De chemie snakt naar snelle innovaties

Het moet allemaal veel sneller in de sector waar jaarlijks 51 miljard euro in omgaat, die 50.000 Nederlanders werk biedt en indirect een half miljoen banen schept. Nog altijd kan de chemische industrie mooie cijfers overleggen, maar het tempo van innovaties moet omhoog, vindt de Vereniging Nederlandse Chemische Industrie. Drie ondernemingen in de chemiesector vertellen over hun innovaties, motivaties en hun grootste uitdagingen.

Geen hightech, maar lowtech, dat is de richting waar startup E-Stone Batteries het in zoekt. "Dan houd je het goedkoop" zegt Vera Bachrach, een van de initiatiefnemers. "Als de trend van meer zonne- en windenergie doorzet, hebben we meer opslagcapaciteit nodig. Het huidige netwerk is niet berekend op de pieken en dalen van zon en wind. Maar we vonden ook inspiratie in de wereld zonder energienetwerk, het Afrikaanse platteland dat het nu nog moet doen met slechte, giftige accu's."

De meeste batterijen worden gemaakt van grondstoffen die veel behandelingen nodig hebben. E-Stone ontwikkelt batterijen die juist weinig bewerking vergen en het milieu sparen. "We zijn uitgekomen bij de batterij die ooit is uitgevonden door Thomas Edison. Die is modulair. Dat betekent dat je meerdere accu's kunt gebruiken om energie op te slaan. Als je zonnepanelen op je huis hebt, en je wilt alle energie zelf gebruiken, ook 's nachts, dan zet je in de kelder een batterij neer van het formaat koelkast." Nu werkt E-Stone nog met 'kleine pilletjes' van tien milli-ampère per uur. Dat moeten over een halfjaar elektrodes worden van tien ampère per uur. Dat 'opschalen' ziet Bachrach als de grootste uitdaging. Als dat lukt, moet het niet lastig zijn om investeerders te vinden, denkt ze.

Pectcof, voedingsstoffen maken van plantageafval Rudi Dieleman

In zijn vaderland Colombia zag Andres Belalcazar langs de straten grote hoeveelheden pulp van koffiebessen liggen; afval van de koffieplantages. Daar is iets mee te doen, bedacht hij tijdens zijn studie aan de universiteit van Wageningen.

Dat 'iets' werd pectine, een stof die wordt gebruikt in mayonaise, sauzen en yoghurt om olie en water met elkaar te verbinden. Student Rudi Dieleman hoorde Belalcazar tijdens een van de lessen praten over zijn idee en dacht: "Dat is een killer van business case. Je doet iets met afval en maakt er een waardevol product van. Toen hebben we samen de bv Pectcof opgezet."

Pectcof wil de techniek voor bioraffinage verkopen aan grote ondernemingen die momenteel pectine winnen uit appel- en citrusschillen. "Dan moeten we eerst opschalen, laten zien dat we niet alleen in ons laboratorium pectine uit de pulp kunnen winnen. We werken nu met porties van maximaal tien kilo. De uitdaging is om het ook te doen met hoeveelheden van een ton. We zoeken investeerders om die stap te kunnen maken."

Voedingsstoffen winnen uit het afval van koffiebessen, het idee ligt zo voor de hand, dat het in de jaren zeventig en tachtig ook al is geprobeerd. "Toen lukte het niet, omdat onderzoekers niet de inzichten hadden die wij nu hebben."

E-Stone Batteries, terug naar Edison Vera Bachrach

N-sensor, overal precies de juiste dosis kunstmest Gijsbrecht Gunter

"Ons product wordt wereldwijd verkocht. Raad eens hoeveel wij er in Nederland hebben verkocht", vraagt Gijsbrecht Gunter, manager bij Yara Sluiskil. "Nul."

Yara is een Noorse producent van kunstmest. Het bedrijf heeft een morele drijfveer achter zijn innovatieplannen, zegt Gunter. "Tegengaan van klimaatverandering, zuinig omgaan met water en de juiste typen meststoffen gebruiken, dat zijn onze drie pijlers. In 2015 zijn er negen miljard monden te voeden, we moeten dus efficiënter omgaan met onze landbouwgebieden."

Het product dat uit die pijlers tevoorschijn kwam, is de N-sensor; een witte balk die dwars op een tractor wordt geplaatst. "De sensor meet de stikstofbehoefte op het veld en stuurt de gegevens naar de kunstmeststrooier achter de trekker. Zo komt op elk plekje precies de juiste hoeveelheid kunstmest terecht. Dat zorgt voor sterke gewassen en een opbrengst die tien tot twintig procent hoger ligt, terwijl je een tiende tot een vijfde minder kunstmest gebruikt."

Waarom wil de Nederlandse boer daar niet aan? "Het is moeilijk om tot de Nederlandse boer door te dringen", zegt Gunter, die zelf ook een boerenachtergrond heeft. "Terwijl dit echt een meerwaarde is, zeker voor Nederlandse boeren met hun strenge mesteisen."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden