De hackwet schiet tekort

Ict-jurist Jan-Jaap Oerlemans promoveerde op 10 januari 2017 aan de Universiteit Leiden. Zijn proefschrift gaat over digitale opsporingsmethoden naar cybercrime, alle criminaliteit waarbij de daders gebruikmaken van ict. Oerlemans keek naar de manier waarop de Nederlandse wet die opsporingsmethoden regelt.

undefined

Wat heeft uzelf het meest verrast tijdens het onderzoek?

"Dat extreem goed beveiligd, versleuteld, online verkeer een veel groter probleem is dan ik had verwacht. Een Kamerbrief uit 2009 waarschuwde al dat encryptie problemen oplevert voor opsporingsdiensten. Ik dacht aan het begin van mijn onderzoek, in 2010, dat dat wel meeviel, dat versleuteling alleen speelde bij zware delicten als kinderporno. Maar nu vinden we het normaal dat je smartphone is versleuteld, of de diensten van Google, Facebook en LinkedIn. Voordeel is dat online communicatie nu veel veiliger is. Maar voor opsporingsdiensten is het lastiger om internetverkeer te volgen voor het verzamelen van bewijs."

undefined

Wat weten we nu wat we nog niet wisten?

"Het juridische kader voor digitale opsporing heeft dringend een update nodig. Zowel in Nederland als over de grens. Er is een groot grijs gebied ontstaan waar het huidige strafprocesrecht voor cybercrime tekortschiet of verouderd is. Er ligt een enorm potentieel voor de opsporing door hacken, en in onderzoek naar data in de cloud en op social media, en naar persoonlijke gegevens die vrijelijk beschikbaar zijn op internet. Maar zulk onderzoek vergroot het risico op schending van het recht op privacy. In principe geldt voor opsporingsdiensten: wat offline mag, mag online ook. Maar over de interpretatie van wetsartikelen bestaat onduidelijkheid en er is gebrek aan jurisprudentie."

undefined

Wat kunnen we met die wetenschap?

"Mijn onderzoek laat zien dat er meer nodig is dan de nieuwe Wet Computercriminaliteit III, de 'hackwet' die in december is aangenomen. Die wet regelt de hackbevoegdheden van opsporingsdiensten. Maar er is ook behoefte aan duidelijkheid over de regulering en reikwijdte van digitaal sporenonderzoek; in de rechtszaal moet duidelijk zijn waar het bewijsmateriaal vandaan komt. Voor de bescherming van de privacy van burgers is bovendien gedetailleerdere regelgeving nodig. Voor langdurig volgen van social mediaprofielen bijvoorbeeld, is een bijzondere opsporingsbevoegdheid vereist. Dit is nu niet geregeld. Over dat urgente probleem blijft het opvallend stil.

"Daarnaast moeten staten nieuwe rechtshulpverdragen afsluiten om grensoverschrijdende online opsporing in goede banen te leiden. Regulering in Nederland alleen is niet voldoende, criminelen opereren wereldwijd."

undefined

Wat maakt dit onderwerp interessant voor u?

"Cybercriminaliteit is voortdurend in beweging. Ik kan steeds blijven leren en nieuwe ontwikkelingen vertalen naar juridische kaders, en misschien de maatschappij een beetje beter maken. Ik hoop ook dat Kamerleden mijn onderzoek lezen. Maar je kunt cybercrime niet voldoende bestrijden met wetgeving alleen. Burgers en bedrijven moet zelf ook opletten en zorgvuldiger zijn."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden