De berg reisgidsen wordt almaar hoger

Ik ga op reis en ik neem mee... Een reisgids! Maar welke?

Wie argeloos een boekhandel binnenstapt, op zoek naar een reisgids over, bijvoorbeeld, Toscane, raakt tien tegen één het spoor bijster. Een goed gesorteerde reisboekenafdeling heeft dan al gauw zo'n twintig verschillende gidsen op de plank staan.

Eerder waren het de kookboeken die de markt overspoelden en vervolgens massaal bij De Slegte belandden. Maar een kookboek veroudert niet zo snel. Een reisgids daarentegen moet eigenlijk elk jaar - maar zeker elke twee jaar in de revisie. Kloppen de feiten nog, het plattegrondje van de stad, het adres van het toeristenbureau, de openingstijden van het museum, rijdt bus 26 nog, en nog steeds van A naar B? Een reisgids van Sevilla die ruim een jaar na de Olympische Spelen aldaar niet meldt dat er een nieuw station gebouwd is - een spectaculair bouwwerk nog wel - op een heel andere plaats dan het oude, valt door de mand. Pech voor de reisgids maar vooral voor de reiziger. Zoekend met een rugzak op in een vreemde stad met een reisgids die niet klopt: wat een ellende.

Ook jammer: op pad zijn met een gids die allemaal dingen vertelt die je geen klap interesseren. Of vol staat met prietpraat die je ook met eigen ogen kunt zien.

Hoe vind je een goede reisgids?

Trouw dook in de markt. En verbaasde zich over zoveel reisgidsen, zoveel series. En sprak met drie betrokkenen: een maker, een uitgever en een verkoper.

“De klant wil glimmende plaatjes”, vertelt Hans Janssen, uitgever van de Kosmos-gidsen. “Maar kleurenfoto's zijn voor een Nederlandse uitgever te duur; hij kan niet concurreren tegen buitenlandse gidsen die, voor een grotere markt, veel goedkoper gemaakt worden. Dus gaan Nederlandse uitgevers in zee met grote buitenlandse uitgeverijen voor co-edities. Ze hoeven alleen de tekst te vertalen, die per land apart in de lay-out wordt gezet. Zo komen de gidsen van Nelles, Duncan, Capitool, Baedeker, Berlitz, Marco Polo, Thomas Cooke en vele andere tot stand.”

Er zijn ook oorspronkelijk Nederlandse series: de ANWB-gidsen, de Kosmos-reisgidsen en de Dominicus-reeks zijn de bekendste. Nederlandse gidsen hebben het voordeel dat er zaken in staan die met name voor Nederlandse reizigers van belang zijn. Dat kan wisselen van het adres van de Nederlandse ambassade tot weetjes als dit-en-dit beroemde/opvallende/omstreden bouwwerk in den vreemde is van een Nederlandse architect of een stukje vaderlandse geschiedenis in een ver vreemd land.

Dat er zovéél grote series zijn, is het gevolg van een ongelukkig samenspel van uitgevers en boekhandelaren, vertelt de uitgever. De boekhandelaar vindt dat makkelijk: een serie met zoveel mogelijk landen erin. Die bestelt gewoon zo'n serie en heeft dan in één klap iets compleets in huis. Aha, denken vervolgens allerlei uitgevers, dat is goeie business, en voor je het weet is er wéér een serie reisgidsen bij, die alwéér lijkt op al die reeksen die er al waren. Zo jutten zij elkaar op. En de reiziger in spe is de pineut. Want een serie is geen kwaliteitsgarantie: niet alle delen in een reeks zijn even goed. Dus moet de aanstaande Toscane-reiziger toch weer gewoon alle Toscane-gidsen afzonderlijk ter hand nemen en op hun waarde beoordelen. En dat is bij zo'n overstelpende hoeveelheid vooral een kwestie van het hoofd koel houden en flink wat tijd uittrekken om te zoeken en te vergelijken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden