De enquêtecommissie zal een heel kluwen aan organisaties moeten ontwarren

De enquêtecommissie zal zeer waarschijnlijk oud-minister Henk Kamp willen spreken Beeld ANP

De parlementaire enquête naar de gaswinning moet wijs worden uit de rollen die vele betrokkenen vele jaren hebben gespeeld.

Met een parlementaire enquête naar de gaswinning haalt de Tweede Kamer zich een hoop werk op de hals. Ga maar na: de vorige onderzoeksenquête ging over de Fyra, de zestien Italiaanse flitstreinen die na veertig dagen van het spoor werden gehaald. Die enquête duurde inclusief voorbereiding drie jaar.

Het Groningendossier beslaat een veel langere periode en raakt meer betrokkenen. De meeste fracties willen een zo volledig mogelijk beeld van de geschiedenis van de gaswinning en zullen dus moeten spreken met een lange stoet (voormalige) bewindslieden en vertegenwoordigers van een aantal (semi-) overheidsinstellingen en bedrijven.

Gasgebouw

Zo zijn er allereerst de in het zogeheten Gasgebouw verenigde ondernemingen, een vrij ondoorgrondelijk geheel waarover de Kamer zich de afgelopen jaren geregeld bij de minister beklaagde: hoe de belangen er precies lopen is nauwelijks te achterhalen. De belangrijkste deelnemer is de Nederlandse Aardolie Maatschappij (Nam), een samenwerking tussen de staat, Shell en ExxonMobil. De Nam kreeg begin jaren zestig de concessie om het aardgasveld in Groningen te exploiteren.

Begin jaren zestig werd de GasUnie opgericht, verantwoordelijk voor het verkopen en het transporteren van het Groningse gas. Tegelijk werd Maatschap Groningen opgericht om het Groningenveld te exploiteren. Dat is eigendom van de Nam (60 procent) en de staat (40 procent).

In 2005 werd GasUnie opgesplitst in transportbedrijf GasUnie en GasTerra, dat het gas verhandelt. Deze ondernemingen zijn voor 50 procent eigendom van de staat, ExxonMobil en Shell bezitten elk een kwart van de aandelen. Ook EBN zit in het Gasgebouw. EBN is voor 100 procent eigendom van de staat en behartigt de belangen van de staat als aandeelhouder van GasTerra en Maatschap Groningen.

De enquêtecommissie mag straks dit kluwen van verantwoordelijke instellingen ontwarren, bestuurders spreken en helder krijgen welke belangen de boventoon voerden.

Terug in de tijd

De meeste Kamerleden willen dat de enquête zo ver mogelijk teruggaat in de tijd. Voor de eerste jaren nadat het gasveld in 1959 werd ontdekt, zal de commissie waarschijnlijk vooral de archieven in duiken, om te voorkomen dat het onderzoek te tijdrovend wordt en omdat de meeste betrokkenen van toen niet meer in leven zijn.

Vanaf 1986, toen de eerste trillingen in het gebied werden waargenomen, werd het KNMI betrokken bij Groningen. Nog altijd meet het meteorologisch instituut de bevingen rond plaatsen waar gas gewonnen wordt.

Verder is een groot aantal bewindslieden betrokken geweest bij de gaswinning. Vooral ministers en staatssecretarissen van economische zaken, maar ook ministers van financiën hadden zeggenschap over Groningen, vanwege het belang voor de staatskas.

In 1989 debatteerde de Kamer voor het eerst over het verband tussen de gaswinning en de waargenomen bevingen. Volgens toenmalig minister Rudolf de Korte was het niet uitgesloten, maar wel onwaarschijnlijk dat de trillingen verband hielden met de gaswinning.

Door de jaren nam het aantal trillingen toe en kwam dit verband onomwonden vast te staan. In 2003 probeerde de overheid meer grip te krijgen op de gaswinning met de nieuwe Mijnbouwwet. Minister Laurens Jan Brinkhorst drong  bij de Nam aan op een aanvulling over de verwachte aardbevingen en schade, maar keurde desondanks het ingediende winningsplan goed.

Ook volgende bewindslieden zochten steeds de balans tussen bevingsrisico en ‘leveringszekerheid’. Maar de Groningse tegenstand groeide. Zo werd in 2009 de Groninger Bodem Beweging opgericht, die zich inzet voor gedupeerden van de aardgaswinning. Ook keerden steeds meer burgemeesters en provinciebestuurders zich tegen gaswinning.

Het Gasbesluit van 2013 zal een belangrijk ijkpunt zijn voor de enquêtecommissie. In reactie op de recordbeving met een kracht van 3,6 bij Huizinge in 2012 adviseerde het Staatstoezicht op de Mijnen aan minister Henk Kamp om de gaswinning terug te brengen. De bevingen zouden anders in hevigheid toenemen. Toch liet Kamp dat jaar zo’n 10 procent meer gas winnen dan in voorgaande jaren. Een knauw voor het vertrouwen van de Groningers.

Uiteindelijk besloot minister Eric Wiebes vorig jaar dat de gaskraan definitief dicht moet. Maar ook hij ontkomt niet aan Groningse kritiek, vooral omdat de herstel- en versterkingsoperatie vertraging na vertraging opliep.

Lees ook:

De parlementaire enquête moet Groningers genoegdoening geven

Met een parlementaire enquête zoekt de Tweede Kamer een bevredigende afsluiting van jarenlange discussie over de gaswinning in Groningen. 

Parlementaire enquête? In Loppersum knallen de kurken niet

Mooi hoor, die parlementaire enquête. Maar nee, geen knallende kurken, geen polonaises door de straten van Loppersum. Op woorden kun je geen huizen bouwen, weten ze daar.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden