De bal is rond, én vredelievend

De helft van de spelers heeft twee oorlogen meegemaakt. Thuis spelen kunnen ze niet, want hun stadion is verwoest. Maar voetbalclub Terek uit de Tsjetsjeense hoofdstad Grozni wil laten zien dat Russen en Tsjetsjenen nog wel wat anders kunnen dan vechten. ,,Wij zijn de enige witte vlek van onze republiek.''

Het kleine publiek van de wedstrijd Pjatigorsk-Kislovodsk zit bovenaan de tribune om te schuilen tegen de regen. De spelers van Terek, in hun nieuwe rood-zwarte Adidas-trainingspakken op een rij, juichen voor de thuisclub Kislovodsk. Want in dit stadion is de club uit Grozni, na zeven jaar stilstand, sinds een paar maanden weer aan het trainen. De 'thuiswedstrijden' worden gespeeld in Tsjerkessk, twee uur rijden van het trainingskamp. ,,De burgemeester hier is bang voor aanslagen van Tsjetsjenen'', zegt Sjachin Denijev (33), die in de pauze zijn ogen even los kan rukken van het veld. Volgens de trainer is die angst niet nodig. ,,Voetbal leeft in Tsjetsjenië. Iedereen steunt ons, ook de rebellen. Een van hun leiders, Basajev, is oud-speler en staat nog steeds achter ons.''

De jonge Azeri, ook oud-speler van Terek, kreeg afgelopen herfst een telefoontje. Of hij trainer wilde worden en het team binnen twee maanden kon klaarstomen. Pas eind februari kreeg Terek toestemming voor een herstart in de tweede divisie, met clubs uit Zuid-Rusland. ,,Ons doel is terug te keren naar de eerste divisie'', zegt Denijev vastbesloten. ,,Met slechts drie verloren wedstrijden uit dertien wedstrijden liggen we goed op koers. Terek stond altijd al bekend om zijn technisch, beschaafde en solide stijl.''

Ondanks het sportieve succes hangt het oorlogsgeweld als een loodzware wolk boven de voetbalclub. Vlak voor het uitbreken van de eerste oorlog in 1994 durfden de Russische tegenstanders van Terek niet meer naar Grozni te komen. De club zag zich gedwongen te stoppen. De oorlog dreef de spelers vervolgens naar naburige republieken. ,,Zeven van de huidige 23 spelers zaten al in het oude team'', vertelt Denijev. ,,Geen van hen heeft gevochten, maar het is psychologisch een extra belasting voor mijn jongens. Ze hebben hun jeugd verloren, een enkeling leefde in kelders. Als er in Grozni iets gebeurt, zijn ze met hun hoofd daar waar hun familie woont.''

Bij de ontvangende clubs heeft Terek het zwaar, weet de trainer. ,,Iedereen dacht: daar heb je die bandieten uit Grozni. Maar de reacties zijn positief, zonder uitzondering. Mijn team heeft een naam hoog te houden, we moeten ons extra goed gedragen. Terek is de enige witte vlek van de republiek, verder horen mensen geen enkel positief of cultureel bericht uit Tsjetsjenië.'' Lastig is ook dat Terek voorlopig weinig thuispubliek heeft. In Tsjerkessk wonen zo'n 5000 Tsjetsjeense vluchtelingen, maar bijna niemand heeft geld en moed de club achterna te reizen.

,,Binnenkort zullen we met bussen voor het eerst fans uit Grozni naar een wedstrijd halen'', zegt Chaidar Alchanov. ,,Al doen ze er uren over met al die controleposten.'' De nieuwe

Tsjetsjeense minister van sport en - voorlopig nog een wrange titel - toerisme is de drijvende kracht achter de heroprichting van de club. Alchanov was zelf ooit een sterspeler en later directeur van Terek. Hij wist het door Moskou gesteunde bestuur van Achmad Kadirov zover te krijgen dat ze een half miljoen dollar toezegden. Ook kreeg de club een Mercedes-spelersbus en een redelijk draaiende sovchoz en broodfabriek in Tsjetsjenië om in inkomsten te voorzien.

Kadirovs zoon is een grote fan van Terek en ook zijn vader komt regelmatig kijken. Alchanov vindt niet dat het voetbal te veel aandacht en geld krijgt, in vergelijking met het herstel van de republiek. ,,We richten ook de voetbalschool in Grozni opnieuw op, stimuleren het sporten onder de jeugd. Dat is juist belangrijk voor de wederopstanding van Tsjetsjenië. Sport houdt kinderen van alcohol en drugs af, geeft hun frustraties een goede richting. De tijd is nu rijp, er is wat geld en we hebben de steun van Poetin en de gouverneur van de Kaukasusregio.''

Verdediger Isar Bajtirev (34) behoort tot de oude garde spelers en woont net als de rest in een zweterige hotelkamer naast het stadion. Hij onderhoudt van zijn salaris - ,,we krijgen veel, 300 dollar per maand'' - z'n ouders en vijf broers in Grozni. Onlangs ging Isar voor het eerst sinds lange tijd naar hun halfverwoeste huis. ,,De Russische militairen onderweg lieten me zonder problemen door. Ze hadden allemaal over Terek gehoord en wensten me succes.''

Tegen de Russen spelen vindt hij niet moeilijk, maar gevraagd naar zijn mening over Poetin, sputtert hij slechts minachtend. ,,In ons team zitten Russen en we zijn vrienden. Wij willen de wereld laten zien dat we nog wat anders kunnen dan vechten.''

Voetbal is oorlog, zei de Nederlandse bondscoach Rinus Michels ooit. Maar in het door oorlog getroffen Tsjetsjenië ligt dat anders. ,,We zijn vrienden met Russen in ons team'', zeggen Tsjetsjenen. ,,We kunnen nog wel wat anders dan vechten.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden