'De echte martelaar houdt van het leven'

Ziad Hilal is terug uit Homs. De Syrische jezuïet werkte daar samen met pater Frans van der Lugt. Ondanks de oorlog in zijn land wil Hilal positief blijven. 'Wij geloven in het nieuwe Jeruzalem.'

Ziad Hilal heeft veel om te laten bezinken. De 42-jarige Syriër is in Dublin, Ierland, voor een bezinningsperiode die negen maanden zal duren. Die lange fase van reflectie is het laatste deel van de ongeveer achttien jaar lange opleiding die hij als jezuïet moet doorlopen. Het contrast met Homs, de kapotgeschoten Syrische stad waar hij de afgelopen jaren te midden van de oorlog heeft gewerkt, is groot.

In 2010 werd Ziad Hilal tot priester gewijd. Een jaar later brak de opstand in Syrië uit, die uitmondde in een ongekende burgeroorlog. Rebellen, waaronder het Vrije Syrische Leger, bezetten de oude binnenstad van Homs en verscholen zich in huizen. Het antwoord van het staatsleger was dit stadsdeel af te sluiten van de buitenwereld en woonwijken te bombarderen. Pas in mei 2014 vertrokken de laatste oppositiestrijders. De maand ervoor werd pater Frans van der Lugt doodgeschoten. Met hem had Hilal steeds nauw samengewerkt.

Het gaat nu goed in Homs, vertelt Ziad Hilal, die tot zijn vertrek in dienst was van de Jesuit Refugee Service, de hulporganisatie die kleding en voedsel uitdeelde in Homs. Eerder vertelde hij dat hij dankzij de kinderen van deze stad in het westen van Syrië nog in leven is. Toen het geweld pas was uitgebroken, moest hij op zondagen in drie verschillende kerken de mis opdragen. Als hij onderweg op zijn fiets zag dat spelende kinderen zich verscholen, terwijl hij geen bommen hoorde vallen, dan wist hij dat ergens een scherpschutter moest zitten. De kinderen waren zijn gidsen.

Dat is nu verleden tijd. Het gaat dus goed. Dat is te zeggen: "De helft van de stad, met name het oude centrum, ligt in puin door de dagelijkse zware gevechten toen tussen de verschillende strijdgroepen", vertelt hij. "Heel veel mensen hebben Homs verlaten en andere ontheemden zijn aangekomen, vooral uit het plaatsje Al Quaryatayn waar Isis is gekomen. We hebben uit Al Quaryatayn honderdzestig families ontvangen. De situatie blijft zwaar, in heel Syrië. Aleppo is verwoest. Er is daar geen elektriciteit, geen water. Eergisteren heb ik nog gehoord dat vijftig kinderen zijn omgekomen. In Homs ontplofte een paar weken geleden een autobom. Ik hoor elke dag van mensen dat ze vluchten: naar Turkije, waarna ze de weg van de dood nemen naar Europa."

Zijn eigen familie is eveneens over de wereld verstrooid. Hilal heeft zussen in Homs en Deraa; hij heeft neven in Duitsland en Nederland; andere familieleden zitten in Canada en Frankrijk. Zelf hoeft hij zich niet te wagen aan hachelijke reizen: als geestelijke kan hij een visum krijgen en vliegt hij dus probleemloos naar Frankfurt, Parijs of Londen om spreekbeurten te geven over het lot van zijn land.

Over president Assad wil hij geen enkele uitspraak doen. "Ik ben geen politicus", houdt hij af. "Ik wil geen politieke discussie binnentreden, noch met betrekking tot de huidige president, noch met betrekking tot andere politici. Als religieuzen en als hulpverleners zijn we alleen geïnteresseerd in onze missie, in de mensen die wij dienen."

Alleen al het noemen van de naam van de president voegt niks toe, zegt Hilal. "Dan lijkt het alsof hij zelf het probleem is. In Syrië woedt een oorlog die alles verwoest. Of het nou Assad is, of iemand anders."

Propaganda

Op de suggestie dat Assad de beschermheer is van de Syrische christenen, reageert Hilal even afhoudend. "Dat is geen belangrijke vraag: wie beschermt wie? In onze situatie wordt niemand beschermd. Het geweld zou iedereen kunnen verslinden. Sommige mensen zeggen dat christenen beschermd moeten worden, maar ze bedrijven propaganda om het land te verdelen, aan te tonen dat de samenleving in Syrië verscheurd is. Dat is niet het geval. Zo'n bewering, geloof mij, helpt mijn volk niet om in vrede te leven. Het zet ons als christenen neer als vreemde mensen die bescherming nodig hebben. Nee, wij zitten in het weefsel van dit land, wij zijn ware burgers."

"De oorlog in Syrië is begonnen als een oorlog van iedereen tegen iedereen. Het is helaas de filosofie van Hobbes; we leven weer in de Middeleeuwen. Pas toen de jihadisten kwamen, is men veel gaan praten over aanslagen op christenen. Toen Isis in het noorden van Syrië kwam, verjoegen zij de christenen, legden zij hun een belasting op. Of er werden christenen ontvoerd. Op dit moment praat men over 250 of 260 personen, vooral kinderen en vrouwen, die in het noorden zijn ontvoerd: Assyrische christenen, Syrisch-orthodoxen, en misschien Armeniërs. Voordat Isis kwam, hebben we in Syrië nooit gehoord van een groep die anderen wil onderdrukken."

Maar het is waar, zegt Hilal: de christelijke gemeenschap in Syrië, die een paar miljoen mensen telt, wordt uiteengereten. Uit het belegerde Aleppo, een belangrijke stad voor de gelovigen, is de helft van de christelijke populatie op de vlucht geslagen, hoorde hij. Hilal maakt de schatting dat 85 procent van de christenen zich nog in Syrië bevindt, al of niet ontheemd, "maar het probleem is dat meer en meer het land verruilen voor Europa, Canada of andere landen in de wereld".

Bovendien is de afgelopen jaren een hele trits christelijke leiders ontvoerd of gedood: de Syrisch-orthodoxe aartsbisschop Gregorius Youhanna, de Grieks-orthodoxe aartsbisschop Boulos Yaziji, de Italiaanse jezuïet Paolo Dall'Oglio, de franciscaan François Mourad, maar afgelopen mei ook de Syrisch-katholieke priester Jacques Mourad uit het eerdergenoemde plaatsje Al Quaryatayn vlakbij Homs.

Bommen en raketten

Slechts een paar uur voor voordat Mourad door opstandelingen ontvoerd werd, belde Ziad Hilal nog met hem. "Ik zei tegen hem: Jacques, alsjeblieft, verlaat Al Quaryatayn. Hij antwoordde heel helder: 'Ik ga hier nooit weg. Wij hebben hier als christelijke gemeenschap de beslissing genomen om samen te blijven leven.' We weten nu niet wat zijn lot zal zijn. Maar elke Syriër in Syrië kan gedood worden. De bommen en raketten die vallen, maken geen onderscheid tussen een christen of een moslim, tussen een kind of een ouder iemand. Een kogel doodt degene die daar is, op dat moment."

Hij noemt pater Frans een martelaar, een van de vele uit de christelijke traditie. De dood van de Nederlandse priester had hij al lange tijd gevreesd, want de 75-jarige jezuïet was al eens in elkaar geslagen. Zou ook Hilal een martelaar kunnen worden? De Syriër zucht. "De echte martelaar houdt van het leven. Wij verlangen ernaar om ons volk en onze kerk te dienen. Er komt altijd een tijd dat de geest het lichaam zal verlaten, maar het is niet aan ons dat moment te kiezen. Daarom zeg ik: pater Frans heeft zijn dood niet gekozen. Hij voerde een spirituele strijd, met het doel om de mensen om hem heen te doen leven.

"Ik ben verrast door zoveel geweld, zoveel dood, zoveel vernietiging, zoveel haat. Eigenlijk is dat geen verrassing, maar een nachtmerrie. Dit is niet het Syrië dat ik ken. Syrië was een mooi land, met een mooie beschaving, waarin er gastvrijheid was tussen de moslims onderling, tussen moslims en christenen en tussen christenen onderling. De Syriërs waren een goed opgeleid volk dat de moderniteit zocht. De oorlog heeft dat beeld verscheurd.

"Maar het is niet het geweld dat het laatste woord zal hebben. In het boek Openbaringen is het niet de dood die het laatste woord heeft. Wij geloven in het nieuwe Jeruzalem. Het is ons gegeven om dat te blijven zien. Maar werkelijk, het is triest."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden