De dierentuin van Willem de Vijfde

'De menagerie van Willem de Vijfde',Teylers Museum,Haarlem, tot en met 5 februari, di t/m za van 10 tot 17 uur, zo van 14 tot 17 uur, daarna vanaf 22 februari tot eind maart in het Institut Néerlandais in Parijs.

Het destijds befaamde dier maakte deel uit van de particuliere dierentuin die stadhouder Willem de Vijfde erop na hield. De orang-oetan, afkomstig uit Borneo, was het eerste exemplaar van deze apensoort dat levend in Europa terechtkwam. Dat verklaart de grote belangstelling die de toenmalige wetenschap voor het dier aan de dag legde.

Het verklaart tevens dat de stadhouder zijn trots door kunstenaars liet vereeuwigen. Een van die schilderijen maakt deel uit van de inventaris van Rijksmusuem Paleis Het Loo. Een tweede schilderij, waarop de orang-oetan in een jolige bui is afgebeeld, kwam bij de hertogelijke familie in Braunschweig terecht.

De stadhouderlijke menagerie was een dierentuin om u tegen te zeggen. Via internationale relaties slaagde Willem erin zeldzame dieren aan zijn collectie toe te voegen. Dat veel van die dieren het hier niet zo lang maakten, was een tweede punt. De Borneose orang-oetan overleed in januari 1777, amper drie maanden na zijn aankomst, aan een longinfectie. Maar geen nood, na hun dood waren de zeldzame exemplaren nog niet voor de wetenschap verloren. Zij werden 'op liquor' gezet. Of ze werden kundig geprepareerd toegevoegd aan het kabinet van natuurlijke historie dat de stadhouder er eveneens op na hield. Niet alleen zijn eigen dierentuin bewaarde hij zo voor de eeuwigheid, soms kreeg hij hele dieren, keurig geprepareerd, cadeau. Bijvoorbeeld de giraffe die op 10 december 1779 in Namibië door een Kaapse legerofficier werd geveld. Het skelet en de geprepareerde huid werden als geschenk voor de stadhouder naar Nederland verscheept. Zo werd de prinselijke collectie uit alle delen van de wereld aangevuld.

Dat natuurhistorisch kabinet bestond al langer, daar was zijn moeder, prinses Anna, ooit mee begonnen. En zij maakte haar zoon zo enthousiast voor deze hobby dat hij op zijn buiten 'Het Kleine Loo' bij Voorburg een echte dierentuin inrichtte, om ook de lévende have te kunnen bestuderen. Toen de tijden politiek rumoeriger werden, verhuisde Willem met zijn dieren in 1786 naar Het Loo in Apeldoorn.

FRANSE TIJD

Na de inval van de Fransen en de vlucht van de stadhouderlijke familie confisqueerde het nieuwe gezag alle stadhouderlijke bezittingen. De inventaris van de prinselijke dierentuin en het kabinet van natuurlijke historie werd naar Frankrijk overgebracht. In Parijs maakte het nieuwe Mesée National d'Histoire Naturelle er goede sier mee. Daar bevinden veel onderdelen van de collectie zich nog steeds. Twee eeuwen na de Franse inval is een groot deel ervan tijdelijk terug in ons land voor de tentoonstelling 'De menagerie van Willem de Vijfde' die tot en met 5 februari in Haarlem en daarna vanaf 22 februari in Parijs is te zien.

Naast vele aquarellen, tekeningen, schilderijen, correspondentie en rapporten van onderzoekers die uitgebreid studie maakten van de gang van zaken in de tuin van de stadhouder zijn er dus de geconserveerde dieren zelf. Een topper is het metershoge skelet van de giraffe maar ook de forse schedel van een nijlpaard mag er zijn.

TWEE OLIFANTEN

Onder een glazen stolp huist een opgezet 'spookdiertje' uit Ambon. Imposant zijn ook de skeletonderdelen van de olifanten Hans en Parkie, die op 13 juli 1786 de prinselijke dierentuin kwamen opluisteren. De Fransen waren er zo tuk op dat ze al snel een uitreisplan voor het tweetal beraamden. De kleinere dieren en de inventaris van het natuurhistorisch kabinet waren al lang in Frankrijk toen de olifanten op transport werden gesteld. De eerste poging mislukte omdat Hans uitbrak. Een paar dagen later strandde de wagen waarin hij zich uiteindelijk had laten vangen bij de toegangshekken van Het Loo. Het voertuig kapseisde. Hans kwam er goed vanaf. Het werd april 1797 voordat het transport - dit keer in omgebouwde legerwagens - met succes werd uitgevoerd. De reis duurde zes maanden. De aankomst in Parijs van deze oorlogstrofeeën werd een publiekstrekker. Duizenden Parijzenaren stonden langs de route. Het tweetal werd in de Jardin des Plantes te kijk gezet. De belangstelling daarvoor was zo overweldigend dat op de toegangskaartjes het tijdstip waarop men in de tuin terecht kon was vermeld.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden