DE GEHEIME BEWASSING

Uitvaartondernemers moeten steeds meer inspelen op nieuwe wensen bij begrafenissen en crematies. Moslims, Hindoes en Creolen willen dat hun laatste gang ook in Nederland van de passende Rituelen vergezeld gaat. Daarnaast hebben ook autochtone Nederlanders steeds vaker persoonlijke wensen. Een serie over nieuwe rituelen voor na de dood.

De creoolse lijkbewassingsgroep Bethania doet dan ook alsof er niets aan de hand is. Vandaag bewassen ze het lichaam van een creoolse vrouw die de volgende dag naar Suriname getransporteerd zal worden om daar begraven te worden. Dat was haar uitdrukkelijke wens. De oudste dochter van de familie komt de grijs betegelde rouwkamer binnen en zet een grote plastic zak op tafel. In haar kielzog volgen de andere familieleden. Binnen de kortste keren staat de tafel beladen met spullen. De mooiste kleren, zoals broeder Aswin al eerder had gezegd. “De mooiste kleren van de overledene zijn vaak niet goed genoeg voor een begrafenis. Soms wordt een dode zelfs helemaal in het nieuw gestoken. Dan worden kosten noch moeite gespaard.”

Met strakke gezichten neemt de familie plaats op de rieten stoeltjes van het rouwcentrum. Als een zoon, de ogen verhuld door een zwarte zonnebril, begint te huilen, wordt het ook de anderen te veel. “Moeder is 76 jaar geworden maar het afscheid komt altijd te vroeg”, zegt de oudste dochter terwijl ze met een zakdoek over de ogen strijkt. Een klein meisje, het kroeshaar in vlechtjes op het hoofd gewikkeld heeft nergens last van. Vrolijk huppelt ze door de kamer en klimt overal op schoot.

De broeders en zusters brengen ritmisch hun liederen, afwisselend in het creools en in het Nederlands. Dan pakken ze uit de tassen kleurige doeken die ze wiegend om elkaars schouders knopen en stellen ze zich in twee rijen op. Een groot wit laken houden ze als het dak van een tent in de lucht. “Eerst de oudste van de familie”, zegt broeder Aswin. Onwennig schuifelen de familieleden een voor een onder het laken door. “Een uitzonderingsritueel”, noemt Aswin de ceremonie, “dit wordt alleen gedaan als de overledene ouder is dan vijfenzestig jaar. Als respect voor de ouderdom. Natuurlijk krijgen hoogwaardigheidsbekleders ook zo'n ceremonie. Als president Venetiaan morgen overlijdt dan wordt dit ook voor hem gedaan.”

De broeders en zusters gaan onder het zingen van 'Ziet kinderen hoe de hemelpoort ook voor u openstaat' het vertrek binnen waar de dode ligt opgebaard. In de rouwkamer wordt het opmerkelijk stil. Bij de bewassing mogen alleen broeders en zusters aanwezig zijn. Aswin Augustuszoon, de mannelijke kamerbaas van Bethania is daar streng in. “We hebben onze geheimen”, zegt hij onverbiddelijk. “Alle lijkbewassers leggen een eed af dat ze nooit verklappen wat zich tijdens de bewassing afspeelt.” Hij legt het uit.

Bethania kent een absolute hiërarchie. De groep die uit bijna dertig leden bestaat heeft maar liefst vijf hoofden. Daarboven staan weer de mannelijke en vrouwelijke kamerbaas die de bevelen uitdelen. “Net als in het leger moeten de orders strikt worden opgevolgd”, zegt Aswin. “Stel dat de democratie gaat zegevieren, dan is het einde zoek.”

Bethania zorgt ervoor dat de overledene volgens de Surinaamse christelijke riten wordt begraven. Het lichaam wordt gebalsemd en mooi aangekleed, er wordt gebeden, gezongen en gedanst. Natuurlijk, het balsemen van een lichaam is verboden in Nederland, tenzij het lichaam gereed moet worden gemaakt voor transport naar het buitenland. “Wij werken met een ander soort balsem”, zegt Aswin, “maar met de speciale kruiden die wij gebruiken, kan een lichaam ook zonder koeling wel drie dagen worden bewaard. We proberen de nabestaanden zo lang mogelijk de kans te geven om de overledene te zien.”

Het bewassen van een overledene kwam in Suriname in zwang toen de Duitse Hernhutters naar Suriname kwamen. Zij gaven slaven opdracht de doden te verzorgen volgens Duitse tradities. Later kwamen daar Afrikaanse symbolen bij. Het gebruik van halve kalebassen bijvoorbeeld om water mee te scheppen. Of het gebruik van speciale kruiden. “Elke Surinaamse afleggersvereniging heeft zijn eigen geheime basisrecept, zegt Aswin. Met verschillende ingrediënten kun je minstens tweehonderd varianten maken.”

Als de deur van de kamer waar de grootmoeder ligt opgebaard weer openzwaait, komen de broeders en zusters lachend en zingend binnen. Een van hen grijpt naar de jeneverfles op tafel en schenkt voor iedereen een stevige borrel in. De familie begint zich langzaam te ontspannen. Dan kunnen ze de kamer in waar moeder ligt. Eén voor één nemen ze naast de kist plaats en leggen een hand op het voorhoofd van de overledene. Het kleine meisje mag het laatst. Met een zwaai pakt broeder Aswin haar op en wiegt haar zachtjes over de dode heen. Het kind begint zacht te giechelen en kijkt dan met grote ogen om zich heen.

“Ik maak ook voor het eerst zoiets mee”, zegt een kleinzoon zachtjes. “In Suriname gebeurt het ongeveer ook op deze manier, maar ik heb nog nooit meegemaakt dat iemand van dichtbij dood ging.” Hij heeft er vrede mee dat zijn oma in Suriname wordt begraven. Ze heeft daar nog drie kinderen die de begrafenis kunnen verzorgen. Dus het is goed zo. Bovendien, hij gaat eens in de drie jaar op vakantie naar Suriname en heeft dan de gelegenheid haar graf te bezoeken.

“Meestal komen Surinamers op de achtste dag nadat er iemand is overleden weer bij elkaar”, zegt Aswin. “Dan wordt er opnieuw gebeden, gezongen, lekker gegeten. En we vertellen grappige anekdotes over de dode. We proberen het voor de nabestaanden wat gemakkelijker te maken om over hun verdriet heen te komen. Als ik een vergelijking maak tussen witte en zwarte begrafenissen, dan zeg ik, die van de zwarte mensen zijn warmer, persoonlijker. Een zwarte wil nog knuffelen terwijl die witte wegloopt als de kist nog boven de grond staat. Het is zo simpel om een uitvaartondernemer te bellen en te zeggen: 'Regel dat even voor me'.”

De laatste jaren lijken de verschillen echter kleiner te worden. In Nederland is er een tendens om terug te gaan naar de tijd dat de overledene thuis wordt opgebaard en de nabestaanden een wake houden. Voor de Surinamers geldt juist dat steeds meer mensen kiezen voor het opbaren in een mortuarium. Hoewel zij vertrouwder met de dood zijn door alle rituelen en samenkomsten is er tegelijkertijd de angst voor het omvangrijke geestenrijk. De priesters en dominees hebben jarenlang in Suriname geprobeerd de concurrentie met de geesten het hoofd te bieden maar winti-bijeenkomsten zijn nog steeds populair. Met name de boslandcreolen houden de geheimzinnige krachten scherp in de gaten. Een natuurlijke dood bestaat niet volgens hen. Er is altijd een bovennatuurlijke kracht in het spel, een godheid, een wraakgeest, een wisiman. En er moeten offers gebracht worden om onheil te voorkomen.

Soms krijgt ook broeder Aswin te maken met een familie die de geest van de overledene nog in huis voelt. “We zijn een christelijke lijkbewassingsgroep en doen niet aan winti. Maar als we zo'n verzoek krijgen gaan we er wel naar toe met onze kruiden. Dat stukje bijgeloof haal je weg.” Het is tijd voor het definitieve afscheid. De overledene wordt naar boven in de aula gebracht waar kennissen en bekenden zijn samengestroomd. Gezamenlijk worden liederen gezongen, in afwachting van de dominee.

“Ik weet niet hoor, of ik zoiets zou willen bij mijn begrafenis, daar heb ik nog niet over nagedacht”, zegt een blanke schoonzoon die er op de houten bank wat ongemakkelijk bijzit. “Het is een mooi afscheid ja, maar ik ben toch in een heel andere cultuur grootgebracht.” Als de gesloten kist door de broeders en zuster van Bethania op de schouders wordt gezet, staat hij op en sluit zich aan bij de rij van de familieleden. De volgende dag zal de kist al vroeg op Schiphol arriveren. Dan is moeder pas echt weg. Voor haar laatste reis naar Suriname, het land waar ze werd geboren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden