De geruchten over Joris Demmink verstommen maar niet

Beeld uit 2010: De Haagse burgemeester Jozias van Aartsen (L) en toenmalig secretaris-generaal Joris Demmink van het ministerie van Justitie. Beeld anp

Oriënterend onderzoek pleitte hem vrij, drie ministers stelden zich vierkant achter hem op. Maar nu wordt Joris Demmink toch vervolgd.

Al sinds eind vorige eeuw willen geruchten dat voormalig secretaris-generaal Joris Demmink (66) van het ministerie van veiligheid en justitie ontucht pleegde met minderjarige jongens. Het net begonnen strafrechtelijk onderzoek naar hem zal uitwijzen of er een beerput opengaat of dat sprake is van karaktermoord.

Media-ethicus Huub Evers kwalificeert de affaire rond de voormalige topambtenaar als 'schimmig en mistig'. Zoals zo velen vraagt Evers zich af wat 'waarheid' is in de zaak Demmink. "Net als iedereen zou ik willen weten wat er nou precies aan de hand is met de man. De geruchten houden aan. Mede hierom is er behoefte aan informatie. Je kunt zeggen dat er een deken ligt over de affaire."

Evers constateert dat het Algemeen Dagblad sinds ruim een jaar 'flink op de zaak is ingesprongen'. "NRC Handelsblad besteedt tot nu toe minder aandacht aan de affaire dan het AD, maar wel meer dan andere kwaliteitskranten als de Volkskrant en Trouw", zegt de ethicus. "Op internet kom je complottheorieën over Demmink met kilo's tegelijk tegen. Mijn indruk is dat kranten hun vingers er niet aan willen branden."

Evers wil met het laatste niet hebben gezegd dat journalisten zouden worden teruggefloten door hun hoofdredacteuren of de nationale veiligheidsdienst, zoals complotdenkers beweren. "De media maken geen deel uit van complotten", weet Evers. "Wat zijn de feiten, de geruchten, wie spelen een rol en met welke belang? Over zulke vragen gaat het. Ik denk dat bij de terughoudendheid van kranten meespeelt dat de zaak complex en ongrijpbaar is. Maar nu tegen Demmink een strafrechtelijk onderzoek loopt, mag je naar lezers toe wat meer verwachten."

Hoogste kringen
Misschien is de voormalige hoogste justitieambtenaar Demmink wel de enige in Nederland die tot in detail weet hoe 'zijn' affaire feitelijk in elkaar steekt. Vaststaat dat hij stoïcijns, bijna onaantastbaar is gebleven onder de al vijftien jaar durende geruchtenstroom dat hij minderjarige jongens zou hebben misbruikt en deel uitmaakt(e) van een pedofiel netwerk, waartoe enkele tientallen, veelal bekende, vooraanstaande Nederlanders, van onderwereld tot de allerhoogste kringen, zouden hebben behoord.

Betrouwbaar oogt deze al jaren in de media circulerende lijst met namen niet. Sommige mannen die erop voorkomen, zijn al jaren dood. Opmerkelijk is dat vaak de privéadressen van betrokkenen worden genoemd en soms hun veronderstelde connecties binnen het genoemde pedofielennetwerk. In een enkele bijzin wordt een verband gelegd tussen Demmink en de Tsjechische hoofdstad Praag, een van de steden waarvan wordt beweerd dat de oud-topambtenaar er seks had in jongensbordelen.

 
Op internet kom je complottheorieën over Demmink met kilo's tegelijk tegen. Mijn indruk is dat kranten hun vingers er niet aan willen branden

Zelf heeft hij alle roddels, geruchten en beschuldigingen in een zeldzaam moment van toegankelijkheid wel eens 'lariekoek' genoemd. Interviews geeft hij niet. Drie achtereenvolgende ministers op zijn departement: Piet Hein Donner, Ernst Hirsch Ballin en Ivo Opstelten, gaven hem breed en voluit steun. Dat was voor hem voldoende.

Juridische bijstand
Meerdere, oriënterende onderzoeken van het OM, de Rijksrecherche en de veiligheidsdienst AIVD pleitten hem telkens volledig vrij. Pas nadat het hof enkele weken geleden een strafrechtelijk onderzoek naar hem gelastte, besloot Opstelten de kosten van juridische bijstand aan hem te stoppen, als teken dat vanaf dan het recht zijn loop moet hebben.

Tot aan een publicatie in het Algemeen Dagblad, in oktober 2012, verweerde Demmink zich niet één keer publiekelijk tegen de beschuldigingen. Complotdenkers en zijn vijanden zien in deze passieve houding al jaren een bewijs van schuld, een bekentenis. Hij stapte pas naar de rechter toen de krant schreef dat hij volgens drie getuigen begin jaren tachtig in Den Haag contact had met de pooier van minderjarige jongens. De publicatie was kort voor zijn afscheid bij het ministerie. In een nog lopende, civiele procedure tegen het AD eist hij een ton schadevergoeding van de krant.

Cruciaal in het strafrechtelijk onderzoek naar hem zijn de aangiftes van twee inmiddels volwassen Turkse mannen, beiden dertigers. Demmink zou één van hen, de toen 14-jarige Osman B., 'in of omstreeks het jaar 1997' tijdens een dienstreis naar Turkije hebben verkracht, verklaarde het veronderstelde slachtoffer vier jaar geleden in zijn schriftelijke aangifte bij het OM in Nederland.

B. vertelde op 12 december 2009 in Istanbul ook tegen oud-rechercheur en tegenwoordige privé-detective Klaas Langendoen dat Demmink hem twaalf jaar eerder in een hotelkamer in de stad Edirne seksueel had misbruikt. Langendoen zou B. tijdens dit officieuze verhoor acht foto's hebben voorgelegd, waaruit hij zonder aarzeling de foto van de ambtenaar aanwees als degene die hem had verkracht.

Demmink zou in 1997 in contact met B. zijn gekomen via een Turkse politieman, die destijds geregeld belangrijke buitenlandse gasten tijdens hun bezoek aan Turkije beveiligde. Van zijn superieuren zou deze politieman opdracht hebben gekregen om op verzoek van de Nederlandse ambtenaar 'mr. D' een jonge jongen naar hem te brengen. Dat werd B.. Achteraf vertelde de jongen de politieman dat de topambtenaar hem had misbruikt.

 
Tot aan een publicatie in het Algemeen Dagblad in oktober 2012, verweerde Demmink zich niet één keer publiekelijk tegen de beschuldigingen

De tweede Turkse man die tegen Demmink aangifte deed, is Mustafa Y.. Hij zou 'in of omstreeks het jaar 1995', twee jaar eerder dus dan Osman B., als twaalf- of dertienjarige slachtoffer zijn geweest van ontucht door Demmink. Y. zou in de periode vóór het misbruik een bijzonder armoedig bestaan hebben geleid, vertelde hij over zijn persoonlijke achtergrond. 'Het was zwaar om te leven op de stadsmuren van Topkapi (...)', liet hij in een verklaring optekenen. 'Maandenlang waste ik mij niet, ik had geen mogelijkheid om de broek en de kleding die ik droeg te verschonen'.

Schaamte
Onder druk van de Turkse veiligheidsdienst zou Mustafa Y. bij een bezoek van de Nederlandse justitieambtenaar aan Turkije met hem in contact zijn gebracht. 'We zullen bemiddelen zodat jij beter werk zult kunnen krijgen', vertelden twee veiligheidsfunctionarissen hem volgens een verklaring van Y. aan de Turkse onderzoeksjournalist Burhan Kazmali. En: 'We gaan jou naar een plek brengen, we zullen je met iemand laten kennismaken, die gaat zich met jou bezighouden'.

Y. vervolgt zijn verklaring met: 'Uit schaamte wil ik niet verder ingaan op hetgeen mij toen is verteld. Ik had ook geen kans om te weigeren. Ik was namelijk tot hen, de veiligheidsfunctionarissen, veroordeeld'. Het beloofde contact was 'J.D.', een volgens Y. 'in Nederland belangrijk persoon', die in het hotel waar zij elkaar ontmoetten een valse identiteit had willen aannemen.

Tegenover journalist Kazmali zei hij verder, doelend op Demmink: 'We zijn namelijk samen in het bed gegaan en hij kuste en streelde mij onophoudelijk. Ik walgde van de man maar ik had geen keus. (...) Na verloop van een hele tijd ben ik naar mijn kamer gegaan en hij had mij ook behoorlijk veel geld gegeven, hij had mij Marken gegeven'.

De topambtenaar heeft de beschuldigingen altijd ontkend. Nog belangrijker is zijn ontkenning dat hij na 1986 in Turkije is geweest. Die ontkenning vorig jaar kwam opvallend genoeg niet overeen met de inhoud van een als officieel aangemerkt document van de Turkse justitie. Hierin was juist aangegeven dat Demmink in juli 1996 Turkije had bezocht. Het leek op een doorbraak in de affaire, maar dat was het niet. De informatie bleek eenzijdig gebaseerd op een aangifte van de in Nederland tot levenslang veroordeelde Turkse crimineel Hüseyin Baybasin.

Weinig details
De aangiftes tegen Demmink van Osman B. en Mustafa Y. in 2010 leidden tot een oriënterend onderzoek van het OM. Dat besloot februari 2012 geen strafrechtelijk onderzoek in te stellen. De door het duo afgelegde verklaringen werden als 'niet consistent' beschouwd en bevatten volgens Justitie 'op meerdere plaatsen te weinig detail'.

Op last van het gerechtshof in Arnhem moest het OM enkele weken geleden zijn besluit om geen vervolging in te stellen herzien. Advocate Adèle van der Plas, de raadsvrouw van de twee Turkse mannen die Demmink van ontucht beschuldigen, kreeg van het hof haar gelijk met het besluit dat de verzamelde informatie over de affaire 'voldoende aanleiding geeft voor een redelijk vermoeden van schuld voor verkrachting'.

 
We zullen je met iemand laten kennismaken, die gaat zich met jou bezighouden

Opvallend was dat het hof het onderzoek mede rechtvaardigde 'vanwege het feit dat de beschuldiging van Demmink al jarenlang met een zekere regelmaat opdoemt in de media'.

Een direct belang bij het justitieel onderzoek hebben allereerst de verdachte ex-topambtenaar en zijn veronderstelde slachtoffers. Maar er zijn meer partijen die een ongekend belang hebben bij de afloop van de affaire. Eén van de voornaamste belanghebbenden is Hüseyin Baybasin (57). Deze Koerd noemt zich zakenman, maar is voor betrokkenheid bij drugs, moord en gijzeling in 2002 in Nederland tot levenslang veroordeeld.

De bij de Koerdische afscheidingsbeweging PKK betrokken Baybasin zegt dat hij slachtoffer is van een complot van Demmink en de Turkse autoriteiten. Baybasin's échte vijand, de Turkse overheid, zou de topambtenaar hebben gechanteerd met zijn seks met minderjarige jongens, is zijn relaas. Onder die druk zou de secretaris-generaal het voor Baybasin slecht afgelopen proces in Nederland persoonlijk hebben beïnvloed.

Zijn raadsvrouw is advocate Adèle van der Plas, die ook Osman B. en Mustafa Y. juridisch bijstaat. Baybasin deed zeven jaar geleden aangifte tegen Demmink wegens het oneigenlijk beïnvloeden van zijn strafzaak en ontucht met jongens. Tot strafvervolging kwam het niet; de klacht over seksueel misbruik door de topambtenaar werd terzijde geschoven omdat dit Baybasin niet persoonlijk betrof. Andere verwijten werden ongegrond verklaard.

Opnieuw bekijken
Een herzieningsverzoek dat raadsvrouw Van der Plas namens haar cliënt Baybasin indiende bij de Hoge Raad leidt mogelijk wel tot succes. De advocaat-generaal bij het hoogste rechtsorgaan concludeerde ruim een jaar geleden dat zijn zaak opnieuw moet worden bekeken. Na het afronden van getuigenverhoren en andere juridische stappen wordt hierover misschien nog voor de zomer beslist.

Ook Jan Poot en zijn zoon Peter van gebiedsontwikkelaar Chipshol volgen de zaak Demmink nauwlettend. Zij zien in hem al jaren de kwade genius achter een reeks rechterlijke uitspraken en benoemingen, die telkens, volgens beiden bewust, in hun nadeel uitvielen. Het kostte, zegt de familie Poot, Chipshol honderden miljoenen euro's in hun strijd met Schiphol over dure grond en waarover het laatste woord niet is gezegd.

In eigen beheer gaf Jan Poot (89) zelfs een boek uit: 'De Demmink Doofpot'. 'Kenmerkend voor de gehele Demmink-affaire vanaf 1998 is intimidatie van de 'tegenstanders' en manipulatie van de feiten', wordt hierin opgemerkt. En: 'In veel opzichten is de machtspositie van Demmink te vergelijken met de paus in Rome'.

Hoofdrollen in de affaire rond Demmink zijn weggelegd voor:
Joris Demmink (11-12-1947, Naarden) werd in 2002 benoemd tot secretaris-generaal van (toen nog) het ministerie van justitie. Hiervoor was hij bij dit departement onder meer hoofd van de directie politie en directeur-generaal rechtspleging. Reisde van 1993 tot een jaar voor zijn pensionering met diplomatiek paspoort. Ging 1 november 2012 met pensioen.

Harro Knijff en Mischa Wladimiroff, achtereenvolgens civiel- en strafadvocaat van Demmink.

Osman B. en Mustafa Y. - deden in 2010 aangifte van verkrachting en ontuchtige handelingen onder dwang door Demmink. Wegens verjaring komt naar de laatste beschuldiging geen onderzoek.

Hüseyin Baybasin (25-12-1956) Op 30 juli 2002 in Nederland veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf. Vecht zijn veroordeling aan omdat deze in belangrijke mate gebaseerd was op, volgens hem gemanipuleerde, telefoontaps. Stelt dat Demmink invloed had op zijn veroordeling.

Adèle van der Plas, raadsvrouw van Hüseyin Baybasin, Osman B. en Mustafa Y.. Legde in 2012 voor de zogenoemde Helsinki Commissie van het Amerikaanse Congres een vernietigende verklaring af over het Nederlandse rechtssysteem, de rol van de Nederlandse media hierin en in het bijzonder waar het de zaak Demmink betreft.

Klaas Langendoen, oud-rechercheur, bekend uit IRT-affaire, nu privé-detective. Vergezelde Van der Plas naar het Amerikaanse Congres en sprak in Turkije met veronderstelde slachtoffers van Demmink.

Jan Poot (89), succesvol ondernemer die Demmink al jaren openlijk beticht van manipulatie van de rechterlijke macht. Het zou Poots bedrijf Chipshol honderden miljoenen euro's hebben gekost.

De Roestige Spijker, stichting die stelt dat nooit deugdelijk onderzoek naar Demmink heeft plaatsgevonden. Mag in maart van de rechtbank Utrecht een serie getuigen horen in de volgens advocaat Matthijs Kaaks nooit goed uitgezochte affaire.

 
Kenmerkend voor de gehele Demmink-affaire vanaf 1998 is intimidatie van de 'tegenstanders' en manipulatie van de feiten
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden