De arrogantie van de macht op school

Over pesten op school wordt vaak geschreven maar dan gaat het over pesten van leerlingen onderling. Niet over intimidatie van kinderen door docenten. Het verhaal van een vader. De auteur werkt als docent en vertrouwenspersoon op een school voor voortgezet onderwijs.

Seksuele intimidatie of het onterecht dan wel ongebreideld pedagogisch straffen is duidelijker constateerbaar dan geestelijke intimidatie. Wie over dit laatste wil klagen zal zelden gehoor krijgen; het blijft bij een aantekening in het dossier van de docent-dader of een berisping. Het kind is echter rechteloos en de ouders stemloos. De Inspectie kan slechts bemiddelen, want het instituut school is oppermachtig. Eventueel kan alleen de rechter nog uitkomst bieden, zo blijkt uit publicaties in Trouw van 18 december. Een grote en mogelijk dure stap om erkenning te vinden.

Het is opmerkelijk dat er veel wordt gepubliceerd over pesten in de school. Het betreft altijd het pesten van leerlingen onderling. Het pesten van een leerling door een docent komt zelden of nooit voor het voetlicht. Alleen uit vertrouwelijke gesprekken met ouders blijkt dat het vaker voorkomt dan bekend is.

Het is goed dat er in maart volgend jaar een symposium wordt gehouden met de prikkelende titel Is de school te vertrouwen. Het valt te hopen dat daar ook ruim aandacht wordt geschonken aan geestelijke intimidatie en aantasting van de morele integriteit van (soms jonge) leerlingen. Deze vorm van intimidatie is moeilijk hard te maken, maar dat ontslaat het schoolbestuur of de Inspectie of wie dan ook, niet van de plicht maatregelen te treffen en recht te doen aan de beschadigde leerling.

Als vader heb ik aan den lijve ervaren hoe het is om bij het schoolbestuur aan te kloppen met een klacht over stelselmatige geestelijke intimidatie en sociaal-emotionele minachting door een docent van mijn dochter van 11 jaar. Het heeft de laatste anderhalf jaar van haar basisschool-tijd gespeeld en ik kan nu constateren dat ze geen vertrouwen in docenten heeft, ze zegt niets meer.

In een eerder stadium had ik al gesproken met de docent en de schoolleiding over het bedenkelijke onderwijskundige niveau van de school; de klas had een van de laagste Cito-scores van het land. Na opmerkingen hierover is het treiteren, dat al structureel was, openlijk begonnen. Murw gemaakt vluchtten mijn dochter en in haar kielzog een vriendin die solidair was, aan het begin van haar laatste schoolweek weg van de basisschool.

De laatste twee dagen zijn beide kinderen, na spoedoverleg, toch nog even teruggekeerd. Na de zomervakantie zou volgens een afgesproken procedure de vertrouwensrelatie met de ouders weer worden opgebouwd. Na een half jaar bleek dat de school, zonder de ouders in kennis te stellen, was afgeweken van deze procedure. Met de betrokken docent was uitvoerig gesproken, terwijl de ouders niet werden gehoord. Half december kwam er een uitnodiging voor een gesprek van hooguit drie kwartier. Het bestuur had besloten de deur van het verleden te sluiten. De kinderen zaten nu toch op het voortgezet onderwijs en de ouders hadden weliswaar nog wel kinderen op school, maar niet bij de betreffende docent en hadden dus geen recht van spreken meer. Het bestuur zou verder de docent extra nauwlettend volgen en na signalen direct reageren; andere maatregelen bleken niet mogelijk.

Ik heb daarna nog geprobeerd duidelijk te maken dat het wel opvallend was dat bij een opmerkelijke grote groep leerlingen van de klas door docenten van het voortgezet onderwijs was geconstateerd dat er grote hiaten waren en een ingeworteld wantrouwen jegens docenten. Wat te doen als blijkt dat deze leerlingen, vanwege constateerbare onderwijskundige wanprestaties en geestelijke intimidatie, langer over het voortgezet onderwijs doen of hun schoolloopbaan niet afmaken?

Als vader, maar ook als iemand die in het onderwijs werkt, heb ik de geestelijke beschadiging van mijn dochter met lede ogen moeten aanzien. Ik sta met mijn rug tegen de muur. Zeker als in Trouw wordt geconstateerd dat de Inspectie (noodgedwongen?) slechts een vertrouwensrelatie met een school kan hebben om toch nog enige invloed te kunnen uitoefenen.

Wat ik oprecht hoop, is dat verenigingen van ouders of individuele ouders zich meer dan voorheen zullen laten horen bij de rechter om een eind te maken aan de arrogantie van de macht van schoolbesturen en de betrekkelijke onmacht van de Inspectie. De oplossing om je kind van school te halen, weg bij vrienden en vriendinnen, is een knieval en ontslaat een school van de noodzaak na te denken over echte maatregelen.

Het wordt tijd niet alleen meer de docent, maar ook de leerling te beschermen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden