Verkiezingen

De democratie draait juist uitstekend

De Tweede Kamerleden tijdens de herdenking van de aanslag in Berlijn.Beeld anp

Een politicoloog trekt van leer tegen de morrende politicus die afgeeft op de sceptische kiezer. Niet de kiezer is gek, stelt hij.

Tom van der Meer is net twee maanden hoogleraar in de politicologie en nu al waarschuwt hij de hedendaagse politici: gelieve te stoppen met het luiden van de noodklok over de democratie.

Van der Meer is gealarmeerd geraakt door een groeiende groep politici die zegt dat het land 'onbestuurbaar' dreigt te worden. Die oplossingen aandragen als referenda, een kiesdrempel of een kiesdiploma, omdat ze vrezen dat er teveel partijen zijn, en dat het vertrouwen onder kiezers in politici te laag zou zijn.

Dat alles, zegt Van der Meer, is juist een teken dat het systeem uitstekend functioneert. De kiezer móet juist sceptisch zijn, de komst van nieuwe partijen hoort erbij en dat een paar grote partijen nu middelgroot zijn wijst er juist op dat kiezers echt zijn gaan kiezen. Kiezers stemmen niet meer automatisch zoals hun zuil van ze vraagt.

Hardnekkige mythes

'Niet de kiezer is gek', is de titel van het pamflet dat Van der Meer deze week publiceerde. Daarin gaat hij hardnekkige mythes over de democratie te lijf. Schreven zich 81 partijen in bij de Kiesraad? Geen paniek, zegt van der Meer. "De democratie gedijt bij gratie van nieuwe partijen. Die dagen de bestaande politiek uit. Die geven een stem aan groepen die zich onvoldoende gehoord voelen. Zo is het altijd geweest. Zo was het toen D66 werd opgericht, toen de eerste ouderenpartijen opkwamen en ook bij Pim Fortuyn en de PVV. En uiteindelijk zijn kiezers zelf steeds weer de beste kiesdrempel tegen irrelevante splinters gebleken."

"Het probleem is niet dat er een vertrouwenscrisis is, maar dat we onszelf er een aanpraten", schrijft hij. Een bijna gevaarlijke ontwikkeling, want het lijkt erop alsof met enige neerbuigendheid over kiezers wordt gesproken. 'Volkomen onterecht', zegt Van der Meer. '"De kiezer weet donders goed wat 'ie doet." Zo stelt de gemiddelde kiezer al vroeg een shortlist van partijen samen. Welke hij daaruit kiest, beslist veertig procent pas in de laatste week. Dat proces herhaalt zich iedere verkiezing opnieuw.

Pim FortuynBeeld anp

De bestuurscultuur

De politicoloog legt het probleem juist weer terug bij de partijen zelf. "Het probleem is niet de democratie, maar de bestuurscultuur", schrijft hij. Die zorgt er bijvoorbeeld voor dat openbare functies worden verdeeld op basis van partijpolitieke voorkeuren. Zo wordt een steeds groter deel van de kiezers buitengesloten. Terwijl het aantal partijleden afnam, nam het aantal topfuncties dat langs partijpolitieke lijnen wordt vergeven de laatste veertig jaar juist toe.

Ook houden politieke partijen in Nederland ten onrechte vast aan het idee dat een regeringscoalitie over een vaste meerderheid in het parlement zou moeten beschikken, zegt Van der Meer. Als je het hem vraagt is juist Rutte-2 een lichtend voorbeeld voor de toekomst. "Zo kunnen partijen zich veel beter profileren, als ze daarvoor zouden kiezen."

Omgekeerd geldt: als de politieke partijen na de verkiezingen besluiten een heel brede middencoalitie te vormen, dan moeten ze niet gek opkijken als PVV en SP, de partijen aan de flanken, daarna opnieuw gaan groeien.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden