De balans van drie weken oorlog

Tijdens de oorlog in Gaza vielen aan Israëlische zijde dertien slachtoffers tegenover zo’n 1300 Palestijnen. Legde Israël ditmaal de nadruk op het beschermen van zijn eigen mensen of pleegde het oorlogsmisdaden? „Dit was geen oorlog. Het leger rukte op, terwijl de andere kant slechts wegvluchtte. Het leger trok niet op voordat alles verwoest was.”

’We zijn heel agressief en bruut geweest. (...) Er zijn dorpen en buurten waar we doorheen zijn getrokken en geen millimeter asfalt heel hebben gelaten. Als je erdoorheen trekt met tank- en pantsereenheden, blijft er weinig intact. Er staat daar geen huis dat niet geraakt is door tankmortieren of soms door een van onze geplande explosies. Mensen zullen hun straat niet herkennen.”

Dit citaat, uit een Israëlische krant, is van een Israëlische officier. Israël maakt de balans op van drie weken oorlog, die misschien geen oorlog was. Israël spreekt van een campagne. Burgers in Gaza van een bloedbad en een vernietigingsoorlog. Misschien komt het begrip ’politionele acties’ meer in de buurt, of strafexpeditie. Waarbij Israël zich wilde revancheren voor de ’mislukte oorlog’ in Libanon en zijn afschrikkingskracht wilde herwinnen. Of was het indirect een oorlog tegen Irans invloed aan Israëls grenzen?

Nog een citaat van de Israëlische officier: „Ik ben niet extreem en ben niet uit op onnodige verwoesting, maar dit keer was het gerechtvaardigd. Tot je daar bent, lijken het allemaal verhalen. Maar als je er eenmaal rondloopt, zie je dat in elk huis boobytraps zijn aangebracht en elk derde huis wapens heeft.”

Hamas slaagde er in die drie weken in om zijn raketten te blijven afvuren; 600 in totaal. Toch geeft Hamasleider Khaled Masjaal nu toe niet op zó’n Israëlisch antwoord te hebben gerekend. „We dachten dat het hooguit drie dagen zou duren”, zei hij.

Vele Israëliërs vinden juist dat het leger ’te vroeg’ is opgehouden. „Ze hadden heel Gaza moeten platgooien”, is een veelgehoorde uitspraak. Wie er tegenin gaat, krijgt te horen dat a) hij niets van Arabieren begrijpt, want ’die’ begrijpen alleen de taal van geweld; b) zelf maar eens moet ervaren hoe het is om acht jaar onder raketaanvallen te leven en c) de strijd tegen Hamas ook die tegen Iran is, en dat de Europeanen Israël dankbaar moeten zijn dat het die strijd voor ze voert. Ook voor de rest van het alfabet ontbreken de argumenten niet.

Uit de peilingen, tweeënhalve week voor de verkiezingen, blijkt dat de ster van minister van defensie Ehoed Barak is gestegen. Israëls meest gedecoreerde generaal heeft alle zetten even minutieus voorbereid als uitgevoerd. Hij bracht de Israëliërs zowel revanche voor de ondoordachte oorlog in Libanon in 2006, als herstel van het geschonden vertrouwen in het leger. Maar Barak had niet als doel Hamas uit te schakelen en wilde zeker niet Gaza opnieuw bezetten.

De kiezer prijst de voorman van de Arbeiderspartij om zijn vakmanschap, maar wil hem niet als premier. Voor die positie heeft de rechtse Likoedleider Netanjahoe dankzij de strijd in Gaza aan kracht gewonnen. Tijdens de ’oorlog’ – als elke kritische noot uit den boze is – schaarde hij zich achter de regering. Nu scoort hij met de roep dat Israël voorgoed met Hamas had moeten afrekenen.

Ook het Israëlische thuisfront werd tijdens het Gaza-offensief doeltreffend bewerkt, waarbij het beeld ontstond dat haast elk huis in Gaza van bomvalstrikken was voorzien en dat er een ondergronds Gaza bestond met wapendepots en tunnels. Er zou een elite-eenheid bestaan, door Iran getraind om strijd te leveren met de Israëlische strijdkrachten.

In feite is er amper slag geleverd. De Israëliërs trokken binnen, nadat hun luchtmacht meer dan honderd doelen had gebombardeerd, terwijl de artillerie ’de weg effende’ voor de grondtroepen. De militairen hadden opdracht geen kogels te sparen. ’Gespreid vuren’ heette dat bevel: schieten om je eigen risico te verkleinen.

’De juiste omstandigheden creëren’, noemde de Israëlische kolonel Ilan Malka het. „Ik stuur geen soldaten een huis vol bomvalstrikken binnen, zodat ze worden opgeblazen, als ik niet eerst de voorwaarden heb geschapen om hun veiligheid te garanderen.”

Het is, met het gebrek aan weerstand, een van de verklaringen voor het geringe aantal slachtoffers aan Israëlische kant (10 militairen, deels door eigen vuur, en drie burgers) tegen 1300 Palestijnen, van wie twee derde burgers – al zijn die schattingen omstreden.

Volgens de Israëlische defensie-expert Reuven Pedatzur was Israëls doel – de veiligheidssituatie in het zuiden veranderen – te vaag. „Daardoor kon premier Olmert na afloop beweren dat alle doelen waren bereikt. Maar de militairen vertaalden het met: de Palestijnen in totale shock brengen door zoveel mogelijk aan Hamas gelieerde Palestijnen te doden.” ’Overkill’ noemt Pedatzur het. „Afschrikkingskracht had Israël ook met veel minder doden kunnen bereiken. En een akkoord om te voorkomen dat Hamas zich via de tunnels opnieuw bewapent, is er niet.”

Bovendien, zegt Pedatzur, maken die honderden Palestijnse doden de cirkel van haat alleen maar groter. Hij bestrijdt elke vergelijking met de oorlog in Libanon. „Daar is gevochten, hier niet. Dit was geen oorlog. Het leger rukte op, terwijl de andere kant slechts wegvluchtte. En men trok niet op voor van alles was verwoest. Alle verhalen dat het leger het zo fantastisch heeft gedaan, slaan nergens op. Het gevaar is dat ze er nog in gaan geloven ook.”

Of er oorlogsmisdaden zijn begaan, kan hij niet zeggen: „Wat wij hier te horen kregen, was allemaal via de legerwoordvoering. In iedere oorlog vallen burgerslachtoffers. Alleen viel het nu meer op vanwege het dichtbevolkte gebied en de methode. Het probleem is dat ze geen moeite hebben gedaan om het aantal slachtoffers te beperken.”

Palestijnen vertellen over burgers op wie geschoten werd, al voerden ze witte vlaggen mee. Over mensen die naar scholen vluchtten en daar alsnog getroffen werden, en huizen die met inwonenden en al onder vuur werden genomen. Drie kleine zoontjes van de Samoeni-clan werden gedood bij een beschieting op een huis waar ze, op last van het Israëlische leger, heen waren ’geëvacueerd’. Toen de familie de kinderen wilde begraven, moesten ze vluchten omdat de begraafplaats onder vuur werd genomen. Drie dochters van een Palestijnse arts werden gedood bij een beschieting op hun huis. De noodkreten van de arts die regelmatig vanuit Gaza voor de Israëlische tv had bericht, waren live op de Israëlische tv te horen. Het zijn slechts de bekendste voorbeelden van de honderden burgerslachtoffers.

In haast alle gevallen beriep Israël zich erop dat er vanuit de bewuste plek was geschoten, of dat – in het geval van luchtbombardementen – de huizen, gebouwen en moskeeën als wapenopslagplaatsen dienden.

Aantijgingen dat Israël fosforgranaten in bewoond gebied had gebruikt, werden aanvankelijk ontkend. Maar intussen onderzoekt het Israëlische leger of een eenheid per ongeluk fosforgranaten heeft afgevuurd in bewoond gebied. In een bericht in de krant Ha’aretz noemen commandanten deze granaten „zeer effectief, maar er zijn ook ernstige ongelukken” mee gebeurd, zoals de beschieting van een VN-school waarbij 42 Palestijnen omkwamen.

De Noorse arts Erik Fosse, die in het Sjifaziekehuis in Gaza werkte, beschuldigt Israël ervan Dime-bommen te hebben gebruikt. Dime staat voor dense inert metal explosive, en is bedoeld om de schade te beperken, maar veroorzaakt wel meervoudige wonden en interne bloedingen. Fosse beschuldigt Israël ervan opzettelijk burgerdoelen te hebben bestookt en bewust het offensief te zijn begonnen toen vele westerse hulpverleners naar huis waren voor de Kerst. „Als wij er niet waren om te rapporteren, zou alles worden afgedaan als Hamas-propaganda.”

Overigens was al twee maanden voor het uitbreken van de strijd ook de buitenlandse media de toegang tot Gaza ontzegd. Tijdens de oorlogsweken sloot Israël het gebied hermetisch af.

Hoewel Hamas de weken voor het offensief de beschietingen had opgevoerd, en een reactie leek uit te lokken, was het tijdstip van de aanval waarschijnlijk geen toeval. Tussen Kerst en Nieuwjaar is de wereld met vakantie, internationale druk zou op zijn vroegst in de eerste week van januari beginnen. Mogelijk was er ook een einddatum ingecalculeerd: 20 januari, de inauguratie van Obama. Israël wilde diens feestje niet verstoren, maar ’Gaza’ ligt nu ook op zijn bord. Het is niet voor niets dat Obama’s eerste officiële telefoontje naar de Palestijnse president Abbas was.

De Israëlische advocaat en activist Michael Sfard heeft geen twijfel dat Israël oorlogsmisdaden heeft begaan. Hij noemt de aanval tijdens een ceremonie voor politieagenten en het bombarderen van overheidsgebouwen. Sfard beschouwt de uitspraak van minister Livni van buitenlandse zaken dat Israël bewust buitensporig is opgetreden, als „op zijn minst problematisch”. Het bizarste voorbeeld noemt hij de luchtaanval op het huis van Hamaskopstuk Nazar Rajan, waarbij ook twee van zijn vrouwen en vier van zijn kinderen werden gedood. Israël voert aan dat er een wapendepot onder zijn huis zat en dat het tevoren had gewaarschuwd het huis te ontruimen. Sfard: „Ook al weigerden ze te vluchten, dat rechtvaardigt nog zo’n aanval niet. Israël heeft recht op zelfverdediging, maar elke aanval moet proportioneel zijn en je moet zo min mogelijk burgers treffen.”

Als grootse nalatigheid noemt Sfard – die regelmatig zaken van Palestijnen behartigt – dat de burgerbevolking niet kon vluchten via een humanitaire corridor. „Ik hoorde van cliënten in Gaza dat ze naar rechts en naar links zijn gevlucht, maar nergens heen konden. Neem het gegeven dat er dagelijks in Gaza 400 geboortes plaatsvinden, waarvan zestien met de keizersnede. Wat is daarmee gebeurd in die weken?”

Een uitleg voor Israëls optreden heeft hij nog niet. „Er gaan twee gedachten door mijn hoofd”, zegt hij. „De eerste is dat we in Libanon al de Rubicon zijn overgestoken en zonder schaamte op burgers hebben geschoten. De tweede is dat alle Israëlische leiders door de jaren heen de mensen hier hebben gevoed met de dehumanisering van Gaza. Rabin riep al dat wat hem betreft Gaza in de zee mag verdwijnen. Voor de Israëliërs is het een soort wereld van sodom; de mensen daar hoef je niet als mensen te behandelen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden