De Balkan is niet zo bijzonder meer

Het is weer veilig in Bosnië en vluchtelingen keren terug naar hun land. Maar economisch ligt het land op zijn gat. Hier ligt een taak voor de Europese Unie, die achtergebleven regio's in het zadel helpt. Bosnië is niet anders dan destijds Portugal of Griekenland.

Nicole Lucas

SARAJEVO, AMSTERDAM - Er wonen weer Serviërs in Drvar, in het westen van Bosnië. Ze vormen weliswaar nog geen zeventig procent van de stadsbevolking zoals voor de oorlog, maar zijn inmiddels aardig op weg. Bosanska Grahovo, niet ver daar vandaan, is daarentegen nog altijd een spookstad. Van de zeventig flats die onlangs geheel opgeknapt zijn opgeleverd, wachten er nog ruim zestig op hun oorspronkelijke (Servische) eigenaar.

Het verschil, aldus Peter Bas-Backer, zit hem niet in de manier waarop Serviërs door hun oude/nieuwe Kroatische en Moslim-buren worden bejegend. ,,Bosnië is een redelijk veilige plek geworden', aldus de Nederlander, die bij het Kantoor van de Hoge Vertegenwoordiger (het internationaal bestuur van Bosnië), hoofd is van de afdeling die toeziet op de terugkeer van vluchtelingen. ,,Veiligheid is niet meer het belangrijkste criterium waarom mensen ervan afzien terug te gaan naar hun oude woonplaats. Ze kijken vooral of er werk is.'

Bosnië is zeven jaar na de oorlog geen plek meer om bang voor te zijn. Wie wil kan zonder veel problemen het hele land bereizen, veel vluchtelingen zijn naar huis teruggekeerd. Al is Bosnië niet meer de etnische lappendeken die het was, en zal ze dat voorlopig ook niet worden.

Tienduizenden mensen hebben gebruikgemaakt van in 1999 aangenomen eigendomswetten, die het mensen mogelijk maakt beslag te laten leggen op huizen en flats die ze tijdens en vlak na de oorlog gedwongen waren te verlaten. ,,Als het huis dan weer hun eigendom is, verkopen ze het vaak', aldus de diplomaat, ,,Ze hebben ergens anders hun leven weer opgebouwd, hun kinderen gaan er naar school. Maar dat is dan hun eigen keus'.

De deplorabele toestand van de economie is wat Bosniërs tegenwoordig het meeste dwarszit. De werkloosheid is en blijft hoog, de vooruitzichten slecht. Vraag aan jongeren wat zij het liefst willen en het antwoord is 'weg'. Buitenlandse investeerders kijken nog altijd de kat uit de boom. Coca-Cola, dat sinds enkele jaren een grote fabriek heeft niet ver van Sarajevo, dreigde onlangs zelfs weer te vertrekken, ontevreden als het was over de duizend-en-een regels waaraan het bedrijf moet voldoen.

Ondertussen, aldus Marcus Cox, analist op het Sarajevose kantoor van de gerenommeerde Duitse denktank European Stability Initiative, geeft Bosnië wél veel geld uit: allerlei verlieslijdende staatsbedrijven worden met subsidie overeind gehouden, de meest agressieve groepen in de samenleving afgekocht. ,,Oorlogsveteranen bijvoorbeeld kunnen rekenen op zeer fatsoenlijke pensioenen, terwijl iets als kinderbijslag nauwelijks bestaat.' De overheidsuitgaven van Bosnië, aldus de Brit, liggen ruim twintig procent hoger dan landen met een vergelijkbaar peil van economische ontwikkeling.

De rekening wordt in feite betaald door de internationale gemeenschap, die tijdens en na de oorlog miljarden in de Balkanrepubliek heeft gestopt. Maar diezelfde internationale gemeenschap begint Bosnië en omgeving zo langzamerhand goed moe te worden. Ze heeft bovendien dringende zaken (Afghanistan bijvoorbeeld) aan het hoofd. De komende jaren houdt ze de hand op de knip.

Tegelijk laat de broodnodige herstructurering van de economie op zich wachten. In 1990, toen Bosnië nog deel uitmaakte van de Socialistische Federale Republiek Joegoslavië (SFRJ), maakte de Joegoslavisch premier Ante Markovic een begin met privatisering. Tijdens de oorlog kwam dat proces nagenoeg stil te liggen. Sindsdien belijden politici wel de noodzaak van de verkoop van staatsbedrijven, maar kunnen ze er in de praktijk maar moeilijk afstand van doen. In de Moslim-Kroatische Federatie wordt het doel om uiterlijk eind 2002 zestig procent van de grote bedrijven te hebben verkocht, bij lange na niet gehaald. De teller stokt voorlopig bij 17 procent. De cijfers voor Republika Srspka zijn zeker niet beter.

Volgens Cox ligt hier een belangrijke taak voor de Europese Unie. ,,We moeten af van het idee dat de Balkan zo bijzonder is. Vergelijk het met Griekenland, Portugal, Spanje een paar decennia geleden. De EU heeft inmiddels een heel instrumentarium om achtergebleven regio's in het zadel te helpen. Daar kunnen ze hiermee ook aan de slag'. Dat is in het belang van Bosnië en in het welbegrepen eigenbelang van Brussel. ,,Nu is het hier rustig en voorlopig zie ik ook geen kans op nieuwe onrust. Maar als het land verder wegzakt in de misère, weet je het maar nooit'.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden