De berenklauw overwoekert alles en duikt overal op

Bioloog Piet Ottens probeert een nieuw bestrijdingsmiddel uit. (FOTO REYER BOXEM) Beeld reyer boxem
Bioloog Piet Ottens probeert een nieuw bestrijdingsmiddel uit. (FOTO REYER BOXEM)Beeld reyer boxem

De berenklauw duikt overal op. In Groningen gaan particulieren met het mes en een verantwoord blauw goedje de giftige, woekerende plant te lijf.

’Au!” „Alles goed?” „Ja. Hier staan er ontzettend veel!” Met een tankje blauwe vloeistof op zijn rug baant Piet Ottens zich, af en toe struikelend, een weg door het Ten Boerster Bos. Bioloog Ottens en de andere leden van de boscommissie van het Groningse dorp Ten Boer hebben een missie. De berenklauw de kop indrukken. In Ottens tank zit een bestrijdingsmiddel. Hij besproeit met een spuit de grote jongens, de anderen hebben flaconnetjes waarmee ze jonge planten aanstippen. Buurtagent Harry Meier, ook lid van de commissie, heeft een groot mes meegenomen om takken af te snijden.

De berenklauw overwoekert alles en duikt overal op. Het Ten Boerster Bos is aan de plant ten prooi gevallen. Maar ook bijvoorbeeld de randen van het gloednieuwe Oldambtmeer, bij Blauwestad, verderop in Groningen, staan al vol met het spul. En Betty Buruma van de boscommissie vertelt hoe ze bij haar op de tennisbaan ook al last hebben.

Schitterende plant

Het is een schitterende plant met zijn grote witte schermbloemen, daar niet van, maar de boscommissie wil van het Ten Boerster Bos een toegankelijke recreatieplek maken, veilig voor kinderen. Zo’n plant wier harige stelen bij aanraking jeuk, brandblaren en soms zelfs bloedvergiftiging veroorzaken past daar niet bij. Ook niet omdat alles wat bij de berenklauw in de buurt gezet wordt het aflegt.

Jarenlang al bestrijdt Staatsbosheer de berenklauw in het 35 hectare grote bos met gif. De boscommissie helpt door planten uit te steken, vlak voor de zaadvorming. Ze bloeien van juni tot september. De jongste zoon van Catrien Venema van de commissie werd menig zaterdagochtend meegesleept. Vanochtend draaide hij zich liever nog een keer om in zijn bed, zegt zijn moeder die met lange mouwen, lange broek, handschoenen en ingesmeerd met anti-tekenspul het bos doorkruist. „Hij zei: Ik heb al zoveel berenklauw bestreden in mijn leven.”

Staatsbosbeheer laat het gevecht tegen de plant dit seizoen helemaal over aan de boscommissie, een onderdeel van Dorpsbelangen. Piet Ottens wil het door hem gemaakte blauwe goedje testen. Dezer dagen gaat hij haast dagelijks met de spuit op pad, als hij de hond uitlaat. Ottens, verbonden aan het bedrijf Eco Protecta in Franeker, waar ze milieuvriendelijke middelen voor de glas- en tuinbouw maken, hoopt volgend jaar zijn uitvinding op de markt te brengen. „Nu al is er veel vraag naar.” Het middel maakt dat de plant geen voedsel meer op kan nemen”, legt hij uit. De vloeistof ruikt sterk naar azijn, maar wat er verder allemaal in zit, houdt hij liever voor zich. Het is natuurlijk ecologisch. Ottens maalt er ook totaal niet om dat het tankje op zijn rug lekt en hij er langzaam als een smurf uit komt te zien. Hij heeft erger meegemaakt. Een helft van zijn gezicht is verlamd, als gevolg van een tekenbeet. „En vanochtend ben ik nog door een wesp gestoken.”

Beheersbaar

In het bos is goed te zien dat eerder ingesmeerde planten afsterven. Ottens is trots op die resultaten. „Normaal zou de plant al anderhalf tot twee meter hoog zijn.” Ook Catrien Venema is tevreden: „We hebben het al behoorlijk beheersbaar gemaakt.’’ Onderweg wijst ze struiken aan die ze pas hebben gepoot, met een bijdrage uit de projectpot ’bloeiende bosranden’ van Staatsbosbeheer. De meidoorns, sleedoorns en Gelderse rozen doen het goed.

Waar de berenklauw in het bos vandaan is gekomen? Ottens weet niet beter dan dat hij er bewust is ingezaaid, bij de aanplant in 1974. Hovenier Theo Verhoeven uit Woltersum, dichtbij Ten Boer, betwijfelt dat. Hem lijkt het logischer dat het begonnen is met mensen die stiekem snoeiafval in het bos hebben gedumpt. Dat komt hij vaak tegen. En dan is er geen houden meer aan.

Verhoeven heeft een kast vol plantenboeken. De berenklauw wordt daarin liefdevol beschreven, zo blijkt. Ook de positieve eigenschappen worden genoemd. Het monumentale uiterlijk waardoor hij goed uitkomt in tuinen van landhuizen en buitenplaatsen. En dat hij aantrekkelijk is voor vlinders en geliefd voor droogboeketten. Maar eerlijk gezegd kent Verhoeven niemand die de plant bij vol bewustzijn nog poot.

In zijn eigen tuin heeft Verhoeven ze ook. In een hoekje waar niemand er tegenaan loopt, achter een hekje, langs het water achter zijn huis. Verhoeven ziet er streng op toe dat de plant niet aan de wandel gaat. „Ik knip de bloemen er op tijd uit.” De hovenier hoeft er geen handschoenen bij aan. „Ik zit de hele dag in dat spul.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden