetten zij de filmset. Ze wilden de aandacht van de pers, zeiden ze. Amelio liep pisnijdig weg, niet van plan hen enige tijd of ruimte te gunnen.

Enkele weken later organiseerden de krakers een landelijke demonstratie waar 5 000 mensen kwamen. Deze verliep relatief rustig, maar een voorstelling van Nobelprijswinnaar Dario Fo en zijn vrouw Franca Rame werd in diezelfde periode grondig verstoord. Turijnse anarchisten, die de vrijlating van Maria Soledad en Pelissero eisten, hadden van Fo de toezegging gekregen op het podium hun zegje te mogen doen. Fo hield zijn belofte, maar toen een kraakster riep dat Rame een fasciste was, werd het zelfs hem te gortig. Rame verdween huilend achter het doek.

Op 16 juli vond de crematie plaats van Sole ('Zon'), zoals de krakers Maria Soledad noemden. Op de avond voor haar crematie vond de politie, na een bommelding, een pakketje op het spoorwegtraject Turijn-Milaan. Aan de nepbom hing een briefje in uitgeknipte krantenletters: 'Dit is nog maar een klein voorproefje van wat er kan gebeuren.' Ondertekend: 'Grijze Wolven'.

Bij de crematie werd geen enkele onbekende toegelaten. Journalisten werden door de krakers naar een hoek gestuurd, waar de politie had toegezegd hen te zullen beschermen. “Ik wil respect!”, schreeuwde een jonge, woedende kraker tegen de politie en het journaille.

De pers is misschien wel de grootste vijand van de krakers in deze dagen. De betrekkelijk onbelangrijke gebeurtenissen komen uitvergroot in het nieuws. Zelfs de artikelen in kwaliteitskranten geven het gevoel dat er binnenkort een oorlog uitbreekt.

Sinds de pers mikpunt is van acties, zorgt de politie voor bescherming. Een journalist van het landelijke persbureau Ansa belandde in het ziekenhuis nadat hij was aangevallen door krakers. Een verslaggever van het linkse dagblad Il Manifesto zette het na een paar schoppen op een rennen. Weer een andere journalist weet dat 'ze' foto's van hem hebben. En de journalist die er even in slaagt toenadering te zoeken, wordt na ontmaskering gedwongen het pand onmiddellijk te verlaten. “Je bent gered omdat je vrouw bent en blond. Raus!”, voegt een kraker haar toe. De krakers hebben niets meer uit te leggen. Niemand kan hen begrijpen, ze zijn alleen in een verloren strijd.

Toch vormen de arrestaties volgens de rechter “zeker geen offensief tegen de kraakpanden van Turijn”. Ook burgemeester Castellani van de centrum-linkse Olijf verzekert dat hij niet van plan is kraakpanden te ontruimen. Tot nu toe heeft het stadsbestuur de krakers getolereerd; gemeenteraadsleden van de Groenen en de Communistische Herstichting liepen zelfs mee in een demonstratie die de anarchisten op 29 maart hielden. Forza Italia, de rechtse oppositie in Turijn, pleit wel voor een hard beleid en ontruiming van alle panden. Voor de krakers betekent dit onzekerheid, omdat Turijn politiek in tweëen is gesplitst. Castellani van de Olijf won de verkiezingen voor de burgemeesterstoel slechts met een voorsprong van 3 000 stemmen op Forza Italia.

Voor de ruim tweehonderd krakers in Turijn wordt het leven steeds moeilijker omdat de grenzen van de tolerantie zoek zijn. In Turijn wonen rond een miljoen mensen. Twee derde daarvan komt niet uit de stad zelf; de immigratie is groot en neemt nog steeds toe. In de jaren vijftig kwamen velen uit andere delen van het land, vooral uit Sicilië, Apulië en Calabrië. In Turijn was werk; de Fiat-Mirafiori fabrieken draaiden steeds beter en de auto-industrie betekende toekomst. De stad verdriedubbelde.

Inmiddels komen de immigranten uit andere landen. Uit een verder zuiden, of het oosten. Aan de zuidkusten van Italië zijn in de afgelopen weken honderden immigranten aangekomen uit Noord-Afrika, Albanië, Kosovo, Sri Lanka en de Koerdische regio. Met bootjes en boten worden ze vervoerd, en soms ver van de kust overboord gezet. Een week geleden stierven acht Noord-Afrikanen die de kust van het eilandje Pantelleria zwemmend niet konden bereiken. Vijf verstekelingen verbrandden op een schip bij Genua levend. Na hun ontdekking brak er brand uit in de container waarin ze verstopt zaten. Degenen die het wel lukt aan wal te komen, reizen vaak door naar Turijn. Maar daar neemt de werkloosheid toe. De stad veroudert en loopt leeg.

In enkele buurten van het centrum organiseren kleine ondernemers nachtelijke ronden. Hun eerste doel is de immigranten - Noord-Afrikanen, Albanezen en Oost- Europeanen - te controleren. De nieuwste plaatselijke verordening verbiedt de verkoop van drank in flessen in het centrum. Een dronken Noord-Afrikaan sloeg laatst iemand tegen de grond met een kapotgeslagen fles, in de week daarop gebeurde dat nog eens. Deze verordening kan de agressie op straat niet oplossen, klagen kleine ondernemers. Steeds meer ondernemers sluiten hun zaak in het centrum.

Wie Turijn zegt, noemt onmiddellijk de grote ondernemer Giovanni Agnelli. 'De Advocaat' heet hij ook wel, deze oude en nog steeds machtige baas van Fiat. Jaren dreef de hele stad op de winsten van Fiat-Mirafiori. Agnelli is een van de machtigen in Italië die het met iedere regering kan vinden, of beter gezegd: iedere regering moet het wel met Agnelli kunnen vinden, want híj is een macht die boven de politiek uitstijgt.

In de landelijke politiek heeft Agnelli nogal wat deuntjes van een gewijzigde melodie of ritme voorzien. Hij is en blijft een soort ongekroonde koning. Zijn imperium is wel vergeleken met dat van een staat-in-een-staat. De industriële dynastie strekt zich tot ver buiten de grenzen uit: over banken, verzekeringsconcerns, detailhandelketens, wijn- en sterke-drankenhandel, textiel, chemicaliën, wapens en elektronica voor militaire doeleinden, ruimtevaart, techniek, kranten en tijdschriften, telecommunicatie, uitgeverijen, reclamebureaus en meer.

Hoewel bijna geen Italiaans bedrijf aan de processen rond smeergeldschandalen ontkwam, bleven Fiat en Agnelli meest buiten schot. En toch noemde een van de getuigen in de processen rond Tangentopoli, de smeergeldschandalen waarin grote geldbedragen aan de politieke partijen werden gegeven, onlangs de naam van Fiat. “Aan de ene kant waren er de politieke partijen die zich met dit geld lieten paaien”, zei deze getuige, “Aan de andere kant waren er de bedrijven die dit geld aan die partijen verstrekten. Een van die bedrijven was Fiat.”

Toch zet Fiat de afgelopen maanden steeds meer werknemers op straat. “Turijn was de stad waar één bedrijf het voor het zeggen had, maar nu is Fiat een lege dop. In 1979 werkten er 130 000 arbeiders, nu zijn het er nog minder dan 40 000”, weet de socioloog en schrijver Marco Revelli. Ook Fiat trekt weg naar gebieden waar de arbeidskosten laag zijn; naar het zuiden van het land, of naar Oost-Europese landen.

Twintig jaar geleden lag alles in de stad nog duidelijk. De terreinen waarop de conflicten werden uitgevochten, waren afgebakend. En daar hield men zich ook aan, de oppositie, de politici, de intellectuelen, de arbeiders. De strijd die Turijnse jongeren deze dagen voeren, stuit in de rest van Turijn op onbegrip. Nee, dan twintig jaar geleden, toen linkse jongeren naar de poorten van de fabrieken gingen om arbeiders uit te leggen wat er niet deugde. Op z'n minst werd er contact gezocht met de een of andere 'basis'. Juist dat doen de krakers niet. Die lijken in hun isolement te imploderen.

Blackout, de krakersradio in Turijn, roept hooguit op tot prikacties, en scheldt journalisten, politie en rechters uit. Andere radio's nemen deze 'boodschap' over, maar noch in Turijn, noch in andere steden bestaat enige solidariteit met deze anarchisten. Vijftig mensen deden mee aan een manifestatie bij de plek waar Pelissero in huisarrest zit. “Massari en Sole zijn vermoord door de Staat”, scandeerden ze, “Silvano Vrij!” De krakers, analyseert de socioloog Revelli, wonen in de ellende die de stad in de afgelopen jaren heeft geproduceerd. Voor het eerst kent Turijn een generatie jongeren die een slechtere toekomst voor zich ziet dan hun ouders in hun tijd voor zich zagen. “De woede van deze jongeren is heilig”, stelt de socioloog, en hij wijst op de buurt Valetta, waar de jeugdwerkloosheid al hoger ligt dan vijfenveertig procent. Valletta is een wijk die in de jaren vijftig en zestig voor de immigranten uit Zuid-Italië is gebouwd. “Het zou pas erg zijn als daar geen sociaal protest uitbreekt. De nationale media en een groot deel van de plaatselijke politici geven de krakers het gevaarlijke imago van terroristen uit de jaren zeventig. Maar zo is het niet. Het gaat hier niet om de gijzeling van Aldo Moro. De mogelijkheden van de krakers om werkelijk toe te slaan, zijn beperkt. De echte machtscentra zijn mijlenver weg van hun acties.”

Turijn is volgens Revelli, die zelf lid is van de gemeenteraad, een “verdeelde stad”. In zijn ogen is Turijn onzeker, en alsmaar op zoek naar punten van overeenkomst. “Het fragiele gezicht van de anarchisten krijgt binnen deze omstandigheden het masker van de vijand. De tragedie is dat de krakers deze rol blijmoedig op zich lijken te nemen. Maar het is een rol die in werkelijkheid niet bestaat. Ze kraken de ruïnes van de stad, niet de beurs of andere belangrijke centra van de macht.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden