Opinie

De Bloeiende Maagden worden persoonlijk

UTRECHT - Eind 1996 debuteerde het trio De Bloeiende Maagden met een cabaretprogramma dat erg goed viel bij het jonge publiek. Uitdagend en energiek schakelden de meiden van de ene naar de andere sketch. Het was prikkelend en hilarisch wat ze toonden, maar het beklijfde nauwelijks. Als ze zich blootgaven, was het alleen letterlijk, hoeveel serieuzer en intenser ze het ook bedoelden. Twee jaar later is het trio een duo en het heeft de bakens verzet. “Ons eerste programma was een compromis van drie mensen die zich aanpasten aan elkaar en aan de keuze dat het cabaret moest zijn. Dat doen we niet meer.”

Deze zomer Ingrid Wender in 'Geloof, hoop en andere ongemakken' van Anke Boerstra gezien. Die toneelproductie maakte grote indruk, vooral door Wenders kwetsbare rol in een lange monoloog die ze hiervoor zelf schreef. Wat een contrast met het spel in 'Muts', het officiële debuut van De Bloeiende Maagden. Een maand later was er een uitprobeervoorstelling van de opvolger van 'Muts'. Ook die voorstelling, 'Bloed en Bier' getiteld, is toneelmatig en persoonlijk en nauwelijks te vergelijken met de cabareteske eersteling.

Ingrid Wender: “Aan ons debuut zag je dat nog niet af, maar als De Bloeiende Maagden zijn wij veel meer verwant met een theatergroep als Mug Met De Gouden Tand en met theatermakers als Hans Teeuwen en Theo Maassen, die je ook niet eert door hen cabaretier te noemen. Ook al laat het cabaret zich tegenwoordig moeilijk onder een noemer vangen, je kunt stellen dat daarin engagement bestaat door het van een veilige afstand beschouwen van de maatschappij. Wij kiezen niet voor moralisme, maar voor een veel persoonlijker aanpak. 'Social reality' noemt men dat. Wij pogen via onze personages het individuele leed, de pijn van het bestaan te tonen. Dat was de intentie van de toneelproductie die je zag, maar ook van De Bloeiende Maagden.”

Volgens Minou Bosua, de andere helft van het duo, kozen ze in 'Muts' ook al voor die stijl, maar kwamen hun bedoelingen toen absoluut niet over. “Mensen vonden ons programma mooi, zeiden ze, maar als je dan vroeg waarom, kwam men veelal niet verder dan de waardering dat het 'leuk' en 'grappig' was. Nu zijn we zo ver dat we daarmee geen genoegen meer nemen. Het eerste programma was duidelijk een compromis van drie speelsters was. Anemoon, die de groep nu verliet, is veel meer een cabaretière en houdt van liedjes en conferences.”

Ingrid Wender (29 jaar) en Minou Bosua (28 jaar) raakten in hun eerste jaar van de theateropleiding in Eindhoven bevriend. Samen met Minou's latere studiegenote Annemoon Langenhoff besloten ze in 1992 als gezamenlijk stageproject een trio te vormen. In november van dat jaar meldden ze zich als De Bloeiende Maagden aan voor cabaretfestival Cameretten: want als hun studiegenoten Theo Maassen (in 1990) en Hans Teeuwen (in 1991) dat festival konden winnen, dan. . .

De jury was zeer verdeeld over 'Har Du en Loessa Kofta Hemma' - Scandinavisch voor 'Heb je thuis een trui' - en het trio haalde de finale dan ook niet. Wel kregen ze vanaf dat moment veel aanbiedingen voor optredens in jongerencentra. Als dat succes aanhoudt, besluiten ze professioneel verder te gaan. Op het Leids Cabaretfestival van begin 1995 halen ze wel de finale, maar opnieuw blijkt de jury te verdeeld. Het publiek daarentegen kent 'De afrekening' de publieksprijs toe. Vanaf dat moment wordt gewerkt aan het eerste avondvullende programma, dat eind 1996 als 'Muts' in première gaat.

Stond in de elkaar snel opvolgende losse scènes van 'Muts' de kracht en zwakte van het individu in verhouding tot de maatschappij centraal, in 'Bloed en bier' gaat het juist over relaties tussen mensen. Het stuk speelt zich af op een modderige camping, het summum van beproeving van de intermenselijke verhoudingen. Zeer geraffineerd en met knappe spelvondsten zetten Bosua en Wender steeds twee personages tegenover elkaar, zoals moeder-dochter, vrienden, pril-verliefden en lang-gehuwden - de laatsten in een fragment van Pinter, dat het spel der misverstanden indrukwekkend verbeeldt. Uitgangspunt: de mens wil bij iemand horen, maar waarom eigenlijk? Daarop wordt eindeloos gevarieerd.

Het blijft natuurlijk de vraag of het publiek tussen alle koddigheid die diepere bedoeling deze keer wel oppikt. Ingrid Wender: “Dit programma kwam moeizaam tot stand. In onze privé-levens zijn wij enorm aan het tobben met vragen en onzekerheden ten aanzien van de liefde. Het is ingewikkeld je eigen worsteling speelbaar te maken. Zo wilden we aanvankelijk al onze opvattingen kwijt over hoe moeilijk het is om samen met iemand te zijn, om je leven met iemand te delen. Later hebben we keuzes gemaakt in de personages die we neerzetten. Ik kan me niet voorstellen dat hun zeggingskracht de mensen ontgaat.” Minou Bosua: “Het is zo'n wereld van verschil. Bij 'Muts' moesten we met elkaar en onze regisseur in de slag om te bewerkstellen dat we zoveel mogelijk van onszelf in de voorstelling kwijt konden. Nu hebben we het probleem dat de thematiek zo dichtbij staat en zo persoonlijk is, dat het programma geldt als een pijnlijke confrontatie met onszelf. Voor het publiek valt er natuurlijk nog genoeg te lachen. Het zou me dan ook verbazen als het cabaretpubliek dat gecharmeerd was van onze vorige productie, deze voorstelling minder waardeert.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden