De dood aan de rand maakt dat de ramp schokt

Wat kunnen denkers zeggen over het nieuws, over wat krantenlezers schokt of juist koud laat? Tweewekelijks laten wijsgeren uit Trouws Filosofisch Elftal hun gedachten erover gaan. Vandaag: aardbevingen, orkanen, tsunami's. Hoe ervaart de mens de natuurramp? Schokt die meer dan vroeger?

Hoe de moderne mens de natuurramp ervaart, werd duidelijk met de aardbeving in Lissabon van 1755, vertelt Andreas Kinneging, hoogleraar rechtsfilosofie aan de Universiteit Leiden.

“Traditioneel werd natuurlijk kwaad beschouwd als het gevolg van moreel kwaad, natuurrampen als de straf van God. Dat is ook het oudtestamentische denken van de profeten. 'Waarom gaat het slecht? Omdat we ons van God hebben afgekeerd.' Maar sinds de Verlichting is die manier van denken steeds meer naar de achtergrond gedrongen. Als God goed en almachtig is, waarom staat hij dan de aardbeving in Lissabon toe? Voor de traditie was het antwoord daarop duidelijk: het kwaad komt van de mens. Maar dat antwoord wordt in de moderne tijd verworpen.“

Het illustreert hoe ontzettend belangrijk filosofische uitgangspunten zijn, zegt Kinneging.

“In precies hetzelfde verschijnsel ziet de een de hand van God, terwijl de ander er het bewijs in ziet dat er helemaal geen God bestaat.“

Er is een duidelijk verschil tussen de premoderne en de moderne opvatting, vindt ook Jos de Mul, hoogleraar wijsgerige antropologie aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam. Maar volgens hem kunnen we inmiddels een derde tijdperk onderscheiden met geheel eigen filosofische uitgangspunten: de postmoderniteit.

De Mul: “Moderne denkers maakten een strikt onderscheid tussen enerzijds de natuurramp waar de mens niets aan kan doen, anderzijds de tragedie als gevolg van menselijk ingrijpen. In onze postmoderne, hoogtechnologische cultuur wordt dat onderscheid steeds meer gerelativeerd. De oorzaken en gevolgen van natuurrampen zijn verstrengeld geraakt met technisch ingrijpen of het nalaten daarvan. Zo zouden de gevolgen van de orkaan Katrina veel minder tragisch zijn geweest als de dijken wat beter waren geweest en als Bush wat minder troepen in Irak had gehad.“

Dat is het onvermijdelijke gevolg van het leven in een 'technotoop', betoogt De Mul.

“Neem nu de vogelpest. Dat is niet louter een natuurverschijnsel, maar hangt nauw samen met de pluimveeteelt en de globaliserende wereldeconomie. Veel 'natuurrampen' zijn het gevolg van technisch ingrijpen. Tegelijkertijd gaat de technologie steeds meer functioneren als een oncontroleerbare natuurmacht. Het koor in de tragedie 'Antigone' van Sophocles drukt dit inzicht reeds uit. Techniek is volgens het koor ontzaglijk: zij laat de mens tot grote hoogtes stijgen, maar stort de mens ook steeds opnieuw de afgrond in.“

Kinneging: “Is Sophocles dan postmodern?“

De Mul: “Dat lijkt me wat ver gaan. Het postmodernisme keert in een bepaald opzicht terug naar het tragische wereldbeeld. In de tragische cultuur wordt geen onderscheid gemaakt tussen natuur en cultuur. Alles is met alles verbonden. Als Oedipus de wet overtreedt, breekt de pest uit. In het moderne wereldbeeld worden natuur en cultuur strikt gescheiden. Maar we beginnen te beseffen dat zulke onderscheidingen niet erg realistisch zijn. De moderne reactie op de ramp was: 'nog meer techniek, dan krijgen we het wel onder controle'. Nu zien we langzaam maar zeker de tragische wijsheid in: hoe harder je het probeert te controleren, hoe erger je erin weg zinkt.“

Kinneging: “Maar waarom zou je dat postmodern noemen? Herontdekken we niet gewoon oeroude wijsheden?“

De Mul: “Het is een herhaling met een kwalitatief verschil. Voor de Grieken waren de goden onvoorspelbare machten die goed- en kwaadschiks over het leven konden beschikken. In de postmoderne cultuur heeft de technologie de rol opgenomen van een godheid die op onvoorspelbare wijze geeft en neemt.“

Kinneging: “De gedachte dat de mens naar kennis streeft die hij niet in de hand kan houden en hem op den duur te gronde zal richten, is het oude faustiaanse thema. Jij zegt: postmodernisme. Ik zeg: niets nieuws onder de zon.“

Tot slot geven beide denkers een antwoord op de vraag: schokt de natuur ons tegenwoordig erger dan vroeger?

Kinneging: “Ik zeg wel eens tegen mijn studenten dat mensen in de 17de eeuw de hele dag kiespijn hadden. De dood was overal aanwezig. Nu is de dood naar de rand van het bewustzijn gedrukt. Daarom schokt een ramp ons tegenwoordig meer. Anderzijds zijn we in de afgelopen decennia, omdat we overspoeld worden met ellende op de televisie, flink afgestompt. Toch denk ik dat wij meer pijn voelen dan de mensen vroeger. Ten eerste omdat we niet meer aan pijn gewend zijn. En ten tweede omdat onze verbeeldingskracht sterker is geworden. Daardoor plagen we ons meer met gedachten aan naderende rampen en verschrikkingen.“

“De natuurramp is niet erger of minder erg dan vroeger“, meent De Mul.

,,Voor de orthodoxe christen of de mythisch denkende Griek was het ook erg om gestraft te worden door God of de goden. Zo was het ook erg voor de moderne denker die in de natuurramp een uitdrukking zag van de zinloze willekeur in de natuur. En voor de postmoderne mens is het ook weer erg op een andere manier, omdat hij gaat inzien dat we met de technologie gebruikmaken van een kracht die we niet kunnen beheersen.“

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden