'De Boekenrups' is een streling voor het oog

HAARLEM - 'Enkel in boeken bestaan ze soms, maar in de boeken staat zoooooveel doms!' Die wijze regels van Annie M. G. Schmidts versje 'De tijd van elfjes is voorbij' knaagden in mijn hoofd tijdens de premiere van 'De Boekenrups', een theaterdansprogramma voor kinderen vanaf 6 jaar, zondag in de Haarlemse Toneelschuur.

EVA VAN SCHAIK

Het komt mij voor dat toch ook Matthias Mohr die voor idee, choreografie en toneelbeeld van deze voorstelling tekent, dit bekende versje moet kennen, al laat hij zijn danstheater over Professor Peerenboom (Matthijs Wils), de Boekengeest (Mohr zelf) en Rita de Rups (Marielle Vester) niet door teksten van Schmidt maar van Flora Kleijnjan opluisteren. Zijn idee lijkt zo simpel, misschien wel te simpel voor lagere scholieren van de derde tot zesde groep.

Professor Peereboom is een echte lettervreter, omdat hij alles wil kennen. En daarmee is hij de menselijke tegenvoeter van het uit de letter O geboren rupsje Rita dat zich zo vol vreet met letters, dat haar cocon barst en zij als vlinder de boeken achter zich kan laten. Dat je verstand toch stil staat bij het zien van een vlinder of bij de vraag waarom je wil zoenen, wil er bij de professor niet in. Met drie opengeslagen boeken op zijn schoot en zijn kamerjas volgepropt met boekjes is hij in slaap gevallen op zijn schommelstoel.

De komst van Rita de Rups doet een mannetje in een fraaie jas van bedrukte bladzijden uit de stapel enorme boeken stappen. De kwelgeest bestookt de professor in een duet, waarbij de boeken schaatsen worden, de schommelstoel in een stier verandert en de letters als pepernoten rondvliegen. Onderwijl eet het rupsje onverstoorbaar door, als het koekiemonster de boeken verslindend. Wanneer zij zich onder applaus uit haar cocon wurmt en wegfladdert op haar gouden vleugels, hebben zowel de Boekengeest als de Professor het nakijken, want: "Ik heb nu vleugels, ik ben vrij, al die boeken zijn niets meer voor mij." En kijk, ook uit het volgende boek dat Professor Peerenboom opslaat, fladdert een prachtig vlindertje.

Tweeling

Dat dit heus niet zo simpel is, maakt Joanne, mijn zevenjarige dochter mij duidelijk. Met ontnuchterende logica slaat zij de beoogde poetische verbeeldingskracht aan diggelen: "Het is wel mooi, maar waarom doen ze steeds hetzelfde? Wat is nou het verschil tussen die man in het rood en die in het wit. Ze zijn net een tweeling, ze hebben ook allebei grijs haar." En daarmee haalt dochter de woorden uit moeders mond. Bovendien haalt ze de stelling onderuit die deze week tijdens het jeugddansfestival in Arnhem door deskundigen werd verdedigd, namelijk dat kinderen hun oordeel wel kunnen geven, maar niet kunnen funderen.

'De Boekenrups' is een streling voor het oog, en de vormgeving van de vanzelf open- en dichtklappende boeken, de uitdijende rups en ook de schommelstoel van professor Peerenboom getuigen van grote zorg, smaak en kinderliefde. Maar daarmee is nog geen danstheater gemaakt dat kinderen over het mysterie laat nadenken, waarvoor Annie M. G. Schmidt slechts twee regeltjes nodig had. Hoewel een buiteling over elkaars rug Joanne zeker bekoort, doen de knullige dansjes van Matthias en Matthijs haar al snel vragen of er nog wat anders gebeuren zal. Van enige karakterisering of een onverwachte wending in de dans is geen sprake. Niet ten onrechte fluistert zij in mijn oor: "Waarover gaat het nou eigenlijk? Wie van de twee wint het? Begrijp je wat ik bedoel? Nou ja, laat maar, dat zal wel niet de bedoeling zijn."

Na afloop rent zij met andere leeftijdgenoten op de boeken af, om in het zwarte gat daaronder de fascinerende schuifjes, knopjes en lampjes te doorgronden. En de vlinder dan?, vraag ik nog. "Ja zeg, die is weggevlogen. Zo eindigen toch alle boekjes over rupsen." Daar is geen speld tussen te krijgen. 'Ran plan, flindere flan, Niemand weet er het fijne van . . . niemand.' Zo bevestigt de voorleesmoeder des vaderlands mij die avond, met het refrein waarop ook Joanne die zondagnacht infladderde. Morgen weer naar school. Boek kan ze al lezen. Buik nog niet.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden