De Amsterdamse Ponte Vecchio strandde op de financiën

Aannemer Jan Galman maakte in totaal 36 plannen voor een brug over het IJ. Dertig jaar bleef hij ervoor lobbyen. Zijn meest Amsterdamse voorstel diende hij in het midden van de jaren vijftig van de negentiende eeuw in. Dit ontwerp ademde de handelsgeest waarmee de hoofdstad een paar eeuwen eerder een metropool met mondiale uitstraling was geworden. Galman, van oorsprong timmerman, liet zijn oeververbinding dragen door 107 pakhuizen met daarboven gelegen woningen. De meeste bij de op- en afritten op driehoekige, aan te leggen eilanden in Noord en op de kop van het Damrak, waar de stad toen eindigde (het Centraal Station van Cuypers moest nog worden gebouwd). Een paar pakhuizen ondersteunden het midden van de brug.


Was Galmans ontwerp gerealiseerd dan had het ongetwijfeld een van de meest gewilde en kostbaarste woon- en werkplekken van de stad opgeleverd plus een iconisch en veel gefotografeerd monument. Ergens in de eerste jaren van het volgende decennium zal Amsterdam vanaf Java-eiland verbonden zijn met het sterk in ontwikkeling zijnde Noord. Er wordt zelfs hardop nagedacht over een tweede brug. Maar anno 1852 zaten weinigen nog te wachten op Galmans Amsterdamse en grootse variant van de Florentijnse Ponte Vecchio. Noord bestond nog niet. Galman dagdroomde wel over nieuwe stadswijken daar. Maar dat leek voorlopig onvoorstelbaar. Het zeventiende-eeuwse grachtengordeljasje werd stilaan te krap. Maar de uitbreiding zocht de stad daar onmiddellijk buiten. De Pijp, de Dapperbuurt, de Kinkerbuurt en de Staatsliedenbuurt dienden in de tweede helft van de negentiende eeuw om het toenemend aantal hoofdstedelingen onderdak te bieden.


Het eerste plan voor een IJbrug dateerde van een jaar of vijftien voor Galmans pakhuizenplan. Aannemer Tijmon Kater uit Monnickendam had deze bedoeld als fatsoenlijke toegang voor de boeren uit het Noord-Hollandse die Amsterdam van levensmiddelen voorzagen. De stenen boogbrug zou meteen een monumentaal eerbetoon moeten worden aan Nederlands nieuwe koning, Willem II. Media reageerden enthousiast. "Eindelijk bestaat de kans dat weer een grootsch en nuttig kunstgewrocht te meer op Neerlands bodem komt te staan", schreef het Algemeen Handelsblad. De krant vond de brug een sieraad voor de stad dat bovendien bijdroeg aan de veiligheid van de agrariërs die Amsterdam bevoorraadden. De gemeente zette een onderzoekscommissie aan het werk die het plan moest wegen. Kater liep een kater op. Het gezelschap van deskundige heren oordeelde dat de stad geen verbinding over het IJ nodig had. Op die noordoever woonde slechts een halve man en een paardenkop.


Behalve Kater en de vasthoudende Galman maakten meer mensen ontwerpen voor overspanningen van het IJ. Knappe ingenieurs en toegenomen technische mogelijkheden maakten in die dagen steeds meer mogelijk. In 1871 werden zelfs de noord- en de zuidzijde van het Hollandsch Diep met elkaar verbonden. Veertien aan elkaar gekoppelde vakwerkbruggen van elk 103,3 meter, waarin 6,5 miljoen kilo staal werd verwerkt, waren nodig voor de Moerdijkbrug.


De nuchtere bestuurders van Amsterdam lieten zich echter niet betoveren door welk staaltje ingenieurskunst ook. Ze waakten over hun financiën en vreesden voor aanslibbend materiaal bij de dragende delen van de brug in een toch al verzandende haven.


Het IJ was ondertussen vanaf 1876 dankzij de opening van het Noordzeekanaal niet alleen meer verbonden met de Zuiderzee. Met het voor deze waterloop weggegraven zand werden kunstmatige eilanden bij Amsterdam aangelegd. Op een daarvan verrees het Centraal Station. De eerste echte brug ging pas in 1957 open. Die Schellingwouderbrug lag niet bij het centrum, maar een stuk oostelijker, in het Buiten IJ. In de jaren zestig volgden de Coentunnel en de IJtunnel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden