De charme van een miskende metropool

Madrid is net een grote grabbelton. Als je je hier verveelt, in de Villa y Corte, dan verveel je je overal.

Naar Madrid kun je het hele jaar door. Wie de stad in de winter bezoekt, moet de weerberichten in de gaten houden. Als de eerste sneeuw valt, trekken de Madrilenen eropuit om de hellingen van de nabijgelegen Sierra Guadarrama onveilig te maken. Informatie op www.destination360.com/europe/spain/skiing

Edificio Metrópolis, Op de hoek van Calle de Alcala en Gran Vía, is een van de bekendste gebouwen van Madrid.

Aan het eind van het voetgangerstunneltje trompettert iemand die ik niet zie La vie en rose. Ik ben een maand in Madrid en heb mijn hardloopkleren meegenomen of, in mijn geval, eerder sjokkleren. Het weerbericht heeft hitte voorspeld (veertig graden!), dus hoe eerder ik mijn rondje in het Retiropark gedaan heb, hoe beter. Bovendien is Madrids oudste groene long de mooiste atletiekbaan die je je maar kunt voorstellen: overal lommerrijke laantjes, een reusachtige vijver (waar het Spaanse hof eeuwen geleden nog spiegelgevechten hield), een muziekkoepel waar 's zondags steeds een andere brassband of harmonie operetteachtige zarzuela speelt, terwijl bedaagde dames zichzelf met een waaier koelte toewuiven. En waar jonge ouders, hun blote voeten in het gras geplant, op hun tablet de krant doornemen of met hun kinderen dollen. Een zondagochtend in het Retiropark is zonder meer een van de geneugten die la Villa y Corte, zoals de hofstad Madrid al weer zo'n beetje 450 jaar heet, te bieden heeft.

Maar Madrid is blijkbaar niet zo'n vanzelfsprekende reisbestemming, gelet op de reacties in mijn omgeving. Zeg 'Barcelona' en je hoort: OOOOOH! Zeg 'Madrid' en je hoort: Oh? De Spaanse hoofdstad heeft blijkbaar een imagoprobleem en dat is misschien de reden dat Madrids progressieve burgemeester Manuela Carmena pijlsnel een luchtballonnetje van haar wethouder financiën om toeristenbelasting in te voeren uit de lucht schoot. "Niet aan de orde, we zijn Barcelona niet." Waarom eigenlijk niet?

Misschien is Madrid wel een stad voor wat Britten zo mooi an acquired taste noemen, iets voor fijnproevers. De eerste keer dat ik er kwam, lichtjaren geleden, vond ik het er druk, rommelig, benauwd. De Gran Via, de meer dan honderd jaar oude hoofdverkeersader in het centrum, met zijn theaters, bioscopen, winkels en eetgelegenheden, was eigenlijk een kwelling. Nu moet ik minimaal een keer de Gran Via 'gedaan' hebben, anders is een bezoek aan Madrid niet compleet. Bijvoorbeeld om mijn schoenen te laten poetsen door don Fernando. Ik ben redelijk netjes, maar aan schoenen poetsen heb ik een broertje dood. Dan is iemand als don Fernando een uitkomst. Hij is een limpiabotas, kortweg limpia, en heeft zijn vaste stek bij een filiaal van H&M. Je hoeft niet bang te zijn om afgezet te worden, want don Fernando hanteert een duidelijke prijslijst: schoenen 3,50 euro, laarzen 5 euro, witte schoenen 7 euro. En hij is een meester. Zelden heb ik zulke mooie schoenen gehad. Bovendien kun je tijdens het poetsen de voorbijgangers bekijken en erop los fantaseren, want don Fernando zegt weinig. Hij bromt af en toe iets tegen kennissen die een praatje komen maken. Op het shirt van een van hen lees ik 'legioen'. Ik vermoed dat don Fernando zo goed schoenen heeft leren poetsen in het Spaanse Vreemdelingenlegioen. Zelf heb je trouwens ook veel bekijks; je wordt zelfs gekiekt.

Met blank gepoetst leer gaat het daarna voor een borreltje naar het restaurant van warenhuis El Corte Inglés, iets verderop. Vanaf het dakterras heb je een weergaloos uitzicht over de oude stad en de Gran Via, die in niets onderdoet voor een New Yorkse avenue. Hier zie je pas dat je eigenlijk de hele tijd naar boven moet kijken, want elk monumentaal gebouw dat de Gran Via omzoomt, is bekroond met een beeld, soms in strakke art deco, dan weer in de pompeuze stijl van het fin de siècle, maar altijd imposant. Alleen kun je dat bekijken beter wel doen vanaf een veilige plek, want het verkeer kan er, letterlijk, moordend zijn.

Zijn de dagen in Madrid al lang, de avonden en nachten zijn eindeloos. Als je je in deze stad verveelt, verveel je je overal. Zomaar een greep uit het aanbod van een willekeurige week, en dan heb ik het nog niet eens over de vaste collectie van de grote musea als het Prado, de vele kerken en kloosters, de mogelijkheden om te shoppen en te stappen: een fadofestival, Duitse, Franse en Joods/Israëlische filmweken, popconcerten, erotisch getinte kunst van de Mochica uit het pre-Columbiaanse Peru, Porgy and Bess in het koninklijk theater, de gay pride en het traditionele promotiefeestje van de winkels in en om de Calle Juan Jorge, in de luxe woonwijk Barrio Salamanca. Hier komen de young and beautiful om te zien en gezien te worden, maar je mag ook van de sfeer genieten als je al wat rijper bent en het mooie er wel zo'n beetje af is.

Hier wordt ook gelogenstraft dat netjes in de rij staan iets puur Brits is, de Spanjaarden, of in elk geval de Madrilenen, kunnen er ook wat van. Zeker als het wachten beloond wordt met een gratis, vers gemixte gin-tonic. Als ik eindelijk aan de beurt ben, jongleert de gesoigneerde, jonge barman met zijn maatbekertje en flessen alsof ik die avond de eerste klant ben. Ik vraag hem waarom hij de tonic via de bolle kant van een lepel met lange steel in het glas laat lopen. "Dan gaan de bubbels niet zo snel kapot." Stomme vraag, eigenlijk, klinkt logisch. "Nee hoor, helemaal niet stom. Wie niet vraagt, wordt niet slimmer", klinkt het.

Gesterkt door deze levenswijsheid en met een kleine emmer gin-tonic in de hand begin ik aan wat een lange nacht belooft te worden. Er zijn blijkbaar weinig toeristen hier, want ik hoor eigenlijk alleen maar Spaans om me heen. Dat ken ik van Barcelona wel anders. Is dat erg? Nee, wat mij betreft niet. Misschien moet Madrid dat imagoprobleem maar koesteren. Dan kan die straatmuzikant in het Retiro terecht La vie en rose blijven spelen.

Het Koninklijk Paleis.

Palacio de Cristal in Buen Retiropark.

Treinstation Atocha.

Warme chocolade met churros

Er zijn twee dingen die je in Madrid gegeten moet hebben, omdat ze deel uitmaken van de culinaire traditie van de stad: chocolate con churros en een bocadillo de calamares. Voor warme chocola met churros is een aangewezen adres Chocolatería San Ginés, sinds 1894 in de Pasadizo San Ginés. Zeker aan te bevelen als je een nacht hebt doorgezakt. Je komt weer bij je positieven. chocolateriasangines.com Een broodje calamares kun je overal krijgen, maar probeer eens La Campana of La Ideal, allebei in de Calle Botoneras, achter de Plaza Mayor. calamareslacampana.com

Ga je in Barcelona naar Camp Nou, het stadion van FC Barcelona, in Madrid kun je niet om dat van Real Madrid heen: Bernabéu. Een toer bevat onder andere een kijkje in het stadion, fotomontages en de 'beste club in de geschiedenis'-kamer. Informatie in het Engels op

realmadrid.com/en/santiago-bernabeu-stadium

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden