De dichters brengen de verte écht nabij

Nooit eerder stuurde u zoveel verhalen en gedichten onze kant op. Tussen de ruim 500 inzendingen stalen de poëten deze keer de show.

Het was geen gemakkelijk thema: ‘Dat de verte nabijer dan ooit was’. De dichtregel van Gerrit Kouwenaar leidde dan ook tot minder aansprekende inzendingen dan we doorgaans gewend zijn.

Blijkbaar roept die ene zin zware onderwerpen op. Veel dood, naderende dood, aftakeling van lichaam en geest, verloren kinderen en geliefden en stukgelopen of onmogelijke relaties kwamen we tegen.

Dat kán de lezer in de ziel treffen. Immers, daar waar het wrikt, schuurt en schrijnt, daar gedijt de pen dikwijls het best.

„De droge greppels van herinnering stromen vol”, schreef A. Zuring in ‘Tegenmelodie’. Wij bedoelen maar.

Janine Huson noteerde in ‘Avontuur’, een verhaal over de verwijdering van twee gehuwden: „Als kind kon ze rennen over zulke steentjes. Toen ze nog geen gewicht had.”

Zulke zinnen las de achtkoppige jury graag. Ook pakkend: „Met vloeken was ze begonnen, met roken was ze gestopt.” (in ‘Verloren Hoofdstuk’).

Gedreven wellicht door de hoofdprijs – een weekend Gent – werd de schoonheid van het Vlaamse land veelvuldig bezongen.

Het thema van de wedstrijd werd wel erg vaak letterlijk benoemd. Verleidelijk, dat zeker, maar weinig ruimte latend voor het voorstellingsvermogen van de lezer. Verschillende juryleden rapporteerden: „Al te vaak werd de titel van de wedstrijd als begin of eindzin gebruikt.”

Genoeg jonge en oude beloftes onder de verhalenschrijvers, laat dat duidelijk zijn, maar niet het verhaal waarvoor we unaniem bezweken. Verschillende bijdragen begonnen veelbelovend, maar misten uiteindelijk nét de urgentie die van een winnend verhaal verlangd wordt.

Zodat de dichters deze keer de dienst uitmaakten. Korte gedichten, lange rijmen, vrolijke en sombere poëzie, onbegrijpelijke verzen, sentimentele rijmelarij; aan variatie geen gebrek.

Apart was het gedicht ‘Machelen’, over het graf van Gerard Reve, ingezonden door Cees Buitendijk: „Te rustig voor iemand die de letters zo geteisterd heeft.”

De keuze viel uiteindelijk op vier gedichten. Bij 'Visioen' zagen wij inderdaad een mystiek beeld opdoemen: de aanmoedigingsprijs. ‘Waterkanten’ van Douwe T. (met een mooie slotzin) was goed voor de derde prijs. ’Alleen’ van Yvonne van der Haven (pseudoniem ‘Schrikkeltijd’) sleepte de tweede plek in de wacht door de spannende, repeterende opzet.

Maar de hoofdprijswinnaar stak er met kop en schouders bovenuit. Met ‘Vanuit de verste verte’ wist Abel Staring de jury te ontroeren, ja zelfs het zwijgen op te leggen.

En dan kom je van goede huize.

De jury bestond uit Rosa Groen, Monique de Heer, Hester Otter, Lili de Ridder, Gerwin van der Werf, Manon Harms, Saskia Bosch en Joost van Velzen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden