De haltekunst hangt al

Ondergronds museum | Reportage | Over een jaar zoeft eindelijk de metro door de Amsterdamse Noord/Zuidlijn, maar de kunstwerken tegenover de perrons zijn al af.

Amsterdam is volgend jaar een enorm museum rijker. Hoite Detmar, directeur van de Noord/Zuidlijn, zegt het met onverholen trots. "Met zeven enorme zalen. Geweldige lichtinval. En we kunnen iedere dag met gemak duizenden bezoekers aan. Die hoeven niet eens te voet door de zalen, maar kunnen gewoon de metro pakken."


Met die zalen bedoelt hij de haltes, die, nog verstoken van reizigersdrukte en treingeraas, inderdaad behoorlijk museaal aandoen. Medio volgend jaar moet de Noord/Zuidlijn eindelijk rijden, gisteren werden buurtbewoners en pers alvast een blik gegund op de enorme kunstwerken van metrohalte Rokin.


Traag afdalend vanaf de lange roltrappen, waarlangs het zonlicht het station binnenvalt, ontvouwen die 110 meter lange marmeren wandtapijten zich langzaam aan weerszijden van het perron. Halte Rokin is versierd met een uitgestrekt motief van alledaagse voorwerpen, 33 reusachtige afbeeldingen van onder andere een verfkwast, een paraplu, dobbelstenen, maar ook een vlinder, garnaal en een eend.


Het Gemeentelijke Vervoersbedrijf (GVB) kiest er in Amsterdam niet voor om te hameren op stadsidentiteit of nationale trots. Hier gaat het om de wisselwerking met de wijk waarin de halte staat, legt Detmar uit. Zo is er in De Pijp een abstract, veelkleurig werk dat deze multiculturele buurt moet weerspiegelen, bij halte Vijzelgracht prijkt een reusachtige afbeelding van wijlen buurtbewoner Ramses Shaffy.


Hier op het Rokin, vertelt stadsarcheoloog Jerzy Gawronski op het maagdelijk lege perron, liet het Frans-Britse kunstenaarsduo Daniel Dewar en Grégory Gicquel zich inspireren door de 700.000 archeologische voorwerpen die tijdens het graven van de Noord/Zuidlijn uit de Amsterdamse veenbodem zijn gedolven. "Waarvan met 400.000 objecten het merendeel hier: halte Rokin is immers de oude rivierbedding van de Amstel."


Een feestje hoor, dat inventariseren van containers vol Amsterdamse ouwe meuk. Van prehistorische potscherven of roestig gereedschap tot mobiele telefoons en bankpasjes. Gawronski zocht het allemaal uit, duizenden objecten komen in vitrines langs de roltrappen te liggen. Onderaardse objecten die een verhaal krijgen door hun gebruik bovengronds, zegt de Britse kunstenaar Daniel Dewar. Vandaar de afbeeldingen van alledaagse objecten, afgewisseld met levende beesten.


Nog een gedoe trouwens, om metrokunst aan de muur te krijgen. De GVB hield een aanbesteding, een longlist werd een shortlist, vervolgens bogen vertegenwoordigers van de gemeente, reizigersorganisaties, het vervoerbedrijf, kunstkenners en natuurlijk de architect zich over de ontwerpen. Dat levert misschien niet al te prikkelende of schurende kunst op, maar dat hoeft ook niet, zegt metrodirecteur Detmar. Er is gekeken naar houdbaarheid. En, belangrijk in de openbare ruimte, het moet een zekere rust uitstralen.


Niet dat dit voor hem een uitgangspunt was, zegt Dewar. "We wilden gewoon afbeeldingen die fijn zijn om naar te kijken", zegt hij over het marmeren inlegwerk aan de overkant van het spoor, waarnaar straks, dag in, dag uit, duizenden reizigers zullen kijken, wachtend op lijn 52.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden