De expansiedrift van groep Amaury kent nauwelijks grenzen

LA BOURBOULE - Op de fiets bracht JeanClaude Killy het afgelopen Alpenweekeinde een kortstondig bezoek aan de Tour de France. De Olympische skikampioen van 1968 zal waarschijnlijk met een grote boog om Albertville zijn heengereden. De recente Winterspelen in de Savoie leverden, zo bleek onlangs, een verliespost van honderd miljoen gulden op.

Killy is het deficiet niet verweten. Directieleden van de krantengroep Amaury, uitgever van onder andere L'Equipe en Le Parisien, raakten in februari bij een excursie naar de Olympische toernooivelden diep onder de indruk van de gedrevenheid en het enthousiasme, waarmee Killy het festijn regisseerde. Wat de top van Amaury betreft was een geheime vacature opgevuld. Direct na de sluitingsceremonie werden er zaken gedaan en drie maanden later werd Killy voorgesteld als president-directeur van WSM (World Sport Marketing), de zesde poot van de uitgeversgroep.

Killy staat in zijn nieuwe functie hierarchisch boven de beide directeuren van de Tour de France, Jean-Paul Carenso en Jean-Marie Leblanc. De Franse rondrit vormt met een aantal andere aansprekende wielerevenementen (zoals Parijs-Roubaix, ParijsTours, Luik-Bastenaken-Luik, Internationaal wegcriterium en de Masters op de baan) een van de drie clusters van de nieuwe organisatie. De andere twee zijn TSO (de organisator van de ralley Parijs-Kaapstad, die vorig jaar aan de stal werd toegevoegd) en Eventsco, de afdeling die de wedstrijden commercieel aankleedt en ook de onderhandelingen over de televisiecontracten voert.

Ofschoon Killy zich bescheiden opstelt ( "ik ben geen keiharde manager, geen zakenman, maar meer iemand die anderen stimuleert, zoals je in sportploegen ook spelers hebt die anderen laten winnen" ), was zijn invloed duidelijk merkbaar in de besprekingen met het huisnet Antenne 2. Twee weken geleden resulteerde dat in een nieuw vierjarig contract over de uitzendrechten van alle wielerwedstrijden van WSM. Het levert Killy cs twintig miljoen gulden per jaar op. Antenne 2, dat de Tour in combinatie met het derde Franse net FR3 op de buis brengt, neemt daarnaast ook nog de omvangrijke facilitaire kosten voor zijn rekening: op jaarbasis een investering van 13 miljoen gulden.

Merkwaardig genoeg haakte de concurrent van Antenne 2, TF1, al af voordat de onderhandelingen in een beslissend stadium waren gekomen. Dat TF1 geen tegenbod deed, wordt toegeschreven aan Killy. De grote man van de Winterspelen was ontevreden over de wijze waarop de zender in februari met dat evenement omsprong. Overigens was het netwerk niet bereid zoveel geld in de technische voorzieningen te steken als Antenne 2. Het is de vraag of TF1 met die politiek niet de weg naar tal van aansprekende evenementen op Franse bodem heeft afgesneden. De expansiedrift van de groep Amaury kent op sportgebied nauwelijks grenzen. Voor de Olympische zomerspelen in Barcelona heeft L'Equipe een innige samenwerkingsband met de betaalzender Canal Plus gesmeed. In de praktijk komt het er op neer, dat het tvstation gebruik maakt van de diensten van journalisten van L'Equipe. De achterliggende gedachte is, dat de sportkrant zijn greep op de visuele media in Frankrijk wil vergroten.

Machtsspelletjes

De hang naar machtsspelletjes heeft de 'inrichters' van de Tour de France altijd al in het bloed gezeten. Ook de bedenker van de wedstrijd, Henri Desgrange, zou zich in de huidige organisatiestructuur goed hebben thuisgevoeld. Pierre Griffard, eigenaar van het wielerblad Velo, was Desgrange aan het eind van de vorige eeuw nog even voor met het uit de grond stampen van de klassiekers Parijs-Brest-Parijs en BordeauxParijs, toen Griffard om politieke redenen uit de openbaarheid moest verdwijnen, lag voor Desgrange de weg open om de wereld te tracteren op de grootste wielerwedstrijd, die nimmer zijn gelijke zou kennen. Griffard steunde openlijk de Franse generaal Dreyfus, die in 1894 werd veroordeeld wegens hoogverraad. Griffard kon nog wel voorkomen dat Desgrange zijn sportkrant L'Auto-Velo ging noemen (de laatste naam moest er af), maar in het begin van deze eeuw had de oprichter van de Tour de France op publicitair gebied al geen concurrentie meer te vrezen. L'Auto zag zijn oplage tijdens de in 1903 gecreeerde Tour meer dan verdubbelen (van 30 000 naar 65 000), maar bleek met het klimmen der jaren toch te kleinschalig om het te redden.

Na de tweede wereldoorlog verscheen L'Auto niet meer. L'Equipe (van Desgranges schoonzoon Jacques Goddet) kwam ervoor in de plaats. Goddet stelde het sportieve aspect van de Tour de France centraal. Dat veranderde toen zijn sportdagblad gedwongen was samen te werken met Le Parisien Libere, de krant van Felix Levitan. De directeursrollen werden omgedraaid. De Ronde van Frankrijk werd meer en meer een commerciele onderneming. Het lag voor de hand dat de Tour juridisch zou worden losgekoppeld van de beide kranten. In 1973 was de Societe Anonieme du Tour de France geboren.

Het gezicht van de ronde werd naar buitenuit steeds harder en grimmiger. Steeds vaker kregen renners en ploegleiders de indruk dat zij het excuus waren om het speeltje van Levitan bestaansrecht te geven. De immer plechtig schrijdende grijze eminentie verdween halverwege de jaren tachtig van het toneel wegens vermeende financiele malversaties. Levitan dreigde onmiddellijk met processen, maar buiten wat schenenschopperij als hij eens werd genterviewd, vernam niemand meer iets van de man. Hij schijnt stil te leven in de buurt van Cannes. De eerste doelstelling van zijn uiteindelijke opvolgers Carenso en Leblanc - na een kortstondige periode waarin Louy als tussenpaus fungeerde; hij viel door het gehaspel met de dopingzaak Delgado in 1988 van de troon - was het imago van de Tour op te poetsen.

Dat uitte zich in verschillende, voor het publiek herkenbare veranderingen: een nieuw logo, het snoeien in het aantal klassementen, het schrappen van het inschrijfgeld van de deelnemende ploegen en het verhogen van de prijzengelden. Kortom, de Tour de France moest vooral weer als sportwedstrijd worden gezien. De toekomst zal leren of de nieuwe topstructuur van de groep Amaury ruimte blijft bieden aan initiatieven die niet uitsluitend op het maximaliseren van de concernwinst (omzet 770 miljoen gulden) zijn gericht. De Tour blijft een gouden kalf voor alle divisies van de uitgeverij. De oplage van L'Equipe (gemiddeld 308 961) stijgt in de 'komkommermaand' juli met honderda tweehonderd duizend en bereikte jongstleden maandag met 799 785 exemplaren het voorlopige (?) hoogtepunt in deze Tour de France. De andere takken van het bedrijf, behalve dan het grootstedelijke dagblad Le Parisien, zijn meer of minder afhankelijk van de Tour en andere grote sporttoernooien: de krantendrukkerij, de commerciele afdeling en de reclamedrukkerij.

Cholesterolarm

Tegen die achtergrond zijn de overname van TSO (Parijs-Kaapstad), de toenemende invloed op de grote publiekszenders en de creatie van WSM signalen om de levensader van Amaury cholesterolarm te houden. Killy zegt als nevenactiviteit ook te willen voortgaan op de tweede weg die de Societe al enige tijd bewandelt: het in stand houden en creeren van wedstrijden die het winstcijfer drukken, maar uit sportpromotioneel oogpunt levenskansen verdienen. De 'droomkoopman', zoals Killy in mei in L'Equipe werd gentroduceerd, denkt daarbij aan het promoten van typisch Amerikaanse sporten, waarvan de spelregels worden aangepast aan de Europese smaak. Niet om ze te organiseren, wel om ze op de televisie te krijgen en er kranten door te verkopen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden