Klassiek & Zo

De goddelijke én aardse Claudio

Claudio Monteverdi.Beeld Hollandse Hoogte

Maandag over een week is het Monteverdi-dag. Op die 15de mei is het 450 jaar geleden dat Claudio Monteverdi in Cremona in het doopregister werd bijgeschreven. 

Wanneer hij precies ter wereld kwam is onbekend. Wereldwijd wordt de Italiaan, die met 'Orfeo' in 1607 in Mantua het allereerste meesterwerk in de operaliteratuur componeerde, met toeters en bellen herdacht en gevierd. Zo neemt John Eliot Gardiner zijn Monteverdi Choir mee op een tournee door Europa en Amerika om de drie overgeleverde opera's van Monteverdi uit te voeren. Ons eigen Holland Festival opent met een geënsceneerde versie van zijn 'Mariavespers'.

Opera's en vespers. Theater en kerk. Dat Monteverdi van zang hield en wist hoe hij voor stemmen moest componeren moge duidelijk zijn. En hij zette die gave even makkelijk in voor het goddelijke als voor het aardse. Met goddelijke en onaardse muziek als gevolg. Neem nou de eerste opkomst van Poppea in 'L' incoronazione di Poppea'. Flemend zingt ze tegen Nero 'Signor, signor, deh non partire' - Alsjeblieft, blijf nog even. De nacht was stomend, dat hoor je aan alles. Poppea zingt dat 'signor' twee keer op een stijgend interval, en niet op een dalend, zoals je zou verwachten wanneer je een keizer aanspreekt. Nederigheid past Poppea niet. Sensueel - geil zelfs - zingt de maîtresse zich bij haar eerste opkomst al een weg naar de troon. Machtswellust in een paar noten.

En die paar noten heb ik kunnen zien. Met eigen ogen. Van 'Poppea' zijn slechts twee handschriften bewaard. Eentje in Napels en eentje in Venetië. In 1980 besteedden we op de universiteit een heel semester aan de 'Poppea'-partituur. Toen ik met een studiegenoot die zomer in Venetië was, trokken we de stoute schoenen aan en stapten de beroemde Biblioteca Marciana binnen. Of we het 'Poppea'-handschrift mochten inzien, vroegen we stoïcijns, alsof dat een hele gewone vraag was. Tot onze stomme verbazing ging de bibliothecaresse naar achter, en kwam even later terug met een onooglijk manuscript. We hoefden niet eens witte handschoentjes aan om het boekwerkje door te bladeren. Een meesterwerk van vier eeuwen oud mochten we met blote handen aanraken. Dat Monteverdi met zo weinig materiaal, zo veel expressie kon oproepen werd me toen, kijkend in dat kale handschrift, overduidelijk. Een meester die met vier noten een heel karakter kon schetsten.

Of er een religieuze sensatie mee wist op te roepen. Luister maar eens naar de zeven dalende noten waarmee zijn fraaie, zesstemmige 'Beatus vir' begint en je gelooft onmiddellijk waar men in de tekst over zingt: Gezegend is de mens!

Gezegend waren wij in Nederland dat Monteverdi zoveel uitstekende aandacht kreeg. Na Gustav Leonhardt, Alan Curtis en Nikolaus Harnoncourt boog Pierre Audi zich over zijn werken en creëerde er onvergetelijke voorstellingen mee. Komende donderdag gaat het madrigalen-deel uit die cyclus in reprise. En de komende tijd is er heel veel andere Monteverdi in Europa te beluisteren. Ergens zal ook vast het duet 'Zefiro torna' voor twee tenoren opduiken. Mijn favoriete Monteverdi-muziek, misschien wel omdat ik het ooit zelf mocht zingen. Boven een swingende bas buitelen twee stemmen virtuoos over elkaar heen. Aanstekelijker muziek is haast ondenkbaar. Aards én goddelijk.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden