De dokter betaalt zijn congres voortaan zelf

Het grote farmaconcern AstraZeneca gooit het roer om. Het stopt met het fêteren van artsen en medische wetenschappers. 'De waarde van medicijnen moet voor zichzelf spreken', betoogt het bedrijf nu.

De meeste beroepsgroepen betalen hun eigen nascholing. Accountants, advocaten, docenten: ze draaien zelf op voor hun bijspijkercursussen. In het gunstigste geval betaalt de werkgever.

Maar bij dokters ligt dat anders. Vooral invloedrijke opinieleiders op medisch gebied kunnen gratis - of bijna voor niets - naar buitenlandse congressen. De rekening wordt betaald door de fabrikanten van geneesmiddelen. Het Brits-Zweedse AstraZeneca - met een omzet van ongeveer 22 miljard euro (2010) nummer 7 op de lijst van grootste medicijnproducenten in de wereld en ook in Nederland een van de groten - is het eerste farmabedrijf dat stopt met het fêteren van artsen en medische wetenschappers.

De aankondiging zorgde voor enig rumoer in de medische wereld, zegt woordvoerder Roeland van der Heiden van AstraZeneca Nederland. In Nederland viel de deining nog mee, maar in landen als China en Rusland, waar de dokter ook graag op kosten van de industrie naar congressen reist en waar ziekenhuizen en universiteiten vaak geen eigen reisbudgetten hebben, waren de reacties 'heftig'. "Voor Nederlandse begrippen is deze maatregel niet meer dan logisch. In die landen is het een grote stap." Van der Heiden verwacht niettemin dat andere farmaceutische bedrijven zullen volgen.

De ingreep van het bedrijf is onderdeel van een serie veranderingen. Zo geven de artsenbezoekers van het bedrijf sinds kort geen cadeautjes meer weg aan artsen. "Alleen zaken die een medisch of educatief doel hebben mogen incidenteel nog worden weggegeven", zegt Van der Heiden. "We zullen nooit meer pennen of blocnotes weggeven, waarop productnamen staan. Het geld dat we uitsparen willen we inzetten voor projecten voor verbetering van de patiëntenzorg."

Ook de medische nascholing in Nederland wordt in veel gevallen zwaar gesubsidieerd door de farmabedrijven, die daardoor vaak niet alleen de scholingsagenda bepalen, maar ook beslissen wie de sprekers zijn op cursussen. AstraZeneca blijft betrokken bij de nascholing, omdat deze opleidingen volgens het bedrijf niet mogelijk zijn zonder financiële steun van farmaceutische bedrijven.

Universiteiten en academische ziekenhuizen hebben doorgaans reisbudgetten voor congresbezoek van wetenschappers, maar die zijn volgens de Amsterdamse cardioloog Arthur Wilde niet toereikend. "Uit dat budget moet ik ook de kosten betalen voor wetenschappelijke publicaties. Ik heb net 2000 euro moeten overmaken aan een tijdschrift omdat ik bij een artikel een paar kleurenplaatjes wilde afdrukken. Dan ben je zo door je budget heen, hoor."

Een collega van Wilde, hoogleraar neurologie Rien Vermeulen (AMC) zegt dat hij altijd makkelijk is rondgekomen met zijn reisbudget. "De inschrijving voor zo'n buitenlands congres kost ongeveer 400 euro. Vliegreizen kunnen, als je het slim aanpakt, redelijk goedkoop - ook naar de Verenigde Staten. Dan moet je nog zo'n vier dagen onderdak hebben in een hotel, maar dat hoeft niet altijd het Hilton te zijn. Met een congresbudget van 4500 euro per jaar kom ik goed uit. Ik reis er twee keer per jaar van naar Amerika."

AstraZeneca wil in de sector voorop lopen op het gebied van maatschappelijk verantwoord beleid. De farmabranche heeft een beroerd imago. Nog altijd kleeft aan geneesmiddelfabrikanten het stigma van fêteren en beïnvloeden. "Ethisch handelen en verregaande transparantie zijn belangrijke uitgangspunten voor bedrijven en organisaties. De zorgsector, en de farmaceutische industrie in het bijzonder, heeft in dat licht een bijzondere verantwoordelijkheid en uitdaging", aldus pr-man Van der Heiden.

Om die reden heeft AstraZeneca wereldwijd het beleid aangescherpt. "Uitgangspunt is dat de waarde van medicijnen voor zichzelf moet spreken. Artsen moeten op de hoogte zijn van de werking en toegevoegde waarde van geneesmiddelen, maar contacten tussen producent en voorschrijver mogen geen oneigenlijke aansporing geven om bepaalde medicijnen in te zetten."

Daarmee erkent het bedrijf dat het fêteren van artsen en medisch wetenschappers kan leiden tot een 'oneigenlijke aansporing om bepaalde medicijnen in te zetten'. Dat het sponsoren van congressen een marketingaspect had, werd door farmacbedrijven tot dusver tegengesproken.

Voor de grote hart- en diabetescongressen reizen medisch specialisten op kosten van fabrikanten naar verre bestemmingen, vooral Noord- en Zuid-Amerika. Bekende voorbeelden zijn de jaarcongressen van de American Heart Association, de American Diabetes Association en de American College of Cardiology. In Europa worden artsen vaak door de industrie meegenomen naar de congressen voor Heart Failure (hartfalen), de European Society of Cardiology en de European Association for the Study of Diabetes. AstraZeneca stelt dat het maximaal de helft van de kosten van de congresreizen vergoedde, de deelnemers moesten zelf meebetalen.

Het pamperen en faciliteren van medisch specialisten is voor farmaceutische bedrijven een belangrijke marketingmethode om de afzet van (nieuwe) geneesmiddelen te stimuleren. Vooral de opinieleiders in hun vakgebied zijn goud geld waard. Zij schrijven mee aan behandelrichtlijnen, zijn sprekers tijdens nascholingen en op nationale conferenties. Sinds jaar en dag proberen geneesmiddelproducenten medisch opinieleiders (in het Engels worden ze KOL's genoemd, Key Opinion Leaders) aan zich te binden, onder meer door hen adviseurscontracten aan te bieden. Gesponsord congresbezoek is een van de bindende factoren.

AstraZeneca hield in 2005, en waarschijnlijk ook in de jaren erna, nauwgezet bij met welke concurrenten medisch opinieleiders relaties hadden. Ook de deelname van de KOL's aan congressen, al dan niet op kosten van AstraZeneca, werd vastgelegd. Het bedrijf registreerde verder de functies die een KOL binnen de beroepsgroep bekleedde.

Op een interne KOL-lijst van AstraZeneca voor de cholesterolverlager Crestor, die in het bezit is van Trouw, staan de namen van 23 medisch opinieleiders op cardiovasculair gebied. Het zijn overwegend cardiologen en internisten, veelal verbonden aan academische ziekenhuizen. Nauwgezet werd bijgehouden of de dokters pleitbezorger waren van Crestor.

De meeste van de 23 medisch opinieleiders zijn volgens de KOL-lijst in 2006 naar één of meer congressen geweest, al dan niet gedeeltelijk op kosten van AstraZeneca. Een aantal van de medisch opinieleiders op de KOL-lijst van AstraZeneca zegt wel te zijn gevraagd voor congressen, maar het aanbod te hebben afgewezen. De Utrechtse hoogleraar cardiologie Pieter Doevendans laat via een voorlichter weten dat hij twee keer is uitgenodigd door AstraZeneca voor congressen, maar hij zegt beide keren te hebben bedankt.

Hoogleraar vasculaire geneeskunde Jeen Haalboom, eveneens uit Utrecht, zegt dat hij nooit op kosten van een farmaceutisch bedrijf naar een congres is geweest. "Ik heb alle congressen zelf betaald. Ik heb een budget van de universiteit van 4000 euro voor nascholing en congressen en daar kom ik mee uit." Haalboom zegt dat hij Crestor nog nooit heeft voorgeschreven, omdat het middel volgens hem geen plaats heeft in de behandeling.

Vasculair internist Eric Sijbrands, hoogleraar in het Erasmus Medisch Centrum, vindt dat er ook voordelen zitten aan het groepsgewijs deelnemen aan een congres. "Je kunt makkelijker met collega's van andere instellingen overleggen."

Dirk Lok, cardioloog in het Deventer Ziekenhuis, meldt dat hij in 2006 en 2007 door AstraZeneca is uitgenodigd voor congressen, maar 'daar heb ik geen gebruik van gemaakt'. In zijn ziekenhuis worden geregeld wetenschappelijke onderzoeken op cardiovasculair gebied uitgevoerd samen met farmaceutische bedrijven.

De Groninger hoogleraar interne geneeskunde Rob Gans, expert op het gebied van diabetes, krijgt jaarlijks uitnodigingen voor de grote congressen over diabetes. "Sinds enkele jaren organiseer ik mijn nascholing zelf. Ik ben één keer met AstraZeneca meegegaan, toen een grote studie over Crestor werd gepresenteerd en ik was daar in geïnteresseerd. Het was voor mij geen aanleiding om Crestor te gaan voorschrijven, al weet ik dat uit literatuuronderzoek blijkt dat het voorschrijfgedrag wordt beïnvloed door contacten met de industrie. Als opleider ben ik voorstander van zuiver voorschrijfgedrag."

Ook de Amsterdamse vaatspecialist John Kastelein (AMC) zegt dat hij nooit op kosten van de industrie naar congressen is geweest. "De reizen zijn altijd door het AMC betaald. Ik ondersteun het beleid van AstraZeneca van harte." Kastelein kwam in 2009 in opspraak toen hij figureerde op een reclame-dvd van fabrikant Pfizer voor de cholesterolverlager Lipitor. Een grote groep medisch opinieleiders gaf op de dvd positief commentaar op een studie van Pfizer naar de effectiviteit van Lipitor. De studie was helemaal niet zo positief voor Lipitor. Maar de dvd ademde een sfeer dat het middel superieur was.

Kastelein deed op de dvd de Nederlandse behandelrichtlijn voor cardiovasculaire aandoeningen af als een 'zielig, achterhaald, Nederlands standaardje'. De compilatie werd verstuurd aan enkele duizenden huisartsen. Volgens Kastelein en Haalboom, van wie ook een filmpje op de dvd stond, waren hun uitlatingen door het bureau dat de dvd voor Pfizer maakte, verknipt en selectief gebruikt. Kastelein: "Ik heb daarna al mijn adviseurschappen van farmaceutische bedrijven in Nederland opgezegd en ook nooit meer een lezing gegeven op industriegesponsorde nascholing."

Volgens hoogleraar klinische epidemiologie in Utrecht Rick Grobbee hoeft sponsoring van medische wetenschappers die naar congressen gaan niet verwerpelijk te zijn, zolang er aan die sponsoring geen voorwaarden zijn gesteld. "De spreekwoordelijke snoepreisjes zijn allang niet meer aan de orde."

Grobbe heeft onderzoek gedaan naar cholesterolverlagers. "Ik doe dat waar mogelijk met publiek geld. Maar helaas is overheidsfinanciering van dergelijk onderzoek in Nederland, ook in vergelijking met andere landen, zeer beperkt."

Op de interne lijst van opinieleiders op medisch gebied van AstraZeneca (de KOL-lijst) staan de namen van 23 deskundigen op het gebied van cardiovasculaire aandoeningen. In het document, hiernaast deels afgedrukt, werd in de kolom 'Crestor Advocacy' geregistreerd of de opinieleider pleitbezorger is van deze cholesterolverlager van AstraZeneca.

In de kolom 'AZ Engagement' werd vastgelegd welke relatie de persoon had met AstraZeneca, zoals het lidmaatschap van adviesraden voor bepaalde geneesmiddelen. In de kolom 'CV investigator 2004' stond aan welke wetenschappelijke studies de key opinion leader (KOL) had deelgenomen.

De kolom 'Professional Association Involvement' registreerde de functies en posities die een KOL bekleedde binnen zijn beroepsgroep. Medisch opinieleiders worden vaak gevraagd voor commissies die behandelrichtlijnen opstellen, of ze zitten in wetenschappelijke werkgroepen van hun beroepsorganisaties. Het zijn sleutelposities waarop farmaceutische bedrijven graag invloed hebben.

Bijvoorbeeld: in kolom F van de hiernaast afgedrukte lijst, wordt de Werkgroep Cardiologische Centra Nederland (WCN) genoemd, een netwerkorganisatie van 60 maatschappen. De WCN is een vaste partner van farmabedrijven bij klinisch cardiovasculair onderzoek. Het CVOI, dat ook in deze kolom opduikt, is het CardioVasculair Onderzoeks Instituut, het belangrijkste nascholingscentrum voor cardiologen. De NVVC is hun beroepsorganisatie.

AstraZeneca hield activiteiten van opinieleiders bij
In de kolom 'Engagement with competitor' werd bijgehouden met welke concurrenten de opinieleiders relaties hadden. In de twee volgende kolommen stond welke congressen door hen zijn bezocht, al dan niet met sponsoring van AstraZeneca. Een aantal opinieleiders zegt desgevraagd dat het bleef bij een uitnodiging: ze zijn naar eigen zeggen niet op reis geweest op kosten van de firma.

Volgens AstraZeneca's woordvoerder Roeland van der Heiden was de KOL-lijst een document van de medische afdeling van het bedrijf. De lijst was volgens hem opgesteld om ervoor te zorgen dat de congressen waarvoor uitnodigingen werden verstuurd, ook de interesse hadden van de betrokken arts of wetenschapper.

Onduidelijk is waarom een medische afdeling zou bijhouden of iemand pleitbezorger is van Crestor of een relatie heeft met een concurrent. Uit de documenteigenschappen van het excel-bestand blijkt dat de auteur van de KOL-lijst de toenmalige 'verkoop manager specialisten team' van AstraZeneca was. Van der Heiden geeft toe dat de afdeling verkoop niets te maken heeft met de medische afdeling van het bedrijf.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden