De geforceerde eenheid van de VVD Van Doorn

J.A.A. van Doorn

Om nog enigszins te begrijpen wat er bij de VVD aan de hand is, blijkt een kleine reconstructie van enige recente gebeurtenissen noodzakelijk, met excuses voor de herkauwende bewegingen die we verplicht zijn te maken.

We onderscheiden meerdere verhaallijnen. De eerste betreft de avonturen van Ayaan Hirsi Ali, die met vervalste papieren Nederland binnenkomt, snel inburgert en bij de Wiardi Beckmanstichting de sociaal-democratie gaat dienen. Dat bevalt haar maar matig zodat ze van de ene op de andere dag naar de liberalen besluit over te stappen, waar haar prompt een kamerzetel wordt aangeboden.

Tegen de zin van fractieleider Van Aartsen eist ze de enige portefeuille die haar aanstaat, met een beroep op de vele voorkeursstemmen die ze heeft vergaard. Ze dient, méér dan de VVD, het volk. Na goed twee jaar is zij ook op de VVD uitgekeken en reist ze de wereld rond op zoek naar iets beters. Dat betere wordt binnenkort het American Enterprise Institute, waaruit mag blijken dat haar hart ook niet bij het liberalisme ligt maar bij het neoconservatisme.

Nu de tweede verhaallijn waarin Rita Verdonk optreedt, die een overeenkomstige zwerftocht achter de rug heeft: van activiste bij de Bond van Wetsovertreders komt ze via een directiefunctie in het gevangeniswezen en sympathie voor de PvdA terecht bij de VVD, die haar een ministerpost aanbiedt. Met Hirsi Ali, die op dezelfde politieke lijn zit, kan ze het uitstekend vinden.

In de derde verhaallijn komt de VVD zelf ruimschoots aan bod. Genoodzaakt een nieuwe fractieleider te vinden, besluit de partij het modern aan te pakken en aan de partijleden de keuze te laten. Dat is niet slim omdat de partij al een keuze had gedaan en daaraan wil vasthouden. Verdonk ruikt haar kans, en hoewel ze geen politieke ervaring van belang heeft en nooit in de Kamer heeft gezeten, besluit ze tot enig partijtje-pesten en meldt zich aan.

Nu raken de verhaallijnen verstrengeld. Vrij toevallig wordt de fraude van Hirsi Ali algemeen bekend en Verdonk grijpt haar kans: ze meldt binnen 48 uur dat het kamerlid niet de Nederlandse nationaliteit heeft. Ze weet dat ze daarmee kan scoren bij haar campagne voor het lijsttrekkerschap. Geen frisse tactiek maar goed gezien.

Heel de kamer valt over haar heen, de reputatie van Nederland in het buitenland wordt flink beschadigd, maar Verdonk denkt niet aan aftreden hoewel dat de enige fatsoenlijke beslissing zou zijn geweest. Ze blijft zitten en gebruikt het ’regels zijn regels’ in haar campagne.

Inmiddels schrijft de VVD parlementaire geschiedenis, door Verdonk ’onder curatele’ te plaatsen van onder meer VVD-minister Zalm. Dat is een bijna absurdistische maatregel die voor het campagneteam van Verdonk dan ook een opsteker van jewelste is. Bij de kiezers kan ze niet meer stuk.

Deze week blijkt dan eindelijk dat de VVD-leden niettemin aan Mark Rutte, de kandidaat van het bestuur, de voorkeur geven, hoewel ze Verdonk een bijna even goede lijsttrekker vinden. Een werkelijk overtuigende uitslag is het dus niet te noemen.

Dat de partijtop zich niettemin erg opgelucht toont, is wel te begrijpen, al vrees ik dat men spoedig zal ontdekken in welke dilemma’s men is terechtgekomen. Om te beginnen heeft de uitslag van de lijsttrekkersverkiezingen met mathematische zekerheid aangetoond dat de VVD in twee kampen is uiteengevallen, die elk een geduchte representant hebben – in de partij, straks wellicht in de Kamer en/of in het nieuwe kabinet.

Wat erger is: leden en kiezers hebben tegengestelde favorieten. De leden wilden in (zeer kleine) meerderheid Rutte als eerste man, de kiezers wensten Verdonk op het schild te heffen. De laatste zullen teleurgesteld zijn, maar ze komen nog aan bod: volgend jaar.

Dit is dus de toestand: de nieuwe fractieleider heeft zijn verkiezing achter de rug, maar zijn rivale krijgt een nieuwe kans als de kiezers het woord nemen en Verdonk de kamerverkiezingen als een populariteitsshow weet uit te buiten. Gezien haar onverwachte nederlaag deze week en de onwelwillende opgeluchtheid daarover in de partijtop, zal ze voldoende gemotiveerd zijn om alsnog haar gram te halen. Wat zich in de verte aftekent , is een herhaling van het spelletje dat Hirsi Ali met Van Aartsen speelde: met een beroep op de vele voorkeursstemmen Rutte onder het oog brengen dat ze in naam van ’het volk’ de nodige speelruimte mag opeisen.

In ieder geval staat vast dat Rutte, om de boel op zijn Cohens bij elkaar te houden, zijn voorkeursbeleid naar Verdonk moet toebuigen. Hij moet kiezen tussen openlijke bonje en het opvoeren van een nogal doorzichtig toneelstuk (waarmee hij deze week al is begonnen), dat hem slecht zal afgaan omdat er tegen de naturel ogende Verdonk weinig eer te behalen is. Zo gaat de VVD de verkiezingen tegemoet: krampachtig eensgezind, maar in feite in twee kampen verdeeld en dus onduidelijk, mogelijk zwalkend in haar beleid. Als de verdeeldheid blijft voortwoekeren, wat gezien de eenvoudige karakterstructuur van Verdonk niet ondenkbaar is, zal de partij als partner een weinig betrouwbare indruk maken.

Er valt uit het drama tenminste één les te trekken: partijen moeten voorzichtig zijn met het rekruteren van ministers en kamerleden onder passanten, die niet al langere tijd een stevige band met de partij hebben. Het kán goed aflopen, maar zoals hier in twee gevallen blijkt, is het gevaar levensgroot dat de nieuwe aanwinsten uitsluitend hun eigen belang op het oog hebben. Daar komen ongelukken van.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden