De boer moet vernieuwen

De vele miljarden die Brussel jaarlijks besteedt aan landbouwsubsidies moeten worden besteed aan innovatie, bepleit landbouwveteraan Gerrit Meester.

INTERVIEW | JELLE BRANDSMA

In de landbouwpolitiek is Gerrit Meester een veteraan. Als topambtenaar op het ministerie van landbouw ging hij in de jaren tachtig en negentig al met de ministers Braks en Bukman naar Brussel. Gisteren bracht hij met de Raden voor de leefomgeving en infrastructuur (RLI), waarvan hij vooraanstaand lid is, advies uit over het Europees landbouwbeleid. Gebruik het geld uit Brussel voor vernieuwing van de landbouw, zegt hij. Boeren moeten meer aandacht hebben voor wat de burger wil: op een duurzame manier voedsel produceren.

Gerrit Meester somt de problemen en kansen op: "De veehouderij zit met te veel kooldioxide, er is te veel mest, dierenwelzijn krijgt nog te weinig aandacht, stallen moeten beter in het landschap passen, we kunnen meer gebruik maken van de natuurlijke bodemvruchtbaarheid om biodiversiteit te stimuleren, boeren kunnen via biovergisting en zonnecellen meer energie produceren, dierziekten kun je misschien meer terugdringen, monocultuur heeft risico's en we zoeken naar een manier om nog sneller te traceren welk product waar in de keten is geproduceerd. Zet Europees geld in om een paar van deze uitdagingen goed aan te pakken."

Aanleiding voor het advies is de komende hervorming van het Europese landbouwbeleid. Boeren krijgen nu inkomenssteun per hectare aan de hand van in het verleden geproduceerde producten. Met gemiddeld 450 euro per hectare komt er jaarlijks ongeveer een miljard euro binnen bij de Nederlandse land- en tuinbouw.

"De manier waarop het nu gaat, is natuurlijk heel erg scheef", meent Meester. "Toen dit Brusselse compromis ontstond in 2003 zei toenmalig minister Veerman al dat je op den duur geen subsidie kunt geven op basis van wat een boer meer dan twintig jaar geleden produceerde. Je kunt gaan herverdelen, zodat iedereen evenveel krijgt per hectare, maar dat lijkt mij geen goede oplossing, want dan krijgen sommige boeren geld terwijl zij het misschien niet nodig hebben."

Op den duur kan de landbouw zonder inkomenstoeslagen, maar in een overgangsfase moet het geld anders worden ingezet. De Raden voor de leefomgeving en infrastructuur adviseren staatssecretaris Bleker niet naar Brussel af te reizen om alleen maar het Nederlandse budget te verdedigen. Hij moet in de Europese Unie gaan ijveren voor vernieuwing van de landbouw. Als de problemen die de sector nu kenmerken worden aangepakt, ontstaat een 'duurzame, concurrerende en innovatieve landbouw'.

Meester erkent dat duurzaam een breed begrip is. "De criteria daarvoor zijn sterk in ontwikkeling. Maar in toenemende mate zien wij dat de overheid bedrijven geen regels meer oplegt maar bedrijven zelf stellen eisen aan hun producten en ontwikkelen daarvoor normen. Het is begonnen met hout dat aan het FSC-keurmerk moet voldoen en tegelijkertijd kwam de vis met het MSC-keurmerk. Waarom zou je geld dat nu nog naar de boeren gaat in de vorm van inkomenssteun niet aanwenden om te helpen normen voor de landbouw te ontwikkelen? Wij kunnen met het geld boeren helpen zich voor te bereiden op nieuwe eisen."

Volgens het advies heeft Nederland een 'moderne metropolitane landbouw' nodig. Meester: "Dat is een sector die opereert in verstedelijkt gebied, die de consument laat zien welke producten er worden gemaakt en hoe dat gebeurt. De burger kijkt mee en stelt eisen. Ons voorstel is om het geld dat nu nog wordt gebruikt als inkomenssteun in te zetten om een duwtje in de goede richting te geven. Bijvoorbeeld: boeren die duurzamer willen werken krijgen tijdens de omschakeling ondersteuning. Om deze overgang te maken kan financiële steun nuttig zijn en daarna kunnen deze ondernemers zelf verder."

Vernieuwing is niet eenvoudig, geeft Meester aan. Boeren (en banken) hebben veel geld geïnvesteerd en daarom gaat veranderen niet van de ene op de andere dag. Ook oplossingen voor problemen zijn vaak complex. "Wat wij straks niet meer doen, is lastig aan te geven. Wat ons betreft gaan boeren in ieder geval veel nauwkeuriger om met bestrijdingsmiddelen en kunstmest. Het gebruik van antibiotica moet fors omlaag. Veel meer dan in het verleden zal de landbouw rekening houden met de eisen die de samenleving aan producten en de wijze van produceren stelt.

"Als megastallen echt een probleem vormen zullen wij in kleinere eenheden moeten bouwen. In ieder geval zullen stallen op een fatsoenlijke manier ingepast moeten worden in het landschap. Huisvesting van dieren in kleinere groepen kan ook een oplossing zijn als concentratie van veel dieren in een klein gebied als een risico voor dierziekten wordt gezien.

"Als blijkt dat de gezondheid van de koe zwakker is geworden door de hogere melkproductie, moet daar iets aan gebeuren: de koe moet robuust zijn, ook al geeft zij daardoor minder melk. Al dit soort eisen kan de landbouw ontwikkelen, waarbij de eigen coöperaties overleggen met de voedingsindustrie, zoals Unilever, en de supermarkten."

Het kleine Nederland is na de Verenigde Staten de grootste exporteur van landbouwproducten ter wereld en Meester denkt dat export groeit, ook van duurzame producten en van kennis over productie. "In Europa neemt de vraag naar landbouwproducten af, door de vergrijzing. Tegelijkertijd groeit de behoefte aan kwalitatief beter voedsel. Daarmee kan de landbouw iets doen. Wereldwijd stijgt de vraag naar voedsel: de bevolking bestaat in 2020 uit 7,6 miljard mensen. De productie in Europa is sinds de jaren vijftig al enorm toegenomen. Nu loopt de sector hier en daar tegen grenzen aan. Daar moet een antwoord op komen, maar tegelijk is er nog heel veel efficiëntie te behalen. Nederland moet wat duurzaamheid betreft voorop lopen zodat wij, ook in vergelijking met Brazilië en China, een concurrerend product maken."

Over het advies dat de RLI gisteren gaf is uitgebreid gesproken in Brussel en Den Haag. Meester kent het internationale veld als geen ander. Behalve landbouwambtenaar in Den Haag was hij tot januari voorzitter van het landbouwcomité van de Oeso, de organisatie van rijke industrielanden. "Europees commissaris Ciolos is erg gecharmeerd van greening, vergroening van de landbouw", zegt hij. "De kans van slagen is groter als Nederland al laat zien hoe dat vorm gegeven kan worden. Dat doen wij nu te weinig. Daarom zeggen wij: wacht niet tot 2014. Je hebt volgend jaar als het er echt op aankomt een beter verhaal als je kunt laten zien wat er gebeurt. Want het zal met de nieuwe hervorming weer net zo gaan als altijd: op een nacht zitten de ministers bij elkaar en praten zij tot ze eruit zijn. Dan moet je er klaar voor zijn."

Halfslachtig Europees subsidiesysteem gaat op de schop
Brussel en landbouwsubsidie zijn bijna synoniem aan elkaar. Tot het begin van de jaren negentig waren er hoge heffingen op de invoer van producten en subsidies op de export van onder meer zuivel, vlees en graan. Deze aanpak was uiteraard bedoeld om de eigen Europese markt te beschermen. Die strategie is geleidelijk losgelaten. De Europese politiek zag in 2003 al dat een einde moest komen aan de aan producten gekoppelde steun, maar bedacht een nieuw halfslachtig systeem. Dat komt erop neer dat boeren inkomenssteun krijgen per hectare aan de hand van in het verleden geproduceerde goederen. Gemiddeld ontvingen de Nederlandse boeren de afgelopen jaren 450 euro per hectare. Dit bedrag verschilt heel erg per bedrijf, afhankelijk van de productie in het referentiejaar. Wie destijds bijvoorbeeld fabrieksaardappelen teelde zit goed, maar consumptieaardappelen en uien kenden geen steun en krijgen dat nu dus ook niet.

Het nieuwe Gemeenschappelijke Landbouwbeleid (GLB) moet er zijn in 2014. Europees Commissaris Ciolos van landbouw lijkt aan te koersen op een gelijke subsidie per hectare, voor alle bedrijven in een lidstaat of regio. Verder denkt hij aan een herverdeling van de steun tussen de lidstaten. Momenteel krijgen boeren in de nieuwe lidstaten gemiddeld een veel lagere steun dan hun collega's in de oude EU met vijftien lidstaten. Daarnaast lijkt de Roemeen landen (en regio's) meer vrijheid te willen geven. In het najaar komt hij met zijn voorstellen. Bijna de helft van de Europese begroting gaat nu naar de landbouw. Dat is dit jaar ongeveer 55 miljard euro.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden