De chemie van een modderige knol

In het Groningse Westernieland ligt een berg suikerbieten te wachten op vervoer naar de suikerfabriek. Beeld Hollandse Hoogte / Hoogervorst

Deze week is het suikerquotum vervallen en mogen boeren net zo veel suikerbieten telen als zij willen. Dat biedt kansen voor een suikerbietenland als Nederland.

Nederlanders die door het oosten van de provincie Noord-Brabant rijden beginnen in de auto vaak te snuffelen. Gatver, mest. Honderd jaar geleden trokken de trein- en autoreizigers die door het westen van Brabant reden ook geregeld een vies gezicht vanwege een rare, weeïge geur.

Die geur is voor bewoners van Stampersgat nog altijd te ruiken, al is het door allerlei zuiveringen veel minder sterk dan begin vorige eeuw. De bron is de nabijgelegen suikerfabriek. Begin vorige eeuw stonden er in West-Brabant alleen al 21 suikerfabrieken. De andere twaalf lagen verspreid over de rest van Nederland.

Nu zijn er nog twee over. De fabriek bij Stampersgat en een fabriek in het Groningse Hoogkerk. Natuurlijk maken ze nog suikerklontjes en zakken basterd- en kristalsuiker. Maar suikerbieten hebben meer te bieden. Zij kunnen aardolie vervangen in plastic en leveren een stof die ervoor zorgt dat na het eten van een stuk taart het suikergehalte in het bloed minder sterk piekt.

Kansen

Jacco van Haveren doet onderzoek aan de Wageningen University and Research naar chemische producten die zijn gemaakt van biologische stoffen. Hij zegt zelfs dat 'in potentie alles is te maken met suiker'. Deze week viel een belangrijke horde weg toen het suikerquotum na bijna 50 jaar verviel. Akkerbouwers mogen zoveel suikerbieten telen als zij willen. De verwachting is dat na het quotum de suikerproductie in Nederland met ongeveer 20 procent toeneemt. Meer aanbod, een lagere suikerprijs, dat biedt kansen. Ook al omdat de chemische industrie niet langer met consumenten hoeft te concurreren.

Dat is een gevoelige kwestie in de voedsel versus niet-voedseldiscussie, zegt Van Haveren. Het klinkt merkwaardig, want waarom zou iemand tegen het gebruik van suiker zijn in de chemische industrie? Het zorgt er immers voor dat producten niet langer met aardolie worden gemaakt, maar 'bio-based' en hernieuwbaar zijn, zoals honderd jaar geleden toen alle materialen waren gemaakt op basis van biomassa", zegt Van Haveren. "Katoen, maar ook lijnolie. Dat veranderde door de aardolie die goedkopere producten opleverde."

De weerstand tegen suikers in niet-voedingsmiddelen komt door de biobrandstoffen. Er zijn flink wat hectares akkerland nodig om voldoende biobrandstoffen te produceren. Dat is niet groen, zeggen tegenstanders. Van Haveren werpt tegen: "Het gaat hier niet om biobrandstoffen, maar om kleinschaliger gebruik van suiker. Bovendien gebruikt de Nederlandse industrie vooral restproducten, zoals bietenpulp."

Dat gebeurt ook in de fabrieken van Suiker Unie, dat onder de coöperatie Cosun valt. Om de nieuwe kansen voor suiker te pakken, opende Cosun vorige maand een innovatiecentrum, naast de suikerfabriek bij Stampersgat. Gert de Raaff is er directeur 'new business and innovation'. Vanuit het centrum ziet hij de ene na de andere afgeladen vrachtwagen de fabriekspoort passeren. "Gemiddeld elke twee minuten een," zegt De Raaff. Twee weken geleden is het seizoen, of de campagne zoals bietentelers zeggen, begonnen. Tot januari blijft de schoorsteen roken.

Blauwe bolletjes

In het nieuwe innovatiecentrum is daarvan niets te merken. Daar ruikt het soms nog naar verf of naar versgebakken cupcakes. Want innoveren is ook bakken met suikervervangers.

Wat er allemaal mogelijk is met de bieten is te zien in de hal van het centrum. In een vitrine liggen een brok chocolade, een potje wasmiddel met blauwe bolletjes en blokjes Lego.

De Raaff pakt de chocolade, ruikt er even aan en vertelt over arabinose, een stof die wordt gewonnen uit bietenpulp en ervoor zorgt dat de opname van suikers in het lichaam vertraagt. "Als je chocolade eet", zegt hij, "schiet het suikergehalte in je bloed omhoog waarna het ook snel weer daalt. Dat is het piekeffect. Met arabinose wordt de suiker minder snel opgenomen en minder snel afgebroken. Dat is gezonder en ook voor sporters gunstig. De voedingsindustrie heeft al belangstelling getoond voor deze ontwikkeling."

In de pulp uit de bieten zit cellulose, een bouwsteen voor onder meer lijm en verf. Cosun werkt al samen met AkzoNobel om de mogelijkheden te onderzoeken. Cellulose is ook handig voor wasmiddelen. De Raaff pakt het potje roze wasmiddel waarin blauwe bolletjes zweven. "Wasmiddelfabrikanten hebben dat graag, die zwevende bolletjes. De bolletjes zorgen ervoor dat je kleren fris ruiken."

Maar de bolletjes moeten natuurlijk wel gelijkmatig over de kleding worden verspreid. Vandaar dat ze niet allemaal op de bodem moeten liggen, maar overal in de vloeistof blijven hangen. Tegelijkertijd mag de vloeistof niet te stroperig worden. "Je kent die flessen met doorzichtige sladressing wel, waar allerlei dingetjes in drijven", zegt De Raaff. "Dat doen ze met xanthaan. Probleem daarbij is dat de vloeistof lobbig wordt. Voor dressing over de sla is dat geen probleem, maar in een wasmiddel kan dat niet. Dat moet makkelijk kunnen stromen." Dat kan dankzij de bietenpulp. De Raaff zegt al in gesprek te zijn met potentiële klanten die het zweefmiddel willen gebruiken. Namen wil hij nog niet noemen.

Dan het potje met de blokjes Lego. "Nee, we maken geen Legoblokken. De blokjes staan voor chemische bouwstenen die uit bietenpulp kunnen worden gewonnen. Een voorbeeld? Denk aan moleculen om een stof te maken die schoon wast. De essentie van een wasactieve stof is dat zij vet kan oplossen. Dat soort bouwstenen kun je ook gebruiken in cosmetica."

Jacco van Haveren noemt bio-ethanol als bekende toepassing. "Je kunt dat gebruiken als biobrandstof of je maakt er bio-ethyleen van. Daar maak je dan weer polyethyleen van. In Brazilië is dat al commercieel. Als in Europa de suiker goedkoop genoeg wordt, zal dat in principe ook hier kunnen. Dan kunnen we veel van de huidige chemicaliën biobased maken. Uit suiker kan je ook zuren maken die de grondstof zijn voor verpakkingsmaterialen als een nieuw soort petfles. Die fles heeft betere eigenschappen. Zij houdt bijvoorbeeld de prik langer vast. Daar streef je naar. Iets fossiels vervangen door biobased dat ook nog eens betere eigenschappen heeft." Hij ziet dat grote merken als Coca Cola, Ikea, Pepsi over willen op bio-based. "Als je het hebt over verpakkingsmaterialen, dan heb je het over echt grote ontwikkelingen. Een derde van alle plastics wordt gebruikt als verpakkingsmateriaal."

Natte grond

Er kan dus heel wat, met de modderige knol. Hij is nog sterk ook. "Als het drie dagen regent", zegt De Raaff, "kijkt een suikerbietenboer naar buiten en denkt: mwoh, ben benieuwd of het morgen weer regent. Voor zijn aardappelen wordt die boer dan al bezorgd. Te veel water betekent kans op rottende aardappelen. De bieten hebben daar geen last van. Daarom is het gewas ook zo geschikt voor het Nederlandse klimaat. Duitsland is ook goed, net als Noord-Frankrijk. In Zuid-Europa telen akkerbouwers ook suikerbieten, maar op de droge grond is de opbrengst veel lager."

Wat niet meewerkt bij de omslag van olie naar suikerbiet is de lage olieprijs. Bij een olieprijs van 120 dollar is het makkelijker om alternatieve producten in de markt te zetten dan bij een olieprijs van 50 dollar per vat. Toch zetten bedrijven door. "Duurzaamheid is een belangrijke kwestie geworden", zegt de Wageningse onderzoeker Van Haveren. "Bedrijven willen voldoen aan hun eigen duurzaamheidcriteria. Daarmee bedoelen ze de CO2-uitstoot beperken. Dat is belangrijk voor hun marketing en daarmee hun marktaandeel." Dat merkt ook Cosun-directielid De Raaff, al moet de biobased-variant wel net zo goed zijn als de fossiele variant en mag het niet duurder zijn. "Als wij bij een wasmiddelenfabrikant komen, is hun eerste vraag: is het hernieuwbaar? Heb je geen hernieuwbaar product, dan begin je op achterstand. Maar is het product niet goed genoeg, dan is er geen belangstelling."

Het is overigens een misverstand dat alle biobased-producten per definitie makkelijk afbreekbaar zijn. Of polyethyleen nu van suiker of aardolie wordt gemaakt, het blijft polyethyleen dat nauwelijks biologisch afbreekbaar is.

Polyethyleen zit onder meer in de viltstift die De Raaff vasthoudt. "Je kunt dit ook maken met polyethyleen uit suikers, maar dat is twee keer zo duur. Het is veel logischer om polyethyleen uit olie te maken. Dat is goedkoop."

Of de bietenindustrie er een gouden kans bijkrijgt, ligt ook aan de overheid. Die kan de overgang naar meer biobased-producten stimuleren door middel van subsidies. Maar de overheid moet snel succes boeken om aan het klimaatakkoord van Parijs te voldoen. "Grofweg 80 procent van onze fossiele brandstoffen gaat naar energie, 20 procent naar materialen", zegt De Raaff. "Wat doen overheden? Die richten zich op de 80 procent. Zou ik ook doen als ik daar zat. Bijstoken van hout in energiecentrales, daar kan je van alles over vinden, het is wel de makkelijkste manier om van fossiel af te komen. In 2050 kan het best lukken om meer dan de helft van de energie duurzaam op te wekken. Maar de chemie is weerbarstiger." Ook Van Haveren is voorzichtig. "Het gaat langzaam", zegt hij. Maar hij verwacht wel dat suikerbieten nog flink terrein kunnen winnen.

Van suikerbiet tot suiker

Elk jaar halen Nederlandse boeren bijna 7 miljard kilo suikerbieten van het land. 17 procent van de bieten bestaat uit suiker, 15 procent uit perspulp, of bietenpulp. In totaal leveren de bieten meer dan een miljard kilo suiker op. In de fabriek worden de bieten gewassen, in dunne repen gesneden en in warm water gelegd. De suiker lost op in het warme water dat wordt gefilterd en ingekookt tot diksap. Deze stroop gaat door een centrifuge waarna kristalsuiker overblijft.

De suikerproductie in Nederland zal met zo'n 20 procent groeien

De suikerbietencoöperatie

Cosun is een coöperatie waarbij 9000 suikerbietentelers zijn aangesloten. Suiker Unie, een van de grootste Europese suikerbedrijven, is deel van Cosun, net als Aviko, de op één na grootste aardappelverwerker van Europa. De omzet bedraagt jaarlijks ongeveer 2 miljard euro. Cosun is opgericht in 1899 door suikerboeren die zagen hoe suikerfabrieken flink aan de bieten verdienden terwijl zij zelf achterbleven met een grijpstuiver.

Een vloedgolf van Suiker

Op 1 oktober is het suikerquotum vervallen. Dat is in 1968 ingesteld door de Europese Commissie, een tijd waarin er nog productiesubsidies waren om er zeker van te zijn dat er voldoende voedsel werd verbouwd. Om de productie niet uit de hand te laten lopen, voerde Europa tegelijkertijd ook quota in. Tegenstanders zijn bang dat de Europese markt nu wordt overspoeld met goedkope suiker. Staatsecretaris Martijn van Dam van landbouw deelt die zorgen niet. Suikerbieten zijn vergelijkbaar met aardappelen, wortelen en sperziebonen, zei hij, en daarvoor gelden ook geen quota.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden