De familie Duop wil naar huis

Vluchtelingen in het zuiden van Soedan willen niet langer wachten op de officiële ondertekening van een vredesakkoord. Ze willen nu al naar huis. Maar de terugreis is te duur.

Ilona Eveleens

Dagelijks groeien de spinnenwebben in de provisorische schuilkelders in Deng Nhial. De bewoners hebben, net als de rest van de bevolking van de Zuid-Soedanese provincie Bahr el Ghazal, al geruime tijd geen bescherming meer hoeven zoeken voor bombardementen door het regeringsleger. Het bestand tussen regering en rebellen heeft een vredige sfeer gecreëerd. De schuilkelders bieden nu hoogstens nog onderdak aan vleermuizen.

Het gehucht Deng Nhial ligt even buiten het stadje Rumbek. Sinds vier jaar leven er zo'n 600 ontheemden uit de naburige, olierijke provincie West-Boven-Nijl. Ze werden verdreven door regeringsmilities die hele gebieden ontvolkten zodat de olie er ongestoord geëxploiteerd kon worden. Met de opbrengsten financierde de Soedanese regering van president Omar al Bashir de laatste jaren de oorlog tegen de SPLA-rebellen in het zuiden. De internationale gemeenschap oefent grote druk uit op de partijen om tot een akkoord te komen. Als beloning is zo'n twee miljard dollar beloofd voor ontwikkeling van het land. Dat geld is echter nog niet beschikbaar en bovendien hebben veel internationale hulporganisaties hun plannen nog niet klaar.

Peter Duop is zijn bestaan als ontheemde in ieder geval zat. Hij wil naar huis. ,,We hebben alleen wat geld nodig om onderweg voedsel te kopen. We houden namelijk niets over van wat we verdienen met losse baantjes en de verkoop van brandhout.'' Hij is, net als de andere ontheemden, een veehouder, maar moest zijn dieren achterlaten. Slechts wat kleren en kookpotten konden mee op de tien dagen durende vlucht van zijn woonplaats bij Bentiu naar Deng Nhial. ,,Dat is ook het enige wat we terug willen nemen. Eenmaal thuis hebben we niemand nodig. We kunnen ons eigen leven weer opbouwen. De internationale hulporganisaties komen ons steeds weer vragen wat we nodig hebben, maar niemand geeft ons een beetje geld om terug te lopen.''

Hulpverlener Guyson Adikobaa geeft toe dat er veel gepraat wordt door de internationale organisaties, maar weinig gedaan. Hij is de Zuid-Soedanese projectleider van Catholic Relief Service (CRS) in Rumbek, dat zich steeds meer ontwikkelt tot een hulpverleningscentrum. Hij legt uit waarom de familie Duop geen klein geldbedrag kan krijgen voor de terugreis. ,,De donoren willen het beloofde geld voor de opbouw van Soedan pas vrijgeven als het officiële vredesakkoord is ondertekend. Zolang kunnen we niets ondernemen. De bevolking hecht veel minder waarde aan die handtekeningen en vindt dat ze nu al naar huis kan gaan.''

Het zuiden van het onmetelijk grote Soedan heeft slechts weinig ontwikkeling gekend sinds de onafhankelijkheid van het land in 1956. Wat er was aan voorspoed, is verloren gegaan in de oorlog. In 1983 pakten rebellen uit het overwegend christelijke en animistische zuiden de wapens op om meer autonomie af te dwingen bij de islamitische regering in het Arabisch sprekende noorden. Olie en etniciteit maakten de achtergrond van het geschil nog complexer. Op het slagveld bleek geen van beide partijen in staat de overwinning te behalen. Naar schatting drie tot vier miljoen Soedanezen zijn ontheemd geraakt door de oorlog. Nog eens een half miljoen mensen zijn naar buurlanden gevlucht.

Enkele honderden ontheemden, die hun heil in het noorden van Soedan hadden gezocht, zijn inmiddels teruggekeerd naar hun woonplaatsen bij Rumbek. ,,Ze zijn door de familie opgevangen. Maar binnen de kortste keren raakten de voedselvoorraden op. Als er niet gauw donorgeld komt, vrees ik humanitaire problemen'', aldus Guyson Adikobaa.

Ook anderen willen in deze periode de terugreis beginnen, omdat in juni het regenseizoen begint. Dan worden de wegen onbegaanbaar. De vluchtelingen willen op tijd terug zijn. ,,Ze willen de regens benutten om hun eigen voedsel te verbouwen'', meent Malual Kodi. De oude man in zijn bruine pak en groen gehaakt petje is sinds 1948 de chief (traditionele leider) van Rumbek. ,,Er is veel nodig in Zuid-Soedan, zoals wegen en telefoons. Maar nu al moeten de teruggekeerden landbouwgereedschap en zaaigoed krijgen, zodat ze zichzelf kunnen redden.''

Hij vreest dat het uitblijven van internationale steun tot na de ondertekeningsceremonie tot spanningen zal leiden tussen mensen die vluchtten en de achterblijvers. ,,Wij hechten veel waarde aan gastvrijheid en het helpen van familieleden. Maar als het weinige dat we bezitten op is, kan die gastvrijheid omslaan in frustratie en ruzie. Onderlinge conflicten is het laatste wat we nodig hebben als er vrede is.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden