De foute teksten van goede schrijvers

Gerard Reve. Beeld ANP Kippa
Gerard Reve.Beeld ANP Kippa

Van beroemde schrijvers wordt vaak verwacht dat zij er verlichte denkbeelden op na houden. Maar de Nederlandse literatuur telt toch heel wat passages die getuigen van racisme, antisemitisme en andere beschamende ideeën.

Leonie Breebaart

"Ik ben er erg voor, dat die prachtvolken zo gauw mogelijk geheel onafhankelijk worden, en ons niks meer kosten, zodat we ze allemaal met een zak vol spiegeltjes en kralen op de tjoeki tjoeki stoomboot kunnen zetten, enkele reis Takki Takki Oerwoud, mijnheer!"

Gerard Reve (1923-2006)
De taal der liefde (1972)

"Ik had het afschuwelijk gevonden dat mijn broer Otto vóór zijn huwelijk een inlandse huishoudster had, en mijn kuisheid hierin was vreemdsoortig maar onverbiddelijk: ik had geen enkel bezwaar om op mijn beurt naar inlandse vrouwen te gaan, maar het samenleven met zo iemand leek mij ongeveer misdadig. Men weet bij deze instinctieve criteria nooit waar de domheid eindigt en de zuiverheid van gevoel eindigt. Een inlandse vrouw kan afstotend zijn om twee redenen: haar sirihmond en de klapperolie in haar haar; het eerste viel te verbieden of te vermijden, maar het tweede scheen onontbeerlijk en het terugvinden van die lucht op een hoofdkussen kon een Europeaan doen beseffen hoe diep hij was gezonken."

E. du Perron (1899-1940)
Het land van herkomst (1935)

'In dezen tijd van Jodenvervolgingen moeten, dunkt mij, die fl. 2000 toch te vinden zijn.'

J.C. Bloem (1887-1966), doelend op zijn geldnood en de confiscatie van Joodse goederen tijdens de Tweede Wereldoorlog

"Temt die noodlottige vrijheid van de drukpers, waar door ieder kwaad beginsel, naauwlijks in de hersenen van een kwaadwilligen of dommen filosoof uitgebroeid, dadelijk in het oneindige vermenigvuldigd wordt, om by ieder, die het verneemt, de zaden van boosheid en afval aan te kweeken en in het wilde te doen opschieten. Gy moogt het niet dulden, dat een hoop elendige broodschrijvers ongestraft en ongehinderd met al wat goed, en recht, en heilig is, den spot drijve; en heethoofdige jongelingen met het bedriegelijke uitzicht op eene verderflijke vrijheid verleide en trouwloos make aan God en aan hunne roeping!"

Isaac da Costa (1798-1860)
Bezwaren tegen den geest der eeuw (1823)

"mijn gezel is een jood
wien slaap den mond spalkt
hij riekt naar het kwade

ik echter ben de vriend der diamanten duisternis"

H. Marsman (1899-1940)
'Nachttrein' uit Verzen (1923)

O vuigjes samen-knoejend Joden troepetje
Gij, die zijt de afschuw van het Christen zijnd
Echt Christen-zijnd in eeuwigheid waar zijnd,
In-vroomelijk, God-dienend needrig stoepetje

Willem Kloos (1859-1938)
Scheldsonnet tegen de kring rond Isaac Israëls (1893)

O absoluut afschuwlijk applen-joodje,
Neen Jood niet, smous, die smeerig dorst aanranden
Mijn dichter-zijn, dat gíj met smeer'ge handen,
Smeerig van wan-verbruikte verf in 't slootje

Woudt gooien van uw eigen zwak aan banden
Gelegd bestaan, neen aan een walglijk strootje
Van blufferige kleinheid, machtloos zoodje
Van vuil begeeren, dat nu haast gaat stranden

Op 's werelds steen-rots-harde kust, die eindlijk
Zal walgen van dit stadsaangolvend zeewier
En zal met kalmen golf-slag heel dat grijpend

Ontuig versmijte' in zee terug, dat pijnlijk
Het angstig voelt, boven zich voelt den meeuw-zwier
Der menschheid in zich-zelf doende rijpend.

Willem Kloos
Ongepubliceerd scheldsonnet tegen Bernard Canter (1893)

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden