De dood

Het kan morgen gebeuren, volgende week, of pas over vijftig jaar. De dood is lastig te voorspellen. Eén ding weet ik wél zeker: wanneer het tijd is voor mijn begrafenis, wil ik dat er gerouwd wordt. Zwaar gerouwd. Kleding moet van het diepste zwart zijn. Tranen moeten dagenlang rijkelijk vloeien - maar wel zachtjes, want ik houd niet van luidkeels gejammer. Op kousenvoeten zal iedereen rondsluipen en herinneringen over me uitwisselen. Wat een fijn mens ik toch eigenlijk was, wat een talenten ik allemaal niet bezat. En toch zo bescheiden gebleven.

Niets heb ik met dat moderne gedoe, de filosofie die stelt dat op een begrafenis 'het leven gevierd moet worden, in plaats van de dood betreurd'. Mensen die willen dat hun dood 'een feestje' wordt. Zanger Ozzy Osbourne beschreef het ooit in zijn column voor de Sunday Times Magazine: op zijn begrafenis mag men vooral niet gaan kniezen. Muziek en dans wil hij, van Justin Bieber tot Susan Boyle. Liefst met nog wat goede grappen erbij, zoals een plotseling geklop dat vanuit de kist opstijgt tijdens de plechtigheid.

Zo heeft iedereen zijn voorkeuren voor het vieren van die laatste uren die hij op deze aarde doorbrengt.

Soms ook komen we andere concepten tegen. Afgelopen weekeinde mocht ik aanwezig zijn bij een 'urs. Letterlijk een 'huwelijk'. Er brandden kaarsen, er stond een foto, er werden toespraakjes gehouden. De sfeer was opgewekt.

Later werd het stemmiger. Het licht werd gedimd. Een man en een vrouw met ieder een oosters snaarinstrument kwamen tevoorschijn. De klanken waren onbekend; de muziek zo heel anders dan wat we normaal om ons heen horen. Klassieke Noord-Indiase muziek vulde de ruimte. Ineens was de sfeer geladen. Plechtig, op een fijne manier. Een soort collectieve ontroering leek op iedereen vat te krijgen.

Ook hier werd de dood gememoreerd, zij het anders dan anders. Van heiligen, mystici, of andere speciaal door God uitverkorenen, wordt de sterfdag gevierd. De sterfdag heet de 'huwelijksdag' omdat twee geliefden - God en die mens - weer met elkaar verbonden worden. Een reden voor blijdschap dus. Dat wil zeggen: blijdschap voor degene die heengegaan is. Voor de nabestaanden, de achterblijvers, is het meestal nogal zwaar te verduren dat iemand er niet meer is.

Vragen om carnavaleske vrolijkheid over de dood, zoals Osbourne doet, lijkt me daarom nogal egoïstisch. Hij wordt verlost van de aardse ellende, maar anderen zitten er nog aan vast. Moeten ze dan ook nog eens vieren, dat een geliefd persoon er niet meer is? Het is te veel gevraagd.

Zo'n 'urs is een mooie middenweg. Vrolijk en stemmig tegelijk. Romantiek en drama. Op zo'n manier wil ik ooit best herdacht worden. Hoef ik alleen nog even heilig te worden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden