De 'Dude' trekt overal volle zalen

interview | Gustavo Dudamel is in Nederland, met zijn eigen Los Angeles Philharmonic en volgende maand met de Wiener Philharmoniker. 'Dirigeren is psychologie.'

Terwijl Nederland mutsen en wanten van zolder haalt, is het in Los Angeles 21 graden. Precies de temperatuur waarin het Venezolaanse bloed van Gustavo Dudamel (1981) goed gedijt. De dirigent houdt kantoor pal naast de flitsende Walt Disney Concert Hall waarin hij dagelijks zijn kornuiten van de Los Angeles Philharmonic aanstuurt.

"Het LA Phil heeft een elegante klank, die voortkomt uit de traditie van het orkest", zegt Dudamel - gekleed in stemmig zwart, de donkere krullen met gel achterover gekamd - nippend aan een espresso. "Maar wat nog kenmerkender is, is de permanente aandacht voor het nieuwe. Ik denk dat ik sinds mijn aanstelling hier wel iets van vijftig wereldpremières heb gedirigeerd, en dan spelen we ook nog het 'gewone' repertoire.

"Het is de taak van een orkest om zijn deuren te openen voor hedendaagse componisten, de makers van nu, met hen moet je in contact staan. En er is ruimte voor repertoire dat niet dagelijks in de zalen staat geprogrammeerd, zoals Mendelssohns Eerste symfonie. Ik ken dat stuk alleen van opnamen, jij?"

De carrière van Dudamel leest als een succesverhaal. Hij groeide op in Venezuela, ondergedompeld in het warme bad dat 'El Sistema' heet: het magnifieke orkesten- en educatiesysteem waarin kinderen uit alle lagen van de bevolking elkaar ontmoeten in een van de ensembles - ze krijgen een instrument in de hand en vanaf dat moment is iedereen gelijk: muziek smeedt een band. Dudamel speelde viool in het Simón Bolívar Symphony Orchestra of Venezuela, het orkest aan de top van de piramide. Toen de dirigent zich ziek meldde, klom de twaalfjarige Dudamel op de bok: het begin van een carrière. Grote dirigenten als Claudio Abbado en Simon Rattle sloten hem in de armen. Dudamel werd chef van de Bolívars en is dat nog steeds. Ze veroveren de wereld met spetterende concerten.

Daarnaast koos de Los Angeles Philharmonic de 'Dude' in 2009 als chef-dirigent; hij heeft niet zo lang geleden bijgetekend tot het seizoen 2021-22. Het orkest uit LA maakt voor het eerst onder leiding van Dudamel zijn opwachting in het Amsterdamse Concertgebouw, een maand later is de Latijns-Amerikaan terug, dan met de Wiener Philharmoniker.

Dudamels lichaamstaal voor het orkest is dezelfde als die in de wandelgangen. Concentratie, tijd voor een grapje, maar bovenal: hij steekt soepel in zijn vel en zijn bewegingen vallen compleet samen met wat er klinkt: alles logisch en eerlijk. Kijk naar zijn handen; slank en verzorgd, hiermee nodigt hij de musici uit tot grote kunst, tijdens het gesprek bewegen ze sierlijk rond zijn woorden.

"Iedere dag is een uitdaging voor mij. Ik kom met een hoofd vol ideeën op de repetitie, en toch kan alles in een handomdraai anders verlopen. Waarom? Het orkest reageert, er is sprake van actie en reactie. Sommige dingen die je had bedacht, blijken helemaal niet te werken. Dirigeren is psychologie: je moet de musici inspireren. Er zit ook een filosofische kant aan: hoe bereik je dat de spelers jouw plannen aanvoelen en hoe kun je je in hun gedachten verplaatsen? Het feit dat alles met elkaar verbonden is, ervaar ik als iets spiritueels."

Universele taal

In LA spreekt Dudamel de Latijns-Amerikaanse bevolking aan, en dat zorgt weer voor een groter publieksbereik van het orkest. Hij voelt zich thuis in deze stad, terwijl hij uit een heel andere cultuur komt. Hoe kan dat? "In Azië zijn ze gek op Beethoven en Brahms. Hoe ver ligt de bakermat van die componisten niet verwijderd van dat werelddeel? Muziek is een universele taal, als je eenmaal voor die taal kiest, herken je elkaar, waar dan ook. Vijf maanden per jaar werk ik in mijn thuisland, mijn hart ligt in Venezuela. 'El Sistema' is een geweldige familie, waarin ik ben opgegroeid. Het was mijn dagelijks leven. Ik leerde enorm veel, vooral door spelen in het orkest, luisteren naar wat de dirigent zegt, luisteren naar het geluid dat het orkest produceert, naar hoe de musici reageren.

"De Venezolaanse samenleving kent zoveel problemen, vooral in de achtergestelde gebieden. Ook daar proberen we met 'El Sistema' door te dringen. Als die kinderen eenmaal in een orkest zitten, valt alles weg wat met sociale afkomst de maken heeft. Er is geen klassenonderscheid meer, verschil in religie doet er niet toe. Alleen de muziek telt, die vormt het gezamenlijke doel. Een kind dat muziek en kunst in zijn leven kent, daarmee kan opgroeien, ontvangt steeds schoonheid. Muziek kun je niet aanraken, het raakt je in je hart, in je buik. Het gaat om gevoelens, en dat is heel bijzonder. Bij een schilderij is dat anders, dat kun je aanraken, dat is fysiek, en je kunt het niet veranderen. Muziek heeft de mogelijkheid steeds te kunnen veranderen. Het is een complete kunst, het meest magische, unieke concept van schoonheid.

"Een aantal grote dirigenten heeft mij het vak bijgebracht, ze zijn als vaders voor me. Het gaat hen niet alleen om de kunst, maar ook om het leven zelf, zoals Claudio Abbado. Ik heb nog nooit zo'n eenvoudige en bescheiden man meegemaakt. De wereld lag aan zijn voeten, en wat deed hij? Zo goed en veel mogelijk studeren. Ik herinner me dat hij bezig was met Mahlers Derde symfonie, hij werkte met de partituur van Mengelberg, uit het archief van het Concertgebouworkest. 'Kijk, Gustavo, dit accent, dit tempo'. Je zou denken, die lui vliegen van de ene grote zaal naar de andere, die studeren niet meer. Maar nee, steeds dieper tot de kern van je vak doordringen, iedere dag weer."

De 'Dude' is cool en trekt volle zalen. "Mijn leven voelt gewoon, niet uitzonderlijk, én heerlijk, ik ben dankbaar voor wat ik mag doen. Ik ben geen rockster, en zo zie ik mezelf ook niet. Wat ik het liefste doe is tijd doorbrengen met mijn zoontje. Ik voel me eerlijk gezegd hetzelfde als tien, vijftien jaar geleden. Dat komt doordat mijn ontwikkeling tot dirigent natuurlijk is verlopen. Ik hou van mijn werk, iedere dag zelfs ietsje meer. Maar ik heb nooit gedacht: ik bewandel nu de weg die later leidt tot het dirigeren van de toporkesten in Berlijn of Wenen."

'El Sistema'

Wat die toporkesten betreft: we noemen de Staatskapelle Dresden, de Berliner en de Wiener Philharmoniker. Dudamel is er hot. En toch, deze Latino komt pas woorden tekort als het over de Bolívars en zijn geboortegrond gaat. Veelzeggend dat een dirigent van zijn kaliber de helft van de tijd druk is met het orkest waar hij groot werd. "In mijn werk krijg ik de kans om de wereld over te reizen, met geweldige orkesten samen te werken, fantastisch. Maar als ik in Venezuela de passie zie van die kinderen, een groot orkest in een kleine gemeenschap, is dat alles voor me. Met mijn mentor José Antonio Abreu, de oprichter van 'El Sistema', heb ik nog iedere dag contact. Hij is een romanticus; als je zoiets weet op te zetten! De wereld wordt er een stukje beter van, daar ben ik van overtuigd.

'El Sistema' begon in 1975 met 90.000 kinderen, nu zijn het er 700.000, alleen al in Venezuela. In een orkest werk je als een team, je denkt als een team, dat was voor mij heel belangrijk - ik pluk er de vruchten van als dirigent. Het tijdperk van de maestro's hoog op de bok à la Arturo Toscanini is voorbij."

Concertgebouw Amsterdam. Los Angeles Philharmonic, 17 maart; Wiener Philharmoniker, 12 april. Info: concertgebouw.nl

'Muziek kun je niet aanraken, het raakt je in je hart, in je buik'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden