De grove korrel van Corbijn: drama zonder glamour

'Foto-kenners' (wie is dat niet, we maken allemaal toch eens een kiekje) worden nog altijd niet moe een onderscheid te maken tussen kunstfotografie, fotojournalistiek, sportfoto's, landschap-, pop-, naakt- en een reeks andere genres. De vraag of fotografie 'kunst' is, blijft dusdanig dominant, dat deze of gene fotograaf gemakshalve als ondermaats over het hoofd wordt gezien.

Of fotografie kunst is? Willem Sandberg, de fameuze directeur van het Stedelijk Museum in Amsterdam na de oorlog, zei dat niet precies te weten. Maar hij wist wel dat sommige fotografen kunstenaars zijn. Hij verlegde de discussie over kwaliteit van het medium naar de maker, om wie het ten slotte gaat.

Voor Hripsime Visser, de huidige conservator fotografie van het Stedelijk, horen foto's dan ook vanzelfsprekend thuis in haar museum, wanneer de maker kwaliteit biedt. Het werk van Anton Corbijn, daar nu tentoongesteld tot en met 15 mei, mag aanspraak maken op dit predikaat. Dinsdagavond ontving de 39-jarige fotograaf de Capi-Lux Alblas Prijs voor zijn nog jonge maar al omvangrijke oeuvre. Hiermee schuift hij aan in de rij van eerder bekroonde Nederlandse beeldmakers, wier 'wijze van waarnemen intrigerend en innoverend is', aldus de jury: onder anderen Aart Klein, Peter Martens, Sem Presser, Koen Wessing, Ed van der Elsken en Johan van der Keuken.

Corbijn is in korte tijd beroemd geworden om zijn beelden van popsterren. De zwart-wit-foto's, genomen zonder kunstlicht en afgedrukt met een grove korrel, ontstonden meestal op een - korter of langer - zeldzaam moment achter de coulissen, buiten het spotlight. Miles Davis met zijn door de coke vergrote pupillen als vuurkooltjes in het getaande gezicht, Sinead O'Connor ingetogen onder een soort monnikenkap (of is het de capuchon van een badjas), Marianne Faithfull in een zwarte bh aan de koffie, David Bowie in de kleedkamer op zijn 'Elephant Man'tournee gehuld in een schamel lendendoekje: zonder de pompa van groupies en paparazzi zien we een heus mens, ontdaan van make-up, glitter en glamour.

Door de ogen van Corbijn herkennen we in die gezichten iets wat we met die musicus gemeen hebben - een in melodie onder 'woorden' gebracht gevoel, van onthutst of ontroerd zijn, gekweld of zachtmoedig gestemd. Corbijns foto's zijn stills uit die vloeiende beweging waarin de musicus je met zijn tonen meeneemt, naar een nog onbestemd verlangen, of gewoon naar je eigen gedachten. Ook zijn videoclips (voor onder meer U2, Nick Cave, Depeche Mode en Nirvana), met uiteraard meer georchestreerde beelden, hebben de eenvoud van de directheid. Ze leiden niet af maar brengen je tot in het hart van de muziek.

Mag het nu zo zijn dat de groten der aarde bij Anton Corbijn aankloppen of hij alstjeblieft hun platenhoes of clip wil maken, de fotograaf is ooit begonnen met wat foto's van een plaatselijke band in de open lucht, omdat hij zich niet zo goed een houding wist te geven bij het luisteren naar muziek, en de camera van zijn vader kwam daarbij goed van pas. Via coverplaten voor muziekblad Oor kwam hij bij de Engelse New Musical Express en later bij bladen als Vogue, Rolling Stone, Harpers Bazaar. Zijn passie voor muziek is van meet af aan de drijfveer geweest en ook gebleven om te fotograferen. Hier verraadt zich de liefde voor de kunst, die Corbijn tot een waar kunstenaar maakt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden