De Goey, Gullit en Koeman beschamen vertrouwen niet

ISTANBOEL - Het Nederlands elftal speelde met vuur, voelde de vingers al gloeien, maar brandde zijn handen niet. Op het blubberveld van Besiktas knokte het reserveteam zich te pletter en verdiende er een 3-1-zege op Turkije mee. De opluchting nadien was groot, niet meetbaar zo groot.

ANDRE BISSCHOP

In het Inonustadion sprak de Engelse bondscoach Graham Taylor van de slechtst mogelijke ontwikkeling die hij voor zijn land kon bedenken. Oranje, zo voorzag hij, zal geen probleem hebben om Turkije in februari opnieuw te verslaan, om nog maar te zwijgen van de thuiswedstrijd tegen San Marino in maart. Aldus rekende hij voor dat Nederland in gewone doen straks zeven punten uit vijf wedstrijden heeft, alvorens het in april naar Wembley gaat voor het gevecht der giganten in poule twee van het WK-kwalificatietoernooi. Het zelfvertrouwen zal alleen maar groeien, terwijl Engeland het eerst maar eens in Turkije moet zien te rooien. Daarom zei Taylor: "Een wedstrijd kan drie kanten op, en dit was de verkeerde."

Oranje was er alles aan gelegen om niet langer afhankelijk te zijn van concurrenten als Engeland (drie uit twee) en Noorwegen (zeven uit vier). Om dit te bereiken had bondscoach Dick Advocaat duivelse risico's genomen. De coach gokte, verdubbelde zijn inzet en won grof. Hij prefereerde Ed de Goeij, nam Ruud Gullit onder zijn hoede, en stond Ronald Koeman een reis om de wereld in zes dagen toe. Het trio beschaamde het vertrouwen niet. In zijn eerste interland stond De Goeij Turkije slechts een doelpunt toe, Gullit beulde zich een ongeluk en trapte een vrije trap van Koeman knal-boem in de kruising (0-2), en van de vrije verdediger ging zo'n heersende uitstraling uit dat, naar mate de wedstrijd vorderde, het Nederlands elftal ging geloven in een normaal resultaat tegen Turkije: een overwinning. Want de laatste interland van 1992 mag dan de belangrijkste zijn geweest, echt ingewikkeld was Turkije nou ook weer niet te verslaan.

Barre omstandigheden

De lastigste hindernis was eigenlijk het veld. In Istanboel regent en sneeuwt het al een dag of vier, waardoor het gras zo soppig was als maar kon. De spelers zakten tot hun enkels in de derrie, en ondervonden bovendien veel hinder van de wind. Een uur wist Nederland zich geen raad met de barre omstandigheden die de Turkse tekortkomingen nagenoeg elimineerden, zodat lang sprake was van aan elkaar gewaagde ploegen. Oranje speelde de bal te traag rond, het positiespel stokte en de middenvelders (Jonk en Winter, later beiden gewisseld) vergaten gladweg de voorhoedespelers een steuntje in de rug te geven. Het balverlies was daardoor enorm, en het vrat verschrikkelijk veel energie en kracht om dat recht te breien. Wouters en Rijkaard draafden, spurtten en gleden over het veld, maar konden niet verhelpen dat Turkije zich aanvallend liet gelden. De kansen stapelden zich op. De spelbepalers Unal (Trabzonspor), Tugay (Galatasaray) en Oguz (Fenerbahce) kregen kansen om van te watertanden. Unal schoot naast, en de overige pogingen strandden op De Goeij. De Feyenoorder debuteerde alsof hij al honderd interlands in het doel staat. Een inzet van Oguz pareerde hij met de voet, en snoeiharde schoten van Tugay, Unal en spits Hakan greep hij klemvast. De blunder die hij bij een 2-1 stand maakte, was daardoor gauw vergeten. De Goeij rende uit zijn doel, maar kon nooit en te nimmer bij de bal. Hakan speelde hem uit, gaf de bal af aan Feyyaz, die Koeman vlak voor het doel op zijn weg vond. "De een heeft geluk, de ander pech" , sprak de timide en gepasseerde Menzo vervolgens een waar woord.

Naar aanleiding van een misgreep tegen Polen liet Advocaat Ajax' doelman vallen. Dat besluit had hij vlak na die interland al genomen, maar aangezien Ajax belangrijke duels te gaan had (Kaiserslautern en Twente) hield hij zijn keuze voor zichzelf. Maandagavond riep hij de doelmannen ten slotte bij zich om duidelijkheid te verschaffen. De Goeij was als een kind zo blij. "Hier doe je het allemaal voor. Iedereen wil in het Nederlands elftal spelen." Menzo was verslagen. "Het is voorbij" , hakkelde hij. "Ik zie wel wat er gebeurt." Van opgeven wil hij evenwel niet weten. Om moed te houden gebruikt hij Hans van Breukelen als strohalm. Die werd tegen Hongarije, vlak voor het Europese kampioenschap in 1988, gepasseerd ten faveure van Joop Hiele. En, zo had Advocaat Menzo maandag voorgehouden, Van Breukelen kwam er ijzersterk door terug. De reden van de keeperswissel kon de trainer eigenlijk niet eens goed aangeven. "Het is een gevoelskwestie."

Zijn intutie leverde hem ten slotte zijn eerste overwinning als zelfstandige bondscoach op, en dat nog wel zonder Marco van Basten (er zweeft een botsplinter in zijn enkel) en zonder Dennis Bergkamp. In hun plaats manifesteerde Peter van Vossen zich. Een helft lang deed hij alles zo verkeerd als Eric Viscaal negentig minuten deed, maar met de wind in de rug was de spits van Anderlecht onhoudbaar voor het Turkse centrale duo, Bulent en Gokhan. In de 58e minuut speelde Rob Witschge hem de bal in ruimte toe. De Zeeuw liep direct richting doel en lobde de bal, hij kopieert Bergkamp steeds vaker, over doelman Hayrettin.

Wereld op zijn kop

Hoewel het doelpunt verlichting bood, weigerde Van Vossen te geloven dat zijn moment allesbeslissend was. Die eer gunde hij de reddingen van De Goeij. "Die heeft Oranje overeind gehouden. Want als je drie doelpunten achterstaat, heeft mijn doelpunt ook geen enkel effect. De Goeij verdient ontzettend veel complimenten." Het is de wereld op zijn kop. Het Nederlands elftal zit voor het eerst in jaren werkelijk in zijn rats, en wordt gered door de twee internationals met de minste interlands. De Goeij staat nu op een, Van Vossen op drie.

En in die drie scoorde hij vier keer, want ook het derde doelpunt tegen Turkije kwam van zijn voet. Om even op adem te komen schopte Jan Wouters de bal in de slotfase lukraak naar voren. Van Vossen was eigenlijk te moe om te rennen, maar joeg desondanks zijn tegenstanders nog eens op. De bal tipte, Van Vossen veroverde het kleinood en de onthutste goalie Hayrettin zag de Zeeuw met een halve sliding scoren. "Dat sneed de adem van de Turken af" , had Van Vossen zo gedacht. Hij had het bij het rechte eind. Na het prachtige doelpunt van Gullit kwam Turkije geniepig terug in de wedstrijd. Binnen een minuut tekende invallerspits Feyyaz (Besiktas) voor 2-1, waarop De Goeij prompt de weg kwijtraakte. Om hem te behoeden voor meer gevaar, deden Koeman, Rijkaard, Silooy en Jonks vervanger De Boer er een schep arbeid bovenop. Ze drongen de Turkse aanvallers ver terug, maar bleven het antwoord schuldig, als de verdedigende middenvelder Oguz zich weer eens loswurmde van Winter. Hakan kon daardoor nog een keer op het doel koppen, maar zag tot zijn verdriet dat De Goeij zich weer hervonden had. "Ik heb mijn kans met twee handen aangegrepen" , meende de Rotterdammer.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden